Protesteren, lekker eten, schoffelen in de moestuin
Jan Wolkers, ‘Dagboek 1973’ 
Hoe hij koffie zet ’s morgens, hij onderweg is met een pan boerenkool achter op de fiets, of geld gireert aan het Palestina Comité. Het staat allemaal te lezen in Wolkers’ ‘Dagboek 1973’. Een zoveelste in een niet bepaald overzichtelijke rij.
Eigenlijk is Jan Wolkers (1925-2007) nooit volledig uit de aandacht verdwenen. Vorig jaar bracht uitgeverij Meulenhoff in een ruim duizend pagina’s tellende verzameling zijn vroegere romans uit: ‘Kort Amerikaans’, ‘Een roos van vlees’, ‘Terug naar Oegstgeest’, ‘Horrible tango’, ‘Turks fruit’, ‘De walgvogel’ en ‘De kust’. Kortom, zijn beste proza. Na een conflict met zijn uitgever vond hij een nieuw onderkomen bij De Bezige Bij, die na ‘Dagboek 1968’, nu ‘Dagboek 1973’ laat verschijnen.
Een zoveelste dagboek, het is alweer goed voor een flinke portie leesvoer. In bonkige zinnen verneemt de lezer hoe hij aan zijn roman ‘De Walgvogel’ werkt, maar evenzeer hoe hij zijn dagen doorbrengt. Er is amper iets dat hij verhult. Het nieuwe jaar begint hij met bij de bank afhalen van 35000 gulden – geld dat hij bij uitgeverij Meulenhoff heeft verdiend – waarmee zijn nieuwe Citroën wordt betaald. Zit hij niet te tikken dan vindt hij rust in zijn volkstuintje op Amstelglorie, waar stokbonen worden geplukt of jonge prei wordt gezaaid.
Een bezoekje aan zijn ouders in Oegstgeest reveleert dat zijn moeder een boek aan het lezen is dat zijn vader kennelijk niet mag weten.
‘Als ik de titel hardop voorlees kan je aan mijn vader merken dat hij er niets van weet. Zijzelf is er een beetje betrapt door. Dat lieve gevaarlijke leven. Ze zijn verdomme lid van de EO geworden. Probeer ze terug te praten naar de NCRV. Maar het gif tegen de Wereldraad van kerken heeft al gewerkt.’
Iemand roept kapitalist naar hem
Het is tevens het jaar waarin de verfilming van ‘Turks fruit’ een gigantisch succes is, en de kritieken positief zijn. Als hij zich eind februari door de Leidsestraat richting hotel Americain begeeft, roept iemand “zo, kapitalist” naar hem. Niet enkel in Nederland loopt het publiek storm voor de film, in Parijs draait ‘Turks fruit’ zelfs in elf bioscopen. De roman gaat eveneens internationaal, wordt in het Frans, Engels en het Zweeds vertaald.
Ondanks dit alles verrast het hem dat filmproducent Rob Houwer niet helemaal tevreden is over ‘Turks fruit’. Er zat volgens hem een internationaal succes in. Wolkers doet er tijdens een etentje met de filmproducent het zwijgen toe, maar noteert wel na afloop: ‘Die rot Houwer brengt ons niet eens even met zijn auto naar huis. We moeten een taxi opscharrelen.’
Een schrijver op het toppunt van zijn roem
Tal van notities gaan over de vele vrienden die ten huize Wolkers gul worden ontvangen. Er is altijd een reden om een fles champagne te ontkurken en lekker te eten. Naar wat aan gerechten wordt opgediend valt niet te ontkennen dat de gastheer, als een volleerd kok, graag in de potten roert. En dan is uiteraard Karina, de roomverse geliefde, met wie hij zich aan seksuele experimenten waagt. Dagboekfragmenten zoals die alleen uit zijn pen kunnen vloeien.
Dit is alweer Wolkers recht voor z’n raap: spontaan en authentiek neergeschreven aantekeningen. Een schrijver op het toppunt van zijn roem, edoch zich niet te beroerd voelt om voor het goede doel met een collectebus geld in te zamelen. ‘Dagboek 1973’ voluit wie Wolkers was: een levensgenieter, natuurliefhebber, passioneel kunstenaar en gek op een triootje met Karina. Jammer dat wat duiding bij sommige namen en fragmenten ontbreekt. Een idee voor een volgend dagboek?

