‘Avatar: The Way Of Water’ schittert visueel, maar het verhaal gaat kopje onder

‘Avatar: The Way Of Water’ schittert visueel, maar het verhaal gaat kopje onder

‘Avatar: The Way Of Water’ (2022) 3 out of 5 stars

Liefst dertien jaar zaten er tussen het recordbrekende ‘Avatar’ van James Cameron en zijn sequel. Dertien jaar om een scenario te schrijven, om een logistiek en organisatorische gigant van een draaiperiode in te lassen en vooral om de verwonderlijke visual effects te ontwikkelen die het prachtige Pandora helemaal tot haar recht doen komen. Helaas heeft Cameron zich zo halsstarrig vastgebeten in de verpakking van zijn sciencefiction-epos dat de inhoud ervan zielsverscheurend saai is geworden.

Het gevecht tegen de sky people

‘Avatar: The Way Of Water’ zou verbluffen. Zijn voorganger was al een indrukwekkend staaltje van visueel filmvernuft, maar Cameron moest en zou zichzelf nóg maar eens overtreffen. En dat heeft hij ook gedaan. ‘The Way Of Water’ biedt heel wat lekkers voor het oog, evenzeer op een David Attenborough-manier als op een ‘Titanic’-manier. Het drie uur durende spektakel lijkt in alles zo’n veeleisende onderneming dat elke andere regisseur al na twee weken met een burn-out huiswaarts was gestuurd. Maar met spektakel alleen koop je anno 2022 niets. Tenzij je een cape draagt en superkrachten hebt.

Het dunne verhaaltje is voorspelbaarder dan een kerstcadeau voor iemand die maar één wens op zijn lijstje had staan. De ‘sky people’ (de mens) zijn terug op Pandora en gooien alles in de strijd om Jake Sully (Sam Worthington) en zijn ondertussen zeskoppig gezin op te sporen en zo de oorlog om Pandora te winnen. Bijgevolg duikt de Sully-familie onder bij de Metkayina, een verafgelegen stam die in en rond het water leeft. In afwachting van de onvermijdelijke confrontatie met de sky people, leren ze vervolgens anderhalf uur lang ‘the way of the water’.

Het gevecht tegen de slaap

Voel je vrij om op dat moment een korte siësta in te lassen, want the way of the water bestaat blijkbaar vooral uit je adem inhouden onder water en zwemmen met walvissen. Al wat lijkt op een interessante plotwending wordt vanaf dat moment vlotjes overboord gegooid. Het subplot van de dochter van dr. Grace (Sigourney Weaver), wier vader we niet kennen en die een onverklaarbare connectie heeft met de natuur, krijgt slechts een tiental minuutjes, terwijl we ondertussen al een overtal aan eentonige zwempartijtjes langs de ontelbare witte stranden van Pandora achter de kiezen hebben. Dat de Avatarplaneet de ideale bestemming is voor onze volgende zomervakantie, hadden we dertien jaar geleden ook al in de gaten.

Het laatste uur is een makkelijke prooi voor een resem clichédialogen, maar brengt tenminste wat schot in de zaak. Al is het kalf – in tegenstelling tot enkele van de matte personages, jammer genoeg – tegen dan eigenlijk al verdronken. 

Op ‘Avatar 3’ is het geen dertien, maar slechts twee jaar wachten. Hopelijk heeft James Cameron tegen dan wat meer inspiratie opgedaan voor een verhaal met boeiende personages, zoals dertien jaar geleden. ‘Avatar: The Way Of Water’ is inderdaad verbluffend. Verbluffend saai.

Cisse Wyn

Cisse Wyn

Als Chief Film bij Cutting Edge houdt Cisse van alle soorten films: van goede films tot slechte films, van oude films tot nieuwe films, van 'Casablanca' tot 'Ace Ventura'. Zolang het maar geen films van John Cassavetes zijn.