de Roovers & FroeFroe, ‘Geloof, hoop en liefde’

Alles voor niets

Moeten betalen om geld te kunnen verdienen: het is de 'catch-22' die het bestaan van Elisabeth hypothekeert. Geplaagd door oude zonden leert de protagonist uit Ödön Von Horvàths klassieker van een toevallige passant dat geloof, hoop en liefde begrippen zijn die een mens moet koesteren, toch in tijden waarin het duister almaar minder licht doorlaat. Diezelfde passant maakt haar uiteindelijk haar geloof, hoop en liefde afhandig, terwijl hij het fata morgana van een succesvolle carrière najaagt.

Ruim tachtig jaar geleden fileerde Von Horvàth het onrechtvaardige maatschappelijke bestel waarin hij leefde. Nog steeds behoort die dystopische hyperbool tot de orde van de dag, want duwt de politieke meerderheid de onfortuinlijke minderheid vandaag niet meer dan ooit in de verdringhoek?

Anders dan de van weemoed doordrongen adaptatie waarmee het Zwitsers theatericoon Christoph Marthaler een paar jaar geleden deSingel aandeed, kiezen de Roovers en FroeFroe voor een lezing waar geloof, hoop en liefde van af spatten. De creatieve impuls is daarbij de vonk die de drie begrippen in deze voorstelling tot leven wekt: er is het geloof in de absurditeit van de mens, de hoop op de moraliteit en de liefde voor de rariteit.

Dat twee van de vier spelers op scène enkel via poppen acteren, verbreedt het theatrale spectrum meer dan het te verengen. FroeFroe is niet voor niets een begrip binnen het poppentheater. Tania Kloek en Filip Peeters demonsteren met niets minder dan verbluffende virtuositeit waar de reputatie van hun gezelschap op gebouwd is. 

De poppen zijn niet alleen met zoveel zorg geboetseerd dat ze de personages enkel met een gezicht typeren, ook de bewegingstaal draagt bij aan de wonderlijke menswording van de rekwistieten. Kwetsbaarheid en dreiging, integer verdriet en groteske humor: voor FroeFroe is het een koud kunstje dergelijke tegenstellingen af te wisselen.

Luc Nuyens en Sofie Sente, de gezichten van collectief de Roovers, staan er als rotsen in de branding tegenover. Zij houden het stuk in evenwicht en voegen in de meer conventionele toneelmatige dimensie eveneens vindingrijkheid toe. Nuyens doet dat bijvoorbeeld met een arsenaal aan stemmetjes, die veel meer zijn dan komisch gegoochel. Achter zijn uitvergrotingen gaat heel wat psychologie schuil, waar Sente op haar beurt ontwapend puur op inpikt. 

De vijfde en laatste persoon op de scène is Anne Niepold, hoewel haar accordeon eigenlijk fungeert als zesde, zevende en tegelijk achtste speler. Wat deze muzikante toevoegt aan kleuren, atmosferen en geestigheden door zowel met haar lichaam als met haar instrument aan de slag te gaan: het zijn onmisbare toevoegingen aan deze voorstelling.

Niepold fladdert behendig door enkele beroemde partituren uit de muziekgeschiedenis, om elders uit te pakken met onweerstaanbare ritmes en spitsvondige accenten. Haar soundtrack is geen tapijt onder de voorstelling, maar wordt er heel organisch onderdeel van. Ook voor haar is creativiteit kortom het codewoord waarmee ze ontroering probeert te ontfutselen, met succes trouwens.

Is deze ‘Geloof, hoop en liefde’ daarmee een niet te missen creatie? Dat ook weer niet. Wat de Roovers en FroeFroe in de stellingen hebben gezet, is een kleinood. De overheersende lichtheid maakt een mokerslag onmogelijk, hoewel het tranendal van dit tekstuele universum nooit helemaal door de glimlach wordt verdrongen. Een delicate productie dus, een die het publiek voor even meeneemt en optilt. En vervolgens onmiddellijk terug loslaat. 

Details Podium
Alles voor niets
Tekst: Ödön von Horváth
Spel: Luc Nuyens, Sofie Sente, Tania Kloek, Filip Peeters
Scenografie: Stef Stessel
Muziek: Anne Niepold
Foto's: Stef Stessel
Gezelschap: de Roovers, FroeFroe
Location:
Vooruit Gent
Datum opvoering:
2016-01-13 00:00:00
Datum premiere:
14/11/2015 u