John Cale als rusteloze outsider

John Cale als rusteloze outsider

Wouter Bulckaert, ‘John Cale: underdog in de underground’ 4 out of 5 stars

In Bulckaerts studie over de Welshe muzikant John Cale (°1942) klinkt een bijzondere stem die perfect past binnen het landschap van hedendaagse cultuurjournalistiek: helder, nieuwsgierig en zelfs licht polemisch. Bulckaert pende eerder al verschillende uitstekende muziekbiografieën – onder meer over muzikanten zoals Ry Cooder, Randy Newman en JJ Cale, waarbij telkens weer opvalt hoe er een heel uitgesproken muziekliefhebber aan het woord komt. Kortom: iemand die uit jarenlange ervaring met muziek put en ook de levens van zijn muzikale helden op de voet volgt.

De underdog Cale

Bulckaert positioneert Cale in zijn boek als een underdog. Een muzikant die in de marge van de mainstream pop- en rockwereld een heel eigenzinnige, spannende en immer verrassende wereld weet uit te bouwen. Cale heeft als mede-oprichter en (alt)violist een roemrucht verleden bij Velvet Underground, een groep die destijds voorzichtig met enkele demootjes leurde in New Yorkse avant-garde kringen rondom Andy Warhol en zijn Factory.

Tot op vandaag blijft The Velvet Underground een stichtend baken voor talloze, beginnende bands met rock-‘n-roll aspiraties. En net zoals dat het geval is voor de Velvets en Lou Reed, bestaat er natuurlijk ook veel mythevorming rond Cale. Met deze nieuwe, bijzonder vlot lezende biografie wil Bulckaert die mythes omzeilen en zoals dat dan heet ‘de mens achter de mythe‘ blootleggen. Dat lukt hem overigens net zoals dat eerder al met Cooder en JJ Cale het geval was bijzonder goed.

Muzikale veelvormigheid

Achter de naam John Cale blijkt volgens Bulckaert een muzikant met verschillende gezichten te zitten: klassiek muzikant, avant-gardist, popmuzikant, rocker, balladeer, .. Cale was het allemaal en zovéél meer, zo geeft de auteur in zijn inleiding te kennen. Tegelijk blijft het bijzonder moeilijk om de nu vierentachtigjarige John Cale, die onlangs nog een fascinerende samenwerking aanging met het Britse popfenomeen Charli XCX, volledig te vatten.

De cultuurhistorische lens

Bulckaert werkt zodoende een eerder klassieke, in historische zin lineaire biografie uit, met als startpunt de vroege jaren. Die stonden destijds met inspiratiebronnen zoals bijvoorbeeld John Cage, La Monte Young / Dream Syndicate, Xenakis,.. vooral in het teken van de ontdekking van de klassieke en experimentele(re) muziek, waarbij Cale bij uitstek genoot van de dwarse, eigenzinnige manier waarop zijn muzikale helden in conceptuele zin met klank omgingen.

Gaandeweg dook hij ook in het bredere academische denken errond. Toen hij van het kleine Welshe thuisland naar New York trok, ontdekte hij er zowel enorme creatieve vrijheid als grootstedelijkheid. Het vergrootte meteen ook zijn muzikale ambities, waarbij hij dus aansluiting vond bij songschrijver, zanger/gitarist Lou Reed en The Velvet Underground, een groep die zeker in de prille jaren zestig onder invloed van Andy Warhol vooral gericht waren op het maken van songs die getuigden van het vrije, ruige leven op de straat. Met thema’s als sadomasochisme, prostitutie en armoede, bovendien gedrenkt in stevige porties drugs, rock-‘n-roll, psychedelica en noise, gecombineerd met dans- en lichtspektakel.

Knap is ook hoe treffend Bulckaert Cale écht vat, zoals in deze passage:

“Cale-de-producer luistert altijd met de oren van Cale-de-muzikant. Voor hem draait alles om de song – de productie mag die nooit in de weg zitten.”

