‘Eddington’: Lachen is ongeveer het enige wat je kan doen
‘Eddington’ (2025) 
In het ingeslapen stadje Eddington, gelegen in het New Mexico van 2020, barst de sociale onrust los wanneer de coronapandemie en de dood van George Floyd het publieke leven op zijn kop zetten. De groeiende maatschappelijke polarisatie krijgt gestalte in het conflict tussen de eigenzinnige sheriff Joe Cross (Joaquin Phoenix) en de pragmatische burgemeester Ted Garcia (Pedro Pascal), die lijnrecht tegenover elkaar komen te staan. Regisseur Ari Aster levert met ‘Eddington’ opnieuw gedurfde cinema af en toont een trefzekere stijl en een niet te negeren lef.
Het intern kompas volgen
Ari Aster blijft een filmmaker om in de gaten te houden. Met titels als ‘Hereditary’ en ‘Midsommar’ zette hij zich even krachtig op de kaart als generatiegenoot Robert Eggers (‘The Lighthouse’, ‘Nosferatu’). Maar waar Eggers steeds meer richting de mainstream beweegt, koos Aster net het tegenovergestelde pad — tot frustratie van velen. Met ‘Beau Is Afraid’ sloeg hij een bewust vervreemdende koers in: een film die zijn publiek half belachelijk leek te maken met een grotesk en soms onnavolgbaar verhaal en met een speelduur voorbij het fatsoen. Die lijn van ontregeling trekt Aster onverminderd door in ‘Eddington’.

Voor veel kijkers zal deze revisionistische western-satire een bron van frustratie zijn: de behoefte om terug te willen keren naar de beklemmende coronajaren is beperkt. En hoewel Aster flirt met enkele genres is dit allerminst een genrefilm. Een genre werkt als een leidraad, volgt een eigen interne logica en biedt een houvast voor de kijker. Dat ontbreken kan als verwarrend of vermoeiend aanvoelen, maar het onderstreept ook dat Aster zijn eigen koers vaart. Die eigenzinnigheid verdient bewondering, al is het aanvankelijk irritant dat je amper kunt bepalen wie hier eigenlijk een goed mens is – al maakt Joaquin Phoenix gaandeweg pijnlijk duidelijk dat hij dat in elk geval níét is.
Voorbij de verveling
Een duidelijke, behapbare boodschap blijft uit. In plaats daarvan confronteert Aster de kijker met ongemakkelijke vragen over de Amerikaanse politieke polarisatie, cancel culture, mediawijsheid en de desastreuze impact van sociale media op onze levens. Dat sommigen een gebrek aan verduidelijking als halsstarrig bestempelen, zegt misschien meer over onze gewenning aan voorspelbare narratieven. En ja, Aster maakt zijn film – opnieuw – te lang. Maar ook dat voelt als een welbewuste plaagstoot richting een publiek dat hij liever uitdaagt dan behaagt.
Tijdens het bekijken van de film voelden ook wij enige frustratie opborrelen — het gevoel het overzicht te verliezen, het bos niet meer door de bomen te zien. Maar door dat gevoel toe te laten en te kaderen, ontstond er plots ruimte om dieper te kijken. We stopten te verlangen naar het willen houden van Asters film, want zo werkt het niet: dit is geen film om lief te hebben. Dat is ook niet wat zijn cinema beoogt. ‘Eddington’ is een film om te bewonderen — omwille van zijn ambitie, eigenzinnigheid en prikkelende kracht. Die mindset bleek cruciaal om Asters werk, dat cinema beschouwt als een spel vol risico en manipulatie, écht te kunnen ondergaan.
De kroon van de cineast
Het helpt dat Aster een uitzonderlijk bekwame regisseur is die op elk moment de indruk wekt zijn film volledig onder controle te hebben. Dat blijkt uit zijn sturing van acteurs – wie herhaaldelijk met Joaquin Phoenix werkt, weet ongetwijfeld hoe je performances naar je hand zet – maar ook uit zijn visuele en stilistische finesse. Zijn beeldcomposities, geluidsontwerp en de constante onheilspellende sfeer zijn onmiskenbaar eigen. Let bijvoorbeeld op de scène waarin een sluipschutter de zoon van de burgemeester viseert: de kadrering en het ritme van de montage verraden dat Aster een briljante actieregisseur zou kunnen zijn – ware het niet dat hij belangrijkere dingen te doen heeft.

‘Eddington’ is overduidelijk de grote Ari Aster-show: een meesterlijke regie, een prikkelend en weerbarstig onderwerp, en een flinke portie eigenzinnige tegendraadsheid. Het is cinema die voortkomt uit de visie van één man. We zijn inmiddels vier films ver in zijn oeuvre — elk werk duwt en prikt wat dieper, steeds verder het ongemak en de dreiging in, op zoek naar… wie weet wat. Maar één ding is zeker: film nummer vijf kunnen we nu al nauwelijks afwachten.
‘Eddington’ speelt nu in de bioscoop
