Michiel Vandevelde - 'Je moet mensen niet schofferen, maar samenleven op basis van verschil'

Interview met Michiel Vandevelde - 'Je moet mensen niet schofferen, maar samenleven op basis van verschil'

Extra City in Berchem wil een discussieplatform zijn voor stedelijke en actuele thema’s. Via hedendaagse kunst toont de kunsthal verschillende visies over de toekomst. Eating Each Other werpt een nieuwe kijk op de diverse samenleving. De tentoonstelling stelt de strategie van de re-appropriatie voor, ofwel het zich opnieuw toe-eigenen. De choreograaf Michiel Vandevelde cureerde Eating Each Other.

Eating Each Other gaat over eten en gegeten worden. Het is een metafoor voor het zich toe-eigenen van een cultuur of het toegekend worden aan een andere cultuur. Wat betekenen appropriatie en re-appropriatie?

Vandevelde: Appropriatie is een vorm van toe-eigening door een persoon of een instelling met structurele macht en re-appropriatie is een vorm van toe-eigening door een persoon of organisatie die geen macht heeft. Het is een complexe dynamiek en die probeer ik in Eating Each Other te creëren tussen de kunstwerken. Dit jaar gaat Antwerpen een shift kennen van minoriteiten ten opzichte van majoriteiten. Er zullen meer minderheden zijn dan dat er een meerderheid is van een groep. De hegemonie van de Vlaming of de etnische Belg verdwijnt. Minderheden bestaan uit nieuwkomers, maar we kennen natuurlijk ook een verhaal van 50 jaar migratie. Die minderheden worden deel van de stad, maken zich de stad eigen, maar worden ook ‘eigen gemaakt’ door de stad. Hoe eigenen mensen zich een stad toe, door rituelen, gebruiken en kennis die ze meenemen vanuit hun eigen achtergrond? Maar ook: hoe worden zij voortdurend ‘opgegeten’? Daarover gaat de tentoonstelling.

Bart De Wever zegt de laatste tijd vaak dat minderheden in de stad Antwerpen niet deelnemen aan de feesten, omdat ze de verlichte waarden niet delen. Verlichte waarden, gelinkt aan liberalisme, claimen een soort openheid. Die openheid heeft blijkbaar een beperking vanaf dat het heel anders wordt of niet past binnen lokale tradities. De openheid is paradoxaal.

Het hoofddoekendebat is daar een mooi voorbeeld van: we zijn open, maar niet voor mensen die een hoofddoek dragen binnen openbare instellingen. Tegelijkertijd komt er steeds meer protest door groepen en dat is een proces van toe-eigening of re-appropriatie. Baas over eigen hoofd bijvoorbeeld toont aan dat een hoofddoek niet per se vrouwonvriendelijk is. Er zijn heel veel verschillende visies en relaties tot de hoofddoek. Baas over eigen hoofd werd onlangs uitgenodigd voor een debat op de VRT, maar ze hebben dat geweigerd omdat ze bij het begin de framing van hun verhaal al negatief vonden. Witte instellingen nodigen minderheden uit voor bepaalde debatten, maar de framing is eigenlijk al wit gekleurd. De weigering om dan opgegeten te worden, vind ik interessant.

Hoe wordt de dynamiek tussen appropriatie en re-appropriatie weergegeven in de tentoonstelling? 

Vandevelde: De installatie van Pieterjan Ginckels, NO PEAKS, vormt het beginpunt. Hij noemt zichzelf een ‘culturele archeoloog van westerse statusobjecten’. Pieterjan eigent zich westerse cultuurobjecten toe en presenteert ze in een ‘domme’ versie. Hij toont de gestripte versie van een Red Bullblikje, een Lamborghini, een trampoline... Het zijn allemaal objecten die tot de upper of middle class behoren: een ‘over-identificatie’ van een westerse sfeer of publieke ruimte. Alle werken errond contesteren die houding.

De film INFINI#1 van Arkadi Zaides staat daar tegenover. De film is opgenomen op het Griekse eiland Lesbos, waar elke dag ongeveer 1500 migranten binnenkomen. Arkadi’s video-installatie geeft een geografische context aan de tentoonstelling: het gaat over Europa. Het werk toont ook de limieten van de rijkdom van het Westen. Die rijkdom is namelijk enkel geografisch: de rijkdom wordt doorheen de geschiedenis vooral in westerse sferen geuit, eerder dan in Afrikaanse.

Boven stellen we het werk van Ermias Kifleyesus tentoon. Hij eigent zich bestaande schilderijen toe door ze omgedraaid op een ander canvas te plakken. Enkel de achterkant van het originele schilderij is dan nog zichtbaar, en daar kerft Ermias een wereldkaart in. Het werk vormt een metafoor voor de achterkant van de geschiedenis en opnieuw van de rijkdom waarop het westen gebaseerd is. De werken van Arkadi en Ermias contesteren de rijkdom die geëtaleerd wordt in Pieterjans installatie. Die dynamiek staat centraal.

Ik stelde u voor als de curator van Eating Each Other, maar dat moet ik nuanceren. In mei eigenen andere curatoren zich de tentoonstelling toe, namelijk de Poolse Aneta Rostkowska en Jakub Woynarowski. De tentoonstelling krijgt dan een andere naam: Breach. Waarom moet een tentoonstelling over re-appropriatie opnieuw geapproprieerd worden?

