Empathie als literair kompas : de essays van Zadie Smith
Zadie Smith : ‘Dood en levend : essays’ 
De Brits-Jamaïcaanse auteur Zadie Smith (1975, London) is een belangrijke en best invloedrijke stem in de literaire wereld. Op haar cv staan romans zoals ‘Witte tanden’ (2000) of het recentere ‘Charlatan’, naast verhalenbundels (‘Het verbond’), prentenboeken (‘Weirdo : uit het leven van een buitenbeentje’) of essays die ze onder meer voor The New Yorker schrijft. Veel van die essays komen afzonderlijk op de markt, zoals bijvoorbeeld het grotendeels uit de coronacrisis voortkomende ‘Overpeinzingen: zes essays’ (2020). Al worden ze soms ook gebundeld zoals in ‘Voel je vrij : essays’ (2018) of opvolger ‘Dood en levend : essays’ (2025).
Een uitnodiging
In deze laatste essaybundel raakt de Britse met Jamaïcaanse roots ook nu weer een veelheid aan onderwerpen aan. Literatuur, kunst, politiek, maatschappelijke onderwerpen, om er maar een paar uit te lichten. Toch valt Smith niet enkel op door haar eigenzinnige, soms scherpe blik op de dingen maar vooral ook op door een sterke openheid die ze combineert met een erg innemende warmte, humor en relativeringskracht. Veelzeggend in dat opzicht is volgend citaat:
‘Ik vind het belangrijk dat op zinsniveau de deur wijd openstaat voor iedereen. Hoe diep je vervolgens het huis binnengaat, dat mag iedere lezer zelf weten’.
Net zoals ze ook benadrukt dat ze er echt alles aan gedaan heeft om de lezer zo welkom mogelijk te doen voelen. Verder, zo stelt ze, is het aan de lezer om desgewenst stukken over te slaan of het oneens te zijn met haar.
Reflecties op de overgemediatiseerde wereld
Dat Smith interessante, vaak erg prikkelende essays schrijft, werd eerder met ‘Voel je vrij’ al duidelijk. Haar nieuwste bundel ‘Dood en levend’ sluit daar na ‘Overpeinzingen’ overigens best goed op aan. Zo belicht ze deze keer het leven in sterk gemediatiseerde tijden. Waarbij ze, zowel wijs als eigentijds, duidelijk maakt dat lezers van nu teksten vooral als ‘hypertekst‘ lezen en dus bij zowat elke verwijzing zelf hun eigen research gaan doen.
Tegelijkertijd is ‘Dood en levend’ ook een warm pleidooi voor het loskomen van de internetfilters en bubbels. Leve het boek, zo stelt ze onder meer. Al is het dus soms écht niet zo eenvoudig om de enorme overvloed aan digitale input, de smartphones, mails,.. even voor wat het is te laten. Het zorgt voor een menselijkheid die de kern van deze nieuwe essaybundel vormt. Dat maakt ook dat je haast niet anders kan dan veel respect te hebben voor Smith als ze schaamteloos toegeeft dat ze ergens leentjebuur speelt voor een niet erg bijster originele gedachte. Of de passage waarin ze wat zelfrelativerend aangeeft dat sommige van haar essays mogelijkerwijs als wat aan de langere kant ervaren kunnen worden.
Zoektocht naar nuance, diepgang en menselijkheid
Het is die diepe menselijkheid die Smith met flair en naturel nastreeft. Ook al gaat het zoals bijvoorbeeld in het ronduit fascinerende essay ‘Sjibbolets‘ soms om meer controversiële onderwerpen. Die gaat zij dus zeker niet uit de weg. Voor haar nieuwe bundel put ze ook deels uit de vele literaire essays die ze voor The New Yorker schrijft. Zodoende krijgen we stukjes over dode schrijvers zoals Martin Amis, Joan Didion, Philip Roth of Toni Morrison. Allen auteurs van wie ze aangeeft dat ze het niet altijd met hen eens is geweest, maar die ze dus onmiskenbaar respecteert. Zo geeft ze aan dat ze van elk van hen wel iets opgestoken heeft.
Bevrijd van digitale overprikkeling
Toch vallen er heel wat verrassingen te rapen. Zo heeft ze het onder meer over de opkomst van grime fenomeen Stormzy die Glastonbury veroverde, beschouwt ze ‘Tar’ (Todd Field) met een scherpe focus op generatieverschillen, man/vrouw tegenstellingen en machtsdiscours en neemt ze de lezer mee naar tentoonstellingen die werk tonen van de Afrikaans-Amerikaanse kunstenaar Kara Walker of van de Nigeriaans-Amerikaanse kunstenaar Toyin Ojih Odutola. Om het aan het einde ook even te hebben over een onderwerp als leeftijdsloosheid (!) of kort terugblikt op haar ervaringen in Kilburn Road.
‘Dood en levend’ van Zadie Smith openbaart zich als een erg onderhoudende essaybundel die zich uitstekend leent om los te komen van de vereisten van de digitale wereld. Zo brengt Smith met haar nieuwste essaybundel een niet mis te verstane boodschap van menselijkheid, van empathie en vooral van hartverwarmende solidariteit.

