- Titel: 's Nachts komen de vossen
- Auteur: Cees Nooteboom
- Uitgeverij: De Bezige Bij
- Jaar: 2009
- Aantal pagina's: 158
Cees Nooteboom, ''s Nachts komen de vossen' (2009)
De afwezigheid van een dier
Midden vorig jaar stapte Cees Nooteboom over naar uitgeverij De Bezige Bij en dat die laatsten daar blij om zijn mag blijken uit de toevloed aan Nooteboom-boeken die we naar het hoofd geslingerd krijgen. Binnenkort verschijnen van zijn hand een reisboek over Argentinië en Mexico en een boek over Berlijn na de val van de Muur. De uitgeverij is ook gestart met een heruitgave van zijn volledige oeuvre en er is 'Nooteboom en de anderen', het boek van Margot Dijkgraaf over Nooteboom. Maar voor de liefhebbers van de fictieschrijver Nooteboom is het enige echte nieuwsfeit de verhalenbundel ''s Nachts komen de vossen'. In het mooie openingsverhaal ‘Gondels' gaat het over een man die voor het eerst sinds lang weer in Venetië is, en daar de plaats opzoekt waar hij ooit met een geliefde gefotografeerd werd. Er gebeurt heel weinig in dit verhaal, maar Nooteboom raakt zoveel herkenbare emoties aan en zijn vertelstem klinkt zo dwingend