NTGent, ‘Black – The Sorrows of Belgium I: Congo’

Vrijwillig vormeloos

Mag er nog gespeeld worden in het stadstheater waar Milo Rau de plak zwaait? Diens ‘Manifest van Gent’ bracht vorig jaar alleszins de nodige beroering teweeg, want vormen de tien regels geen beknotting van artistieke autonomie, meer dan dat zij een kader vormen om creatieve vrijheid aan te wakkeren? Hoe het ook zij, inmiddels is de vrees van kwatongen onterecht gebleken: toneel is bij het NTGent niet verworden tot louter journalistiek platform. Het is geen polymorfe waarheidscommissie die zich afkeert van de mogelijkheden van fictie en narratief, wel integendeel. Wanneer Luk Perceval met het ensemble aan de slag gaat, is het bijvoorbeeld al spel dat de klok slaat.

Verspreid over drie voorstellingen zal de regisseur de Belgische driekleur ensceneren, thematisch opgebouwd rondom trauma’s uit de vaderlandse geschiedenis. Het eerste deel, ‘Black’, voert onderzoek naar ons koloniale verleden. Hoe vertelt een mens echter dat verhaal, of nog: welk verhaal te kiezen uit de ontelbare verhalen die samen de historische feiten vormen? Wie zich toespitst op een of ander fenomeen, laat immers andere perspectieven buiten beschouwing.

Precies om die reden weigert Perceval een welbepaalde bril op te zetten. ‘Black’ is met andere woorden een klankenkast voor allerhande stemmen, in een poging zowel de oorzaak van de terreur als de omvang van het lijden in kaart te brengen. Pasklare antwoorden krijgt het publiek daarbij te zien noch te horen. In losstaande scènes roept Perceval een veelvoud aan impressies op die de aanzet vormen voor een debat over de complexiteit van een donkere geschiedkundige bladzijde.

Onderweg schildert de regisseur Congo af als een magisch biotoop voor avonturiers, door ambitieuze dan wel erotische verlangens gedreven. Niet toevallig begint en eindigt de opvoering met een ritualistische zangstonde, een voor Westerlingen ongrijpbaar mystiek element. De oerkracht van ritmiek, als megafoon voor pijn, verdriet en vreugde: in een cirkelbeweging verbeeldt Perceval muziek als verbindende oertaal, als woordeloos substraat voor de diepte van de zwarte ziel.

Geen wonder dat percussionist Sam Gysel een belangrijke rol vervult. Zijn soundtrack lijmt de associatieve spinsels naadloos aan elkaar, hoewel zijn palet zich vaker op opgeblazen volumes beroept dan op delicate composities. De stuurloze vorm is overigens zowel een sterkte als een zwakte. Om tot een slot te kunnen komen, ziet de regisseur zich immers genoodzaakt de prekerige vinger op te steken. Binnen een voorstelling waarvan de intenties tot aan de finale eerder suggestief blijven, is dat een storende stijlbreuk.

Toch roept ‘Black’ pertinente vragen op, via het verleden ook over het heden. Zo krijgt het publiek het eeuwenoude mechanisme te zien waarmee ontredderde ontheemding – een gestrande missionaris op hem onbekend terrein – omslaat in de grootst mogelijke brutaliteit. Wat is geweld anders dan een disruptieve sublimering van angst?

Niet onbelangrijk is dat Perceval ook doorstoot tot de maatschappelijke naklank van het kolonialisme. Tot op welke grens wordt racisme getolereerd als ‘normaal’, en hoe ver kan de norm binnen de context van een theaterstuk overschreden worden vooraleer de zaal uit haar passief consumerende rol opstaat? Als Rau in ‘La reprise’ de verhouding tussen diegene die kijkt en diegene die demonstreert bevraagt, dan doet Perceval die oefening in ‘Black’ over. Weliswaar subtieler en gelaagder, hoewel dit eerste van drie hoofdstukken spijtig genoeg verzandt in haar zelfgekozen vormeloosheid.

 

Details Podium
Vrijwillig vormeloos
Regie: Luk Perceval
Dramaturgie: Steven Heene
Spel: Aminata Demba, Andie Dushime, Chris Thys, Frank Focketyn, Peter Seynaeve, Nganji Mutiri, Tom Dewispelaere, Yolanda Mpelé
Muziek: Sam Gysel
Decorontwerp: Annette Kurz, Sammy Van den Heuvel
Kostuumontwerp: Ilse Vandenbussche
Lichtontwerp: Mark van Denesse
Copyright foto's: Michiel Devijver
Productie: NTGent
Location:
NTGent
Datum opvoering:
2019-03-27 00:00:00