The last guardian

Op pad met je knuffelbeest

‘Met twee is leuker dan alleen’ lijkt wel het motto in het oeuvre van gameauteur Fumito Ueda en zijn Team Ico. In 2001 weet hij Sony te overtuigen om een persoonlijk game-ideetje te financieren. Het resultaat is het bejubelde kleinood ‘Ico’. Daarin neem je Yorda, een damsel-in-distress met moederissues, letterlijk bij de hand om het ouderlijk spookslot te ontvluchten.

In 2005 doet Ueda pas echt de hoofden draaien met ‘Shadow of the Colossus’. In dit epos doorklief je een uitgestrekt landschap op zoek naar achttien colossen om hun ziel te stelen. De enige metgezel is je paard Agro, misschien wel het meest temperamentvolle en natuurgetrouw geanimeerde dier in de gamegeschiedenis. Na negen woelige productiejaren is Ueda er eindelijk met zijn nieuwe mens-dier buddygame: ‘The last guardian’.

Het onwaarschijnlijke duo bestaat deze keer uit een naamloos jochie dat je zelf bestuurt en Trico, een serieus uit de kluiten gewassen puppy met vleugels en de koppige trekjes van een kat. Het tweetal moet samenwerken om uit een prachtig weergegeven geruïneerde stad te ontsnappen. Jij wurmt je daarbij door nauwe gangen en klautert langs kettingen omhoog. Trico slaat dan weer tegenstanders tot moes en overbrugt afgronden terwijl je op z’n rug zit.

Team Ico slaagt er wonderwel in het onweerstaanbaar knuffelbaar beestje meer karakter te geven dan het gros van alle sidekicks in videogameland. Zelfs niet de Youtube-katjes spelen zo snoezig met een koordje — in Trico’s geval: een stalen ketting — en janken zo hartverscheurend. Het geniale is dat Trico’s maniertjes niet als opsmuk dienen, maar een wezenlijk onderdeel van de speelervaring vormen.

Communicatie is key bij de duo-onderneming van het jongetje en Trico, maar wat doe je als je elkaars taal niet spreekt? Juist: je gaat molenwieken, nabootsen, roepen en geduldig observeren tot je samen een gemeenschappelijk taaltje ontwikkelt. Dat is precies wat Trico probeert te doen.

'The last guardian' vraagt een andere instelling dan je in de meeste games gewoon bent. De relatie opbouwen met Trico heeft tijd nodig: je moet zijn lichaamstaal in het oog houden en zijn geluidjes leren kennen. Observeer je hem geduldig, dan merk je algauw dat hij de juiste richting aanduidt met zijn snuit (‘Squirl!’), snuift wanneer hij eten reukt en jammert als er gevaar dreigt. Het jongetje van zijn kant kan Trico ergens heen sturen met een welgemikte tik, tonnen met eten geven als beloning of hem aanmoedigen een gedurfde sprong te wagen. In het begin loopt deze wisselwerking niet van een leien dakje, maar na een tijdje voelen ze elkaar steeds beter aan. Tot er zulk een innige band ontstaat en ze niet meer zonder elkaar kunnen.

Je merkt dat de ontwikkeling van ‘The last guardian’ een tijdje in de koelkast heeft gestaan. Enkele technische verouderingsmankementjes vallen op: de framerate neemt af en toe een dipje, de camerabediening is nogal klunzig en het jongetje beweegt wat stroef. Maar ach, we nemen het er graag bij om deze hartverscheurende vriendschap niet te missen.

Details Game
Jaar:
2016
Genre:
Action-adventure
Platform:
PS4