Wiener Staatsoper, ‘Fidelio’

De moraal in ketenen

De tijd staat niet stil, en toch krijgt een mens soms die indruk. Neem bijvoorbeeld Beethovens inmiddels ruim 200 jaar oude ‘Fidelio’. Het is zijn eerste en enige opera, maar desalniettemin een werk waarin de componist het medium volmaakt weet te condenseren tot een meesterwerk met ideale proporties. Perfecte psychologische typeringen via de muziek, quasi geen ballast en vooral een humanistisch ideaal dat via de noten gestalte krijgt: welke andere componist kan beweren een dergelijke verwezenlijking te hebben gerealiseerd?

Via de kunsten lijkt het alsof de tijd ook in Wenen stilstaat, althans in de historische binnenstad. Het is net deze mogelijkheid om een fragment Europese geschiedenis te kunnen aanraken, die jaarlijks miljoenen toeristen naar de stad lokt. En bij een bezoek hoort ook een tussenstop in verschillende concert- of operahuizen, plekken waar de tijd evenzeer lijkt op te houden te bestaan. Zo wordt in de Staatsoper nog altijd Otto Schencks decennia oude regie van ‘Fidelio’ opgerakeld, dezelfde die Leonard Bernstein ooit kwam dirigeren en die inmiddels tot de klassieke dvd-opnames van dit werk behoort.

Geen verwijzingen naar politieke dissidenten en machtsstructuren met een ontwrichte ethische grondslag dus. Wel een groots nagebouwde gevangenis, historische kostuums en een evocatie van de bijhorende militaire gebruiken. Hier herinnert het publiek zich dat opera in wezen een stokoud genre is. Wat uiteraard niet wegneemt dat het geen voeling meer zou hebben met de universeel menselijke thema’s. Integendeel. In een regie die louter de plot uitbeeldt en zo probeert om het muzikale via het visuele kracht bij te zetten, is het overigens verstandig om tijdens het orkestrale interludium, waarin Beethoven fêteert dat liefde en rechtvaardigheid zullen triomferen boven boosaardigheid, het doek dicht te laten.

Die zuiver muzikale passage is het absolute sleutelmoment. Het is een passage van onuitsprekelijke ontroering, en wel omdat het publiek begrijpt dat Beethoven de essentie van zijn opera op de een of de andere manier niet via taal wilde of kon communiceren. Hij spreekt in de orkestrale extase van wat een fantastisch tussenspel is, en ja, alles wordt in deze nobel-energieke interlude geopenbaard. Het is een van de zeldzame momenten waarop het lijkt alsof Beethoven de menselijke conditie in klank heeft kunnen vertalen.

Dirigent Peter Schneider is vooral een groot Wagneriaan. Dat er aan zijn ‘Fidelio’ een wat oneigentijdse grandeur kleeft, is kortom niet verrassend. Bij momenten snakt het werk naar meer onmiddellijke frasering in plaats van de langere zinnen via dewelke Schneider zijn interpretatie vorm gaf. Bovendien moest het orkest schijnbaar groeien in haar vertolking, want voor de onderbreking hadden bepaalde soli een wat stoffig karakter. Scène en uitvoering leken een anachronisme, maar gelukkig was er de morele grondslag van fundamentele menswaardigheid die het publiek onmogelijk los kon zien van het hier en het nu.

Zodoende komen in de Staatsoper vroeger en nu onherroepelijk samen – de kunsttraditie versus het kloppende hart van nog immer actueel onrecht. Hoofdrollen Robert Dean Smith (Florestan) en Alexandra LoBianco (Leonore) zetten overigens vooral in op pathos, daar waar Lars Woldt (Rocco) en de rest van de cast de muzikale registers minder uitbuiten. Het koor tekent tenslotte voor enerzijds een breekbaar en anderzijds een euforisch loflied op de vrijheid – of hoe de plotmatige ontwikkeling zich spiegelt in twee diametraal tegenovergestelde koorzangen.

Details Podium
De moraal in ketenen
Dirigent: Peter Schneider
Regie: Otto Schenk
Scène naar een ontwerp van: Günther Schneider-Siemssen
Kostuums: Leo Bei
Koorleiding: Thomas Lang
Zang: Egils Silins, Robert Dean Smith, Alexandra LoBianco, Lars Woldt, Adam Plachetka, Ileana Tonca, Joseph Dennis, Wolfram Igor Derntl, Ion Tibrea
Koor & orkest: Chor & Orchester der Wiener Staatsoper
Location:
Wiener Staatsoper
Datum opvoering:
2016-05-07 00:00:00