Cale produceerde ook mee de debuten van The Stooges, Modern Lovers (met Jonathan Richman) én Patti Smith. Ondanks al het drank en druggebruik (cocaïne, heroïne,..), relationele problemen en héél andere besognes – zoals onder meer het befaamde ‘Croydon chicken incident’ waarbij hij live on stage een kip onthoofdde. Het doet zo ook het beeld ontstaan van een onnavolgbare, eigenzinnige muzikant die altijd voluit voor het experiment gaat en zo vrijuit balanceert tussen klassieke discipline en avant-gardistische ontregeling.

The next wave

Verschillende decennia bleef Cale zijn eigen ding doen, zijn eigen muzikale richting zoeken. Hij bleef met wisselend succes het ene na het andere album uitbrengen. Dat maakt dat zijn oeuvre een breed, maar heerlijk lappendeken is waarin pop, rock, klassiek en avant-garde volstrekt natuurlijk met elkaar samengaan. De uit Wales afkomstige muzikant heeft nooit écht ‘hits‘ gehad, maar beschikt als muzikant/producer over een best indrukwekkend corpus aan albums en muzikale projecten die doorheen decennia van blijvende invloed zijn geweest.

Lees- en luistermateriaal

De grootste meerwaarde voor de lezer zit misschien in het gegeven dat de lezer/muziekliefhebber zich opnieuw door het hele, brede Cale oeuvre ziet gaan om zo ergens grip te krijgen op de enorme veelheid aan Cale-releases en talloze, aanverwante projecten. En zo vooral zowel gegidst wordt, maar bovenal gestimuleerd wordt tot verdere verkenningen in het erg invloedrijke werk van John Cale.

Hoewel deze biografie zich allereerst richt op een breed publiek aan muziekliefhebbers, vormt het ook een uitstekende instap voor zij die misschien, buiten de Velvet Underground-connectie om, nog niet helemaal met het tussen pop, klassiek en avant-garde schipperende fenomeen John Cale vertrouwd waren. Deze biografie biedt heel wat informatie, werkt als een gids en doet (her)ontdekken. En dan zijn er nog de prachtige tekeningen van Edward Hall die zeker niet onvermeld mogen blijven.

Een van de meest treffende tekeningen toont John Cale die zowaar met zichtbare tevredenheid een album van hip-hop ster Snoop Dogg vasthoudt. Dat alleen al zegt dat Cale bij uitstek een immer zoekende en avontuurlijke geest blijft. Tegelijk heeft hij doorheen de jaren noodgedwongen afscheid moeten nemen van heel wat muzikale vrienden zoals onder meer Lou Reed.

Donker én licht

Wie over muziek schrijft, heeft natuurlijk ook als beginsel de opdracht om kritisch te blijven, ook en vooral ten aanzien van eigen (muzikale/literaire) helden. Ook in dat opzicht wérkt deze knap gepende biografie: het maakt bijvoorbeeld kristalhelder dat Cale zeker in zijn vroegere jaren zich nogal snel in drank en drugs verloor. Bulckaert erkent en beschrijft de donkere passages van de muzikant die nooit echt zijn roots verloochende, maar mettertijd wél de rug rechtte, én – volstrekt wars van tijd en trends – onophoudelijk bleef zoeken naar nieuwe klanken en avonturen.

Het doet zo misschien ook de vraag ontstaan hoe het dan komt dat Cale doorheen die decennia lopende carrière geen échte ‘hits‘ had, hoewel hij wél zeer regelmatig met popgevoeligere nummers flirtte en her en der, zoals bijvoorbeeld met ‘Heartbreak Hotel’ ook volstrekt vernieuwende interpretaties van klassieke composities aanbracht. Zelfs doorheen de vele ankerpunten in zijn werk (zoals onder meer de song ‘Paris 1919’), zowel op plaat als live, hoor je duidelijk hoe de muzikant soms de producer in de weg lijkt te zitten (én vice-versa).

Zelfs nu, goed tachtig jaar oud, staat ie daar, poserend én bijdragend aan de nieuwe plaat van de jonge, Britse vocaliste Charli XCX. Dat gegeven op zich zegt al best veel over deze ongewone underdog in de underground.


Related Images:

Philippe De Cleen

Philippe De Cleen houdt van mooie boeken en van mooie muziekjes. Is ongetemd als het op cultuur aankomt. Leest vrijwel continu, zelfs op de bus, tram of trein onderweg.