De 10 beste strips van het najaar 2016

Zie hier, de beste tien strips van het najaar van 2016! Vijf Nederlandstalige strips en vijf vertaalde: elk meer dan de moeite waard. Als er nog plaats is onder de kerstboom, twijfel dan niet.


NEDERLANDSTALIG

'Apostata VII: Niets meer dan een wolk' (Ken Broeders)

Broeders vertelt met voelbare passie de heroïsche en tegelijk tragische geschiedenis van de Romeinse keizer Julianus Apostata. De reeks, die met dit zevende album haar einde kent, is nu al klassiek. Een niet te missen, intelligent geschreven epos.

'Mikel' (Mark Bellido & Judith Vanistendael)

Vanistendael geeft les in de richting Beeldverhaal aan de Brusselse LUCA School of Arts. ‘Mikel’ mag ze gerust meenemen naar haar colleges als een masterclass in het striptekenen. Met grote onderscheiding geslaagd.

'Duplex' (idee en samenstelling: Stefan Nieuwenhuis)

Wat gebeurt er wanneer je acht dichters en acht striptekenaars samen laat sleutelen aan een grafisch gedicht? In het geval van ‘Duplex’: iets moois. Wat een veelkoppig monster had kunnen opleveren, werd hier een fabelachtig nieuw dier. Laat Nieuwenhuis dit experiment alsjeblieft herhalen om te bewijzen dat dit nog een tweede keer lukt.

'Weegee, serial photographer' (Max de Radiquèes & Wauter Mannaert)

De Radiguès werd voor zijn eigen stripwerk dit jaar nog genomineerd voor een prestigieuze Eisner Award. ‘Weegee’ is zijn Nederlandstalige debuut, als scenarist. Hij zorgt voor een onderhoudend, amusant, maar een evengoed meedogenloos verhaal. Wauter Mannaert bevestigt met deze strip al het goede dat ‘Ondergronds’ en ‘El mesías’ beloofde. Voer voor de eindejaarslijstjes, hoorden we van menig collega en dat kunnen we hier alleen maar herhalen.

'De tuin van Daubigny' (Bruno De Roover & Luc Cromheecke)

Zowel scenarist De Roover als tekenaar Cromheecke wagen zich buiten hun comfortzone van absurde gags en superhelden-reboots. Toch zijn ze er magisch in geslaagd elkaar halverwege te ontmoeten om zo een impressionant album af te leveren.


VERTAALD

'Irmina' (Barbara Yelin)

Yelin heeft een van de beste strips gemaakt die we ooit lazen. Alles is af. De tekeningen vloeien en zijn zacht, ze tonen een harde wereld doorheen ogen die geweld verdringen. Tekeningen, kleur, emoties en reële feiten komen samen in iets volstrekt uniek: een strip, een verhaal, een uppercut die je ingefluisterd wordt, een sluimerende aanval op je eigen vastberadenheid.

'Silas Corey 4: Het Zarkoff-testament 2/2' (Pierre Alary & Fabien Nury)

Silas Corey’ wordt stilaan een begrip: een knap scenario – vol volstrekt geloofwaardige plotwendingen -, prachtig tekenwerk - van een razend spannende shootout over een laaiend inferno, tot intieme passages - en magistrale inkleuring. Laat dat volgende tweeluik maar komen.

'Betty Blues' (Renaud Dillies)

In 2003 maakte Renaud Dillies zijn debuut met dit album. Hij ontving er prompt de prijs voor het beste debuut voor op het belangrijke stripfestival van Angoulême en wie zijn wij om dat deskundig oordeel tegen te spreken. 'Betty Blues' is een ijzersterk debuut dat het best tot zijn recht komt met een rokerige jazzplaat op de achtergrond waarin de trompet het diepste van je ziel raakt.

'Een beeld van een jongen' (Frederik Peeters & Loo Hui Pang)

Laat het dus zijn: deze strip is geen ‘Lucky Luke’, want het gaat om meer dan puur amusement. Deze strip is ook geen ‘Blueberry’, want het is zoveel meer dan een western. Noch is het ‘Undertaker’, want deze strip is ambitieuzer. Wellicht is het gewoon de nieuwe Frederik Peeters: geniaal en lichtjes verontrustend.

'De vleugels van de aap' - Wakanda (Etienne Willem) 

Dit verhaal is een mooie binnenkomer voor Etienne Willem, op alle vlakken. We durven deze reeks gerust tussen Canardo en Blacksad plaatsen, maar waarom zouden we kiezen? In ieder geval: Willem heeft ons kunnen bekoren met de perfecte combinatie van scenario en tekeningen.