Interview met Johnny de Mol: 'Luk Wyns ziet een kleine Luk in mij'

Interview met Interview met Johnny de Mol: 'Luk Wyns ziet een kleine Luk in mij'

Momenteel is hij nog vrij onbekend in Vlaanderen, maar daar kan na 'Crimi clowns' wel eens verandering in komen. Dat hij momenteel een relatie heeft met Josje van K3 zal daar ook wel aan meehelpen. De Nederlander Johnny de Mol (zoon van mediamagnaat John de Mol) speelt de rol van Wesley Tersago in 'Crimi clowns', de zoon van opperclown Ronny (Luk Wyns). Wij hadden na lang wachten – toch al een populaire jongeren onder het Vlaamse journaille – een kort gesprek met hem.

CE: Was je meteen verkocht toen het programma aan je werd voorgesteld?

Johnny de Mol: Eerlijk gezegd wel, ja. Ik werd gebeld door een producent van Luk (Wyns; red.) en hij vertelde me dat ze in België een clownsserie gingen maken. Ik moet wel eerlijk zeggen dat ik even mijn twijfels had toen ik dat hoorde. ‘Huh, een Belgische clownsserie?’. Maar ik en Luk hebben toen afgesproken op restaurant en we hebben zo’n twintig minuten met elkaar gesproken. Luk had al een pilot gemaakt en hij zei me dat ik die eens moest bekijken. Ik heb die toen bekeken en heb hem meteen gezegd dat het niet uitmaakte wat ik moest doen. Ik zou het komende jaar in mijn agenda geschrapt hebben, het maakte niet uit wat het betaalde, want ik wou hier gewoon aan meedoen en ik zou zeer vereerd zijn als dat kon. Luk zei me toen dat hij nog wat dingen ging herschrijven, om mijn rol groter te maken. Er was dus niet veel nodig om mij te overtuigen. Ik mag in mijn handen wrijven dat ik hieraan mee mag doen.

CE: Hoe verliep de samenwerking met Luk?

de Mol: Het klinkt misschien een beetje gezapig, maar ik denk dat het meteen liefde op het eerste gezicht was tussen Luk en mij. Ik denk zelfs dat Luk een beetje een kleine Luk in mij ziet. Ik wil niet zeggen dat ik een autoriteitsprobleem heb, maar als iemand mij iets zegt dan moet het gegrond zijn. En Luk is zo scherp en zo goed, dat als ik even verzaakte hij mij meteen aanpakte. Daardoor konden wij tot grote hoogte stijgen en dat heb ik niet vaak met collega's en regisseurs. Ik denk dat wij het beste in elkaar naar boven gehaald hebben.

CE: Hoe was het om tussen die groep Belgen te belanden?

de Mol: Ja, super. Ik heb zelf tot mijn veertiende in België gewoond en dat was toch een belangrijke periode in mijn jeugd. In eerste instantie vond ik de serie zo goed dat ik dacht: 'Fuck it, ik kom een jaar in Antwerpen wonen.' Maar ik heb de tijd van mijn leven gehad. We hadden een groepje dat niet alleen tijdens de werkuren met elkaar omging, maar ook daarbuiten. En daar gaat wederom alle lof uit naar Luk die een groepje mensen heeft samengebracht die voor hem door het vuur gaan. Ik ben nu een paar maanden niet meer hier geweest en ik vind het nu wel tof om iedereen terug te zien. Het voelt wel een beetje als familie.

CE: Voor de reeks heb je je ook een Antwerps accent moeten aanmeten. Was dat moeilijk?

de Mol: Ja, heel moeilijk. Ik heb in Belgisch Limburg gewoond, en dat is natuurlijk een heel ander accent. De eerste maanden hebben we heel hard aan mijn accent moeten werken. Soms hebben we scènes moeten laten liggen, dan zei Luk dat we die wel in de postproductie zouden inspreken. Ik speel nu eenmaal een Antwerpenaar en de Antwerpenaren zouden me afmaken als het accent niet juist zat. Luks zoon Jonas, die overigens alle muziek heeft gemaakt, heeft elke avond mijn teksten ingesproken zodat ik ze fonetisch kon leren. Luk duldde daar geen foutjes in. Het was keihard, maar ik was het er ook wel mee eens. Het moet nu eenmaal goed zijn en ik hoop dat dat is gelukt.

CE: Met deze reeks zou je nu ook wel eens bekend kunnen worden in België.

de Mol: Ja, dat is nu eenmaal altijd inherent aan acteur zijn. Ik denk nog altijd dat het vak dat we doen belangrijker en fijner is dan wat het met zich meebrengt. En in Nederland word je beoordeeld op wat je doet en daar komen ook altijd wel negatieve dingen bij kijken. En ja, ik kom nu eenmaal uit een bekende familie dus ik ben er wel mee opgegroeid. Ik heb Nederland gehad dus ik denk dat ik België er nu ook nog wel bij kan hebben. Ik hoop dat België het andersom ook zo voelt. (lacht)

CE: Wordt de reeks een succes in Nederland?

de Mol: Ik weet het niet. We hopen natuurlijk allemaal van wel, we denken van wel en we voelen van wel. Maar je moet maar wel net de humor snappen en het onderbuikgevoel hebben van deze toffe serie die af en toe wel over het randje gaat. Weet je, iedere film die je doet gun je het grootste publiek en je hoopt dat iedereen het leuk vindt. Maar ik denk dat dit iets is wat je oftewel te gek of helemaal fantastisch vindt.

Foto: © VMMa