John Malkovich & Aleksey Igudesman, ‘The music critic’

Kritiek op de criticus

Hij mag dan naam en faam vergaard hebben in Hollywood, diep vanbinnen voelt John Malkovich zich naar eigen zeggen meer muzikant dan acteur. Doorheen 'The music critic', een voorstelling die vorige week op het Gent Festival van Vlaanderen haar wereldcreatie beleefde, cultiveert hij die passie met zichtbaar genoegen. De acteur kruipt immers in de huid van ruim twee eeuwen criticasters. Van cynici tot gezanten van het staatsapparaat, van betweters tot zielen gedreven door afgunst: de tekst is een amalgaam van kritiek in vele soorten en vormen.

Nauwkeurige stilistische dissecties staan naast kleinburgerlijke beschimpingen ad hominem. Hoe heterogeen de teksten echter ook mogen zijn, Malkovich vertolkt ze stuk voor stuk met een uitgelezen mix van welbespraaktheid en onderkoelde ironie, wat niet zelden een onweerstaanbaar komisch effect heeft. Toch mist de opvoering diepte. De recensent als personage krijgt namelijk nooit een psychologie aangemeten. De vraag blijft dus telkens: welke contextuele factoren hebben ervoor gezorgd dat de auteurs zich stuk voor stuk zo konden vergissen?

Het ontbreken van een psychologische invulling is een enigszins begrijpelijk euvel. Dat in de muzikale omlijsting nooit naar essenties wordt gezocht, valt evenwel niet te verantwoorden. Telkens opnieuw dient het muzikale materiaal als ofwel ontkrachting, ofwel illustratie van het gesproken woord. De partituren staan dus nooit op zichzelf, althans ze worden niet vanuit die gesteldheid uitgevoerd. Integendeel worden de werken ingepast in het sketchmatige geheel van de avond. Dat hoeft op zich geen probleem te zijn, mocht het kader waarbinnen de scènes zich afspelen aan enige transformatie onderhevig zijn. Malkovich en de musici blijven echter monochroom, in een non-decor dat niet inspireert.

Behalve het continu hengelen naar hilariteit, is er in 'The music critic' geen leidend principe. De ideeën die hier en daar voor een humoristische opflakkering moeten zorgen, zijn bovendien van wisselende kwaliteit. Tekenend is dat de voorstelling pas op gang komt eenmaal Malkovich zijn tekst verlaat en een quasi psychotische persiflage van een Turks journalist neerzet, om vervolgens zijn pupiter helemaal af te zweren. Meer van dat soort vrijheid – zowel tekstueel als muzikaal – zou 'The music critic' goed hebben gedaan.

Het voornaamste probleem van de opvoering blijft echter de muziek, die met teveel nadruk op effecten wordt gebracht. In een deel uit Beethovens vierde vioolsonate nemen Aleksey Igudesman en Hyung-ki Joo, de twee voortrekkers van het uitvoerend ensemble, ostentatief een loopje met het elegante discours van het stuk. De tweede beweging uit Brahms' tweede vioolsonate heeft dan weer te lijden onder de tranerige intenties van de solist, terwijl Chopins 'Grande valse brilliante' helemaal wordt bedolven onder nodeloze interpretatieve toevoegingen. Prokofievs 'Suggestion diabolique' wordt er verder nog door geramd, net als Schumanns opus 47, dat door een totaal gebrek aan cohesie verbrokkeld aandoet.

De muziek zodanig emanciperen dat ze een volwaardig luik van de voorstelling wordt, betekent haar autonome esthetische zeggingskracht respecteren. Het repertoire gebruiken (lees: misbruiken) om van de critici een karikatuur te maken, is gewoonweg een excuus voor entertainment. Gezegd moet dat ‘The music critic’ het publiek inderdaad vermaakt, maar is dat waar de klassieke canon toe veroordeeld moet worden? Als het Malkovich’ echt menens is voor wat zijn zelfverklaarde muzikale genen betreft, dan gaat hij de volgende keer met andere musici in zee.

Details Podium
Kritiek op de criticus
Uitvoering: John Malkovich, Aleksey Igudesman, So-ock Kim, James Boyd, Boris Andrianov, Hyung-ki Joo
Copyright foto: Alex de Brabant
Gezien in het kader van: Gent Festival van Vlaanderen
Location:
Capitole Gent
Datum opvoering:
2017-10-04 00:00:00
Datum premiere:
04/10/2017 u