Vandevelde: In heel de discussie rond white privilege, krijg ik soms al het verwijt dat ik, een witte man, over iets als re-appropriatie een tentoonstelling durf te maken. Ik vind het belangrijk om een barst te laten in de verhalen die je vertelt. Op die manier kunnen andere mensen jou contesteren. Geschiedvertelling bijvoorbeeld, vertrekt altijd vanuit een bepaald perspectief en is nooit neutraal. Hoe kun je hetzelfde verhaal vertellen vanuit verschillende invalshoeken? Ik heb in het maken van de tentoonstelling een bepaalde machtspositie en wil die in vraag stellen. Om die redenen vroeg ik Aneta en Jakob om de tentoonstelling te re-appropriëren. Ze gaan met alle elementen van de huidige tentoonstelling een ander verhaal vertellen. Op 27 mei heropent de tentoonstelling.

Het campagnebeeld van Eating Each Other is een afbeelding van Protest painted Black. Het werk van Mashid Mohadjerin hangt in de tentoonstelling en toont een lachend masker, vooral bekend van het hackerscollectief Anonymous, maar dan in het zwart. Van waar komt de keuze voor dit werk?

Vandevelde: Het Anonymous masker is normaal wit. Machid Mohadjerin heeft het masker gevonden tijdens de Arabische lente en heeft het gefotografeerd. Het witte masker was zwart geschilderd en had een Arabische inscriptie tegen het moslimbroederschap. Het is een soort stealing from the West, omdat het witte masker eigenlijk gelinkt is aan een Brits heldenverhaal. Guy Fawkes gebruikte het masker voor het eerst in 1605, toen hij een bomaanslag op het parlement pleegde om de government omver te werpen. Het masker staat symbool voor een westers verhaal en werd later gebruikt door protestorganisaties als Occupy London, Anonymous hackerscollectief en Occupy Wall Street. Nu komt het voor in het Midden-Oosten in een andere context: zwart geschilderd en overgenomen door de actievoerders daar. Protest painted Black is een letterlijke vorm van re-appropriatie.

Voeren jullie met de tentoonstelling een protest?

Vandevelde: De tentoonstelling is een lichte vorm van activisme, zeker binnen de Antwerpse context. Het bestuur is zeer rechts en Vlaams-nationalistisch gezind. Ze staan op een bepaald waardenkader met plichten en rechten, met een liberale saus erover en tegelijkertijd vinden ze de lokale tradities heel belangrijk. Als Bart De Wever of consoorten uitspraken doen over minderheden, vind ik dat hallucinant, zeker als je kijkt naar de demografie van Antwerpen en hoe de stad zal veranderen. De onwil om de ander te zien is groot en men wil de toekomst voordenken. Je moet mensen niet schofferen, maar nadenken over hoe we kunnen samenleven op basis van verschil, de enige gedeelde waarde. Dat is namelijk de enige mogelijkheid die we zullen hebben als er geen homogeniteit meer is. Antwerpen is een heterogene groep met meer dan 170 minderheden. Hoe organiseer je die samenleving? Ik denk dat dat absoluut niet gebeurt door te claimen dat de westerse verlichte waarden moeten gevolgd worden. Ik denk dat je zeker voor bepaalde waarden mag staan, maar om die te willen opleggen aan een hele groep: dat gaat te ver.

Bij Eating Each Other hoort ook een activiteitenprogramma. In april organiseren jullie een performance weekend met onder meer Fractured Memories van de Keniaanse theatermaker Ogutu Muraya. Hij kwam de laatste weken in de actualiteit omdat hij diezelfde performance annuleerde in het KVS-programma. De reden hiervoor was het racisme in de voorstelling Het leven en werk van Leopold II, dat naast Muraya’s performance getoond werd in het kader van dekolonisering. Hoe kijkt Extra City naar die situatie?

Vandevelde: Ik heb zeer veel respect voor de beslissing die Ogutu daar durfde nemen. Wij steunen hem al langer en er is een interessant debat ontstaan. Leopold II gebruikt satire. Heeft satire dan afgedaan als politieke strategie? Ik denk het niet. Satire wordt meestal gebruikt door zij die geen structurele macht hebben, maar in het geval van Leopold II door een witte regisseur in een instelling, geleid door een witte man. Mensen die al bepaalde privileges hebben, gebruiken de vorm van satire om een bepaald probleem aan te kaarten. Dat is gewoon niet ver doorgedacht over je eigen privileges.

Het debat woedt op dit moment heel hard: dat is super goed. Als witte mens moet je volgens mij voortdurend streven naar begrip voor zij die geconfronteerd worden met discriminatie en hun gevecht ertegen steunen. Helaas zie je vaak dat een debat na een tijd uitdooft en dat er weinig verandert op structureel gebied. Maar op lange termijn kan je wel naar je eigen privileges en je eigen positie kijken. Dan moet je conclusies trekken en vooral ruimte creëren, wat misschien ook impliceert dat je een bepaalde machtspositie afstaat.

Zoals u doet door de tentoonstelling te laten re-appropriëren?

Vandevelde: Ja, maar misschien moet ik zelfs niet meer cureren. Door de tentoonstelling te maken en door het debat dat nu woedt, ben ik beginnen nadenken. Hoe maak je ruimte op een interessante en constructieve manier? Bij kunstenaars draait het om hun eigen werk, om hun eigen idee. Bij veel activisten draait het niet om zichzelf, maar om een doel totaal los van hen en dat vind ik iets heel moois. Ze gebruiken hun privilege voor andere zaken. Wat betekent het om zich dienstig op te stellen voor bepaalde zaken en wat zijn de consequenties? Hoe kan ik meer samenwerken in het cureren? Het denkproces is volop aan de gang.