NTGent, ‘We free kings’

Vorsten van de vrijheid

Wie ‘free jazz’ zegt, zegt vrijheid. Toen figuren als Ornette Coleman en Cecil Taylor eind de jaren vijftig alle muzikale regels doelbewust met de voeten traden in hun zoektocht naar een manier om hun grenzeloze verbeelding in muziek om te zetten, werd een genre geboren dat geen wetmatigheden tolereerde. Alles kon, alles mocht, alles zou geprobeerd worden. Harmonie werd bij het grofvuil gezet, traditionele ritmes moesten eraan geloven, experimenteren met speel- en blaastechnieken was ineens de normaalste zaak van de wereld.

John Coltrane, Don Cherry, Albert Ayler, Pharoah Sanders, Anthony Braxton, Alexander von Schlippenbach, Peter Brötzmann en vele anderen schreven in de jaren zestig en zeventig geschiedenis. Tot op vandaag is hun erfgoed het dierbaarste bezit van vele muziekliefhebbers. Zo ook van Wim Opbrouck en Wilfried de Jong, die op de set van ‘Ventoux’ hun gedeelde liefde voor het genre ontdekten. Vanuit hun passie werd het idee geboren om een voorstelling te maken over vrijheid, waarvoor jazz als metafoor zou dienen.

In een samenleving waar blank en zwart ongelijk werden behandeld, waren de eerste artistieke vrijbuiters tegelijk politieke provocateurs. Die politieke laag laten Opbrouck en de Jong zien door zich als koningen te vermommen. Allebei zijn ze ver van huis, op een onbestemde plaats waar ze ophouden monarch te zijn. In die denkbeeldige ruimte kunnen ze als mens vrij zijn, het verlangen uitspreken om opnieuw te beginnen, het gevoel ventileren verkeerd begrepen te zijn, de poëzie van hun wezen aarzelend te benoemen. Enzovoort.

Omdat ‘We free kings’ een scenische vertaling probeert te zijn van de onbegrensde verbeeldingskracht die uit de free jazz spreekt, kan de voorstelling onmogelijk aan een traditionele structuur beantwoorden. Dus is er geen doorlopend narratief, wel een schetsmatige opbouw waarin tekst, muziek en dans een geheel construeren. Gedichten van Peter Verhelst en Remco Campert zijn het talige equivalent van het muzikale luik. Meer intuïtief dan intellectueel, meer mystiek dan concreet, meer associatief dan narratief genereren ze prachtige momenten van verstilling.

Waar taal uit haar alledaags keurslijf wordt gelicht, ontstaat een gedicht. Precies zo communiceert men in de jazz een gevoel: in een koeterwaals dat in het hier en nu gestalte krijgt en dankzij het unieke momentum van de improvisatie betekenis krijgt. Bijna even veelzeggend als de korte dialogen tussen Opbrouck en de Jong zijn de passages waarin het duo instrumenten imiteert. Het is hoe de twee van spelen spreken maken. Zo direct invoelbaar is de emotie van hun 'hertaling', al is die in een komische saus gedrenkt.

Net zoals een jazzconcert niet in rationele termen kan ontleed worden, zo proberen Opbrouck en de Jong met hun postmoderne collage het publiek iets te laten ervaren dat integraal in het moment verankerd zit. Misschien nog belangrijker dan de analyse van de finale – een dans met een nadarhekken als beeldspraak voor het opheffen van grenzen – is het inzicht dat de ongebreidelde vreugde van het duo geen middel is, maar uitkomst. De essentie is het toneel als broeikas van vrijheid, met Opbrouck en de Jong als virtuoze ceremoniemeesters. ‘We free kings’ is met andere woorden jazz. Laat deze improvisatorisch opgebouwde voorstelling dat niet schitterend zien?

Het publiek moet er niettemin aan wennen. Zonder plot, zonder welomlijnd personages en zonder lineair verloop zit er niets anders op dan verdwalen. Inderdaad, exact zoals in de grote meesterwerken uit de free jazz.

Details Podium
Vorsten van de vrijheid
Van & met: Wim Opbrouck, Wilfried de Jong
Foto's: Phile Deprez
Productie: NTGent
Location:
Handelsbeurs Gent
Datum opvoering:
2017-04-13 00:00:00
Datum premiere:
02/03/2017 u