Niccolò Ammaniti

Interview met Niccolò Ammaniti

'DE WOORDEN KOMEN

WANNEER ZE MOETEN KOMEN.'

Heel even dachten we dat het niet meer zou gebeuren, maar tegelijkertijd wisten we dat hij zijn lezers nooit in de steek zou laten. Ja, de fans van de Italiaanse bestsellerauteur Niccolò Ammaniti hebben er langer op moeten wachten dan we van hem gewoon zijn, maar ergens vorige maand lag er plots toch een nieuw boek (titel: ‘Anna’) in de winkelrekken. Naar aanleiding van zijn nieuwe roman spraken we met Ammaniti in Antwerpen over zijn zwak voor Belgische muziek, zijn routines tijdens het schrijven en natuurlijk over zijn langverwachte nieuwe roman. 

In veel van je verhalen en ook in ‘Anna’ spelen jonge adolescenten van dertien, veertien jaar de hoofdrol. Waarom kies je er zo regelmatig voor om te schrijven rond zulke jonge personages?
Niccolò Ammaniti: ‘Naar wat ik denk is de periode van de adolescentie de belangrijkste fase is in een mensenleven. Het is de meest ingrijpende periode waarin het meeste verandert voor wat men ‘het individu’ noemt. Niet alleen zijn er veel lichamelijke veranderingen tijdens die periode, maar wijzigt ook je denken ingrijpend. Daarnaast is het ook de periode waarin je je van veel dingen bewust wordt, bijvoorbeeld van je komaf en dat je er in het leven ook wel eens alleen voor staat. Met andere woorden begin je op die leeftijd te denken en te handelen als een volwassene. Dat maakt je als ook onvoorspelbaar: allemaal dingen die het voor mij als auteur interessant maken om daar dan over te schrijven.’

In ‘Anna’ breekt de Rode Ziekte uit die alle volwassenen uitroeit en er bijgevolg voor zorgt dat er alleen maar kinderen en adolescenten overblijven. Hoe ontstaan zulke - en in dit geval tragische - verhaallijnen? Sta je daar ’s morgens mee op? 
Ammaniti: ‘Al mijn boeken beginnen met een ingeving, maar in tegenstelling tot veel andere auteurs, schrijf ik van die ingevingen niets op papier tot ik effectief begin met het schrijven van een boek. Voor ik me tot het papier richt, moet het hele verhaal al van A tot Z in mijn hoofd zitten. Alles speelt zich dus af in mijn gedachten, maar om die gedachten en verhaallijnen geraffineerder te maken, moet ik wel een klankbord hebben. Voor mij is dat praten met mijn vrouw, vrienden of andere vertrouwenspersonen.’

Zou je zelf ooit van die routine kunnen afwijken?
Ammaniti: ‘Ik durf er zeker van af te wijken wanneer ik bijvoorbeeld voor de krant schrijf, maar niet wanneer ik bezig ben met het schrijven van een boek. Schrijven voor de krant is een goede en interessante oefening om nieuwe werkmethodes uit te proberen. Wanneer ik voor de krant schrijf, moet ik iedere maand één hoofdstuk aanleveren en heb ik niet de tijd om alles eerst uit te werken in mijn hoofd. Op die manier ben ik dus gedwongen het verhaal vorm te geven tijdens het schrijven.’ 

Laten we een stapje verder gaan. Heb je ook een bepaalde routine die je voor jezelf moet aanhouden wanneer je een boek aan het schrijven bent en je het verhaal al helemaal in je hoofd hebt zitten? 
Ammaniti: ‘Dat dan weer niet. Ik weet dat mijn hersenen ’s morgens beter werken dan op andere tijdstippen en daar hou ik soms wel rekening mee, maar toch schrijf ik vooral wanneer ik zelf wil. Zo kan het zijn dat ik de ene dag maar een paar zinnen schrijf en de volgende dag een heel hoofdstuk. Het is dus niet dat ik mezelf een bepaald ritme opleg tijdens het schrijven van een boek zoals veel andere schrijvers wel doen. De woorden komen wanneer ze moeten komen.’

Wanneer je dan een ijverige periode achter de rug hebt en veel geschreven hebt, pas je later dan nog veel aan je teksten aan of ben je meteen tevreden? Hoe bepaal je wanneer iets af is?
Ammaniti: ‘Des te meer ervaring je hebt in het schrijven van boeken, des te sneller je tevreden bent over wat je geschreven hebt. Vroeger corrigeerde ik na het schrijven veel meer in mijn teksten ten opzichte van nu, maar dat heeft er veelal te maken dat je als jonge schrijver nog niet zeker genoeg bent, wat maar heel normaal is. Hoe dan ook kan ik jonge schrijvers wel adviseren om teksten pas te beginnen bijwerken wanneer je heel je boek geschreven hebt. De focus moet eerst altijd liggen op het schrijven, niet op het polijsten.’

Ik heb me laten vertellen dat je tijdens het schrijven bijna altijd naar muziek luistert. Naar welke muziek heb je zitten luisteren tijdens het schrijven van ‘Anna’?
Ammaniti: ‘Dat klopt volledig. Muziek is altijd heel cruciaal geweest in mijn leven en naar gelang de sfeer in het boek, pas ik de muziek die ik beluister daaraan aan. Voor ‘Anna’ heb ik op die manier veel naar post-rock zitten luisteren. Bands als Mogwai, Godspeed You! Black Emperor en God Is An Astronaut zijn heel cruciaal geweest tijdens het schrijven van dit boek. Langs de andere kant heb ik ook regelmatig zitten luisteren naar artiesten als Nils Frahm en Peter Broderick.'

Ken je dan toevallig de Belgische/Nederlandse artieste Chantal Acda? Zij nam haar laatste langspeler volledig op met Peter Broderick en doet het nu ook goed in Italië.
Ammaniti: ‘Neen, maar als je haar naam even opschrijft, ga ik het thuis opzoeken. Belgische artiesten zijn trouwens ontzettend getalenteerd. Ik luister bijvoorbeeld veel naar Wim Mertens, dEUS en Jan Swerts.'

Over andere talen gesproken: de Amerikaanse schrijfster Jhumpa Lahiri gaat haar volgende roman in het Italiaans schrijven in plaats van in haar moedertaal. Zou jij ooit overwegen om een boek in een andere taal te schrijven?  
Ammaniti: ‘Ik heb bewondering voor auteurs die dat kunnen, maar ik zou het zelf nooit kunnen. Wanneer ik schrijf, moet ik exact kunnen omschrijven wat ik bedoel en dat kan ik niet in andere talen. Mocht ik ooit overwegen een boek te schrijven in een voor mij vreemde taal, moet ik die taal minstens even machtig zijn als mijn moedertaal.’

Je verhalen zitten vol surrealistische elementen en het lijkt soms alsof je je romans gebruikt als een vorm van escapisme. Het voelt alsof de schrijver Ammaniti heel ver afstaat van de persoon Ammaniti. Klopt dit?
Ammaniti: ‘In boeken kan je altijd bepaalde linken vinden die refereren naar het leven van de auteur, maar ik probeer die verbanden zoveel mogelijk te verdoezelen. Ik hou er niet van om over mezelf te praten, ook niet in mijn boeken, dus neem ik in mijn verhalen doelbewust zoveel mogelijk afstand met mijn eigen leven. Ik ga pas iets van mijn persoonlijke leven in mijn boeken integreren wanneer het past binnen het verhaal en in het teken staat van de literatuur.’

Door onder andere die surrealistische elementen krijgen je boeken altijd een enorm filmisch karakter. In het verleden zijn dan ook al vier van je boeken verfilmd. Wordt ‘Anna’ het vijfde boek?
Ammaniti: ‘Ik ben op dit moment aan het kijken of er mogelijkheden zijn om ook ‘Anna’ te verfilmen, ja, maar het zit allemaal in een nog heel prille fase. In ieder geval ben ik al begonnen met het schrijven van het scenario, maar of er effectief een film van komt, zal de toekomst moeten uitwijzen.’

Als laatste wil ik je nog bedanken voor twee zinnen die je schreef op pagina 244 van ‘Anna’. Je schreef daar: ‘Je weet pas wat liefde is als ze het je afpakken. Liefde is gemis.’ Twee ronduit prachtige zinnen. Bedankt daarvoor en ook voor dit interview.
Ammaniti: ‘Graag gedaan.’

Lees hier onze recensie van 'Anna' van Niccolò Ammaniti. / De playlist met onder andere de nummers waar Ammaniti naar luisterde tijdens het schrijven van 'Anna' kan je dan weer hier terugvinden.