Wolfgang Amadeus Mozart, ‘Keyboard music, vol. 7’

Tien vingers en een veelvoud aan gevoelige snaren

Als zou worden verteld dat Kristian Bezuidenhout nooit iets anders heeft gedaan dan Mozart gespeeld op pianoforte, wij zouden het geloven. Ondertussen is het Zuid-Afrikaanse genie toe aan het zevende volume van zijn integrale cyclus met de klavierwerken van het wonderkind van het Weense classicisme, en alweer lijkt de tijd rijp om een rits superlatieven uit de kast te halen.

Net als op de vorige volumes is Bezuidenhout erin geslaagd een contrastrijk programma op te bouwen rondom een centraal thema, dat voor een zekere samenhang zorgt. De spil wordt deze keer gevormd door Mozarts periode in Parijs, waar de nu eens smartelijke, dan weer smachtende, nog later schertsende variaties op het thema ‘Lison dormait’ werden geschreven. Ontelbaar lijken de karakters die de uitvoerder erin naar boven haalt. Met andere woorden, op ruim een kwartier tijd ontspint zich een bondige gevoelsmatige samenvatting van waartoe Mozarts ongebreidelde creativiteit aanleiding kon geven.

Ook de prachtige sonate KV 310 ontstond in Parijs. De ritmiek, de retoriek en de rijkdom waarmee Mozart het melodische materiaal behandelt: Bezuidenhout springt er met de grootst mogelijke naturel mee om, maar benadrukt anderzijds ook de inventiviteit van de schriftuur. Die dualiteit loopt als een rode draad doorheen zijn hele Mozartproject. Verwondering gaat bij hem vanzelfsprekend gepaard met eenvoud, vindingrijkheid met gemak.

Dat moet uiteraard betekenen dat de toetsenist over een uitstekend instrument beschikt, en inderdaad: de recente Tsjechische kopie naar Weens model (uit 1805) heeft alles te bieden wat Bezuidenhout verlangt. Hier en daar laat het klavier zelfs wat veel hardheid toe. Wanneer de interpreet de neiging heeft om een ratelend thema met verve te presenteren, dan gaat dit instrument – weliswaar een zeldzame keer – hier en daar richting de overdrijving.

De onderstroom van woelige bassen, de bovenstroom van een gevoelig thema en het schalkse spel tussen beide: de behoorlijk lange sonate KV 284 wordt bij Bezuidenhout een avontuur dat net afklokt onder het half uur. Alweer is het de variatiereeks waarin het briljante van de uitvoering schuilgaat. Ver voorbij het technische en het vormelijke, slaagt de inmiddels in Londen woonachtige pleitbezorger van historische uitvoeringen erin om los te breken uit het rigoureuze omhulsel van de muziek, en zo pure emotie aan te boren. Ook de variaties op ‘Mio caro Adone’ (KV 180) verworden trouwens tot een hemels genoegen wanneer Bezuidenhout de toetsen beroert. De weg van de fortepiano naar het hart leek zelden zo kort!

Details Album
Tien vingers…en een veelvoud aan gevoelige snaren
Fortepiano: Kristian Bezuidenhout
Label: Harmonia Mundi
Distributie: Harmonia Mundi
Jaar:
2015