Gustav Mahler, ‘Symphony No. 8’

Uitvoering uit de duizend

Het Koninklijk Concertgebouworkest en de symfonieën van Gustav Mahler: het zijn twee spreekwoordelijke handen op een buik. De oprichter van het wereldorkest, Willem Mengelberg, had van meet af aan een belangrijke rol in het propageren van Mahlers oeuvre. Vanaf de jaren 60 begon Bernard Haitink, de toenmalige chef, aan een integrale opname die nog steeds als een mijlpaal binnen het repertoire geldt. Ook Riccardo Chailly, die in 1988 de fakkel overnam, profileerde zich met de symfonieën, evenals Mariss Jansons, die sinds 2004 de gegeerde post bezet houdt. Ondertussen werd aangekondigd dat Daniele Gatti vanaf seizoen 2016-2017 Jansons aflost. Gevolg is dat de Letse dirigent vermoedelijk geen volledige Mahler-cyclus met het orkest zal opnemen, wat gezien de uitzonderlijke kwaliteit van deze opname te betreuren nieuws is.

Bij de première in 1910 was het de impresario die de bijnaam Symphonie der Tausend liet optekenen. Inderdaad vraagt het werk om een monsterbezetting en ook vandaag nog is het bij elkaar brengen van acht solisten, drie koren, kinderkoren en een niet onaanzienlijk aantal instrumentalisten een huzarenstuk. Bijna evident is dat een aantal opnames verdrinken in de overdaad, maar niet zo voor Mariss Jansons, die de intrinsieke logica van het werk aanschouwelijk maakt en er een ontroerende synthese in bereikt. Mahler verbindt in dit werk de onbaatzuchtige naastenliefde, de scheppende liefde en de erogene liefde, binnen de overkoepelende tweeledige structuur van enerzijds een Christelijk motief (‘Veni, creator spiritus’) en anderzijds Goethes ‘Faust’. Zelden worden deze beide zo verschillende blokken zo natuurlijk met elkaar verbonden als hier het geval is. Hoe Jansons dat bereikt? Door de partituur niet intellectueel te benaderen, maar echt vanuit de muziek. Het paradijselijke dat zich bijgevolg quasi ongecompliceerd openbaart, verschaft vanzelf toegang tot de geestelijke onderstroom van het wonderbaarlijke stuk.

Het geheim van Jansons’ succes gaat schuil in talloze facetten van deze opname. Aan de excellente solisten heeft de dirigent misschien geen persoonlijke verdienste, maar om de perfectie waarmee de koren gedijen binnen het orkestrale weefsel mag hij wel geloofd worden. De veelheid aan details die hij uit de orkestpartij naar boven haalt is overigens indrukwekkend, evenals de manier waarop de solisten hun bescheiden plaats vinden in het geheel. Ook bij hen is er, net zoals bij Jansons, louter totale toewijding jegens de muziek. Dat laat zich overigens ook aanzien op de bijgevoegde dvd/blu-ray-opname. Waarvoor hulde!

Details Album
Uitvoering uit de duizend
Solisten: Christine Brewer, Camilla Nylund, Maria Espada, Stephanie Blythe, Mihoko Fujimura, Robert Dean Smith, Tommi Hakala, Stefan Kocán
Koren: Netherlands Radio Choir, State Choir 'Latvija', Bavarian Radio Choir, National Boys Choir, National Children's Choir
Orkest: Koninklijk Concertgebouworkest
Dirigent: Mariss Jansons
Label: RCO Live
Distributie: Outhere