Oscar van Gelderen, 'Ik had vroeger het idee dat sciencefiction over marsmannetjes ging.'

Interview met Oscar van Gelderen, 'Ik had vroeger het idee dat sciencefiction over marsmannetjes ging.'

De herontdekking van de dystopische roman. 

Het kan aan ons liggen, maar merkten wij de laatste weken geen revival van de sciencefictionroman op? Nu Spielberg zich over een dystopische roman uit 2011 buigt, wijdt Goodreads zelfs haar homepage aan het genre. Naast de verfilming van ‘Ready player one’ zal in 2018 bovendien ook een bewerking van Ray Bradbury’s tijdloze klassieker ‘Fahrenheit 451’ gedraaid worden. Zijn die grimmige toekomstvisies terug van nooit weggeweest? We vroegen het Oscar van Gelderen, uitgever bij Lebowski Publishers die ondertussen al een decennium lang werk maakt van het opdiepen van vergeten klassiekers.   

Onze claim to fame op het gebied van klassiekers – wij spreken zelf liever van herontdekkingen, boeken die nooit eerder vertaald werden – is ‘Stoner’ van John Williams. Dat boek werd, om met Ivo Niehe te spreken, een ‘belachelijk groot succes’ en plaveide de weg voor meer titels uit het genre. Dat waren niet noodzakelijk boeken waaruit een grimmig toekomstbeeld spreekt. Zo hebben we met name in de voormalige DDR rondgekeken, en daar onder meer ‘Rummelplatz’ van Werner Bräunig gespot en ‘Jodenauto’ van Franz Fühmann gespot. Een echt grote ontdekking vond ik de verhalen van de jong overleden Breece DJ Pancake en van Lucia Berlin.

Hoe beginnen jullie aan de selectie van dergelijke herontdekkingen? Hoe bepalen jullie, met andere woorden, welke titels aan een vertaling of een hertaling toe zijn?

Er zijn in Nederland drie uitgevers zeer actief op dit terrein: Cossee, Van Oorschot en Lebowski. In omvang zijn het drie kleinere uitgevers, maar ze kunnen focussen op dit soort titels. Grote uitgevers zijn minder met herontdekkingen bezig, die moeten de machine voeden met steeds nieuwe titels. Bij herontdekkingen moet je bovendien ook lezen, hele oeuvres soms, en daar heeft men vaak geen tijd voor. Ik weet dus wie mijn belangrijkste concurrenten zijn, en ook wel in welke richting zij zoeken.

Staan er van tevoren titels op een 'wishlist'?

Ik heb vooral een liefde voor underground, dus daar zoek ik ook. Ik heb eindeloos veel lijstjes, maar ik ben toch steeds weer verbaasd als ik auteurs tegenkom waar ik nooit eerder van gehoord had. Het is schatgraven, truffel zoeken, en dat vind ik een heel mooi aspect van het vak. Daarnaast kan je als uitgever ook in zekere zin de geschiedenis corrigeren: van ‘Stoner’ werden er tijdens het leven van John Williams 2000 exemplaren verkocht in de USA. In 2013, het jaar van de wereldwijde herontdekking, gingen er een miljoen over de toonbank.

Is de dystopische roman een typisch Amerikaans verschijnsel?

Ik zou ‘Onderworpen’ van Houellebecq en ‘Anna’ van Niccolò Ammaniti ook onder dystopische literatuur scharen, en Orwell, Huxley en Ballard zijn Engelse auteurs. Dat lijkt me dus niet, maar het is wel opvallend hoe weinig dystopische en ook andere sciencefictionliteratuur in Nederland en Vlaanderen is en wordt geschreven. In Amerika is er natuurlijk wel een rijkere cultuur - of beter: subcultuur - die aandacht schenkt aan dystopie en sciencefiction.

'Dat gebeurt hier niet' werd geschreven tijdens de financiële crisis van de jaren dertig en toen Bradbury zijn 'Fahrenheit 451' neerpende, likte het Westen zijn wonden van de Tweede Wereldoorlog. Vragen moeilijke tijden om horror en sciencefiction?

Het lijkt me helder dat niemand onberoerd kan blijven door de actualiteit, en schrijvers bij uitstek niet. Je zou ook ‘Mefisto’ van Klaus Mann aan bovengenoemde boeken kunnen toevoegen door de wijze waarop de slagschaduw van het nazisme zeer invoelbaar wordt beschreven. Sinclair Lewis wordt in de kritieken vooral als een satiricus neergezet, een beetje vergelijkbaar met wat Michael Moore in de documentairewereld doet: de spot drijven, overdrijven, de hyperbool als stijlmiddel inzetten. Dit laat onverlet dat ‘Dat gebeurt hier niet’ een verbluffend boek is.

Jullie noemen de anekdote van een Londense boekenwinkel die de afdeling sciencefiction aangaf als 'real life, formerly known as sciencefiction'. Waarom grijpen wij net nu terug naar die romans? Leven wij in de wereld die zij voorspelden?

Ik denk dat we in tijden van (morele) crisis teruggrijpen op kwaliteit, op wat klassiek is. We durven minder risico te nemen, we zullen minder zomaar de hype volgen, minder springen in het ongewisse. Dat zagen we ook bij ‘Stoner’, en je ziet het nu door het politieke tumult in de USA. De top 10 staat er vol met Orwell, Atwood, Lewis, Dick en Huxley. Een boek als ‘De Cirkel’ van Dave Eggers – het digitale antwoord op ‘1984’ – is een perfecte analyse van het huidige digitale tijdsgewricht: willen we privacy of willen we net alles delen? Mag iedereen alles van ons weten of overwint onze angst voor Big Brother?

Welke voorspellingen komen akelig dicht bij de huidige werkelijkheid?

Ik denk dat de voorspellingen die appelleren aan de angst voor totalitaire regimes – of dat nu onder fascistisch bewind is, of onder shariawetgeving, zoals bij Houellebecq – zeer actueel zijn.

Waarom net nu?

Door de opkomst van het populisme, door dictatoriale regimes of regeringen die spotten met democratische waarden: van de Filippijnen tot Hongarije. En Trump is natuurlijk een grote katalysator: hij personifieert op volstrekt schaamteloze wijze hoe iemand als president het eigenbelang laat prevaleren boven het landsbelang.

Welke voorspellingen zijn onzin?

Je ziet veel thema’s terugkomen in deze boeken: technologie, milieu, politiek. Of die onzin zijn, zal de toekomst moeten uitwijzen. Ik vond het in ieder geval heel naargeestig dat net een maand nadat we ‘High-Rise’ van Ballard uitgaven in Londen een flat in de brand stond die voornamelijk bevolkt was door migranten en minderbedeelden. Het deed me denken aan de ramp in de Bijlmer in Amsterdam met het El Al-vliegtuig: daar werden ook voornamelijk (illegale) migranten getroffen.

Jullie noemen ‘High-Rise’ een post-Brexit roman. Werd het uittreden van het Verenigd Koninkrijk erin voorspeld?

‘High-Rise’ is een roman over de strijd tussen de elite en de werkende klasse, een strijd die ook in de keuze van Engeland voor ‘leave’ tot uitdrukking kwam: het was de werkende klasse die wilde vertrekken. In Ballards flat zit de upper class in de top en bevolkt de lower class het onderste gedeelte van de flat. De Grenfell Tower was bevolkt door louter lower class, in een upper class buurt.

Hoe vertaal je die herontdekkingen?

We laten eigenlijk alle boeken opnieuw vertalen, dus ook Ballard, Dick en Bradbury, die deels al in het Nederlands verschenen. Irving Pardoen is een ervaren vertaler. Hij doet Ballard en Dick voor ons. Ik was aangenaam getroffen door de kwaliteit van de vertaling van Sinclair Lewis. Die leest als een trein. Gerda Baardman is heel belangrijk in het literaire veld. Als topvertaalster overziet ze geregeld vertalingen waaraan ze zelf niet meewerkt, zo onder meer voor Lewis. Evi Hoste, die een grote liefde heeft voor underground en subversieve boeken, vertaalde eerder ‘I Love Dick’ van Chris Kraus. De redacteuren van Lebowski coördineren alle uitgaven en begeleiden de vertalers.

Zijn er ook hedendaagse auteurs wier werk hierbij aansluit?

Jeff Vandermeer, Lidia Yuknavitch en Ted Chiang zijn auteurs die spelen met de ingrediënten van het genre, maar ook Eggers, Atwood, Houellebecq en Ammaniti zijn literaire auteurs met liefde voor het dystopische.

Later dit jaar verschijnt bij jullie ook het vervolg op 'Blade Runner'. Wil Lebowski in de toekomst deze lijn verder doortrekken?

De film ‘Blade Runner’ is gebaseerd op ‘Do Androids Dream of Electric Sheep?’ van Philip K. Dick. Dat vind ik een razend interessante auteur. Ik had vroeger het idee dat sciencefiction over marsmannetjes en vliegende schotels ging en daar haalde ik mijn snobistische neus voor op, maar vanuit meerdere hoeken, onder meer door auteur Auke Hulst, maar vooral Dicks literaire agent (de vreeswekkende Andrew Wylie), is er aangedrongen mijn op weinig kennis gebaseerde vooroordelen te herzien. Een mens is immers nooit te dom om te leren. Inmiddels heb ik het licht gezien, en heeft vooral de zogenoemde ‘grounded science fiction’ - boeken dus die zich op aarde afspelen, en niet in de stratosfeer, boeken die gaan over mogelijke toekomstscenario’s - mijn grote interesse kunnen wekken.

Doe zelf eens een voorspelling. Hoe zie je Lebowski in 2027?

Mijn belangrijkste doel is om op een volwaardige manier Nederlandse en Vlaamse romans in dit genre - de grounded science fiction - uit te geven. Dat is nog nooit ernstig gebeurd in Nederland en ik weet dat veel auteurs in Nederland en Vlaanderen hier interesse in (kunnen) hebben. Ik ben daarom trots dat half september onze eerste Nederlandse ‘what if’-roman verschijnt. Het is een omgekeerd migratieverhaal van de hand van Jerrry Goossens, ‘Tot bloed op het droge’. Daarin is Nederland onder water gelopen en vestigt zich vervolgens, op de vlucht voor het water, een enclave Nederlanders in de Sahara. Op virtuoze wijze speelt Goossens met alle clichés over migranten en vluchtelingen. Ik hoop dit Nederlandstalige onderdeel van Lebowski overigens ruim voor 2027 uit de grond gestampt te hebben, want zoals R.W. Fassbinder zei: 'Slapen doe ik wel als ik dood ben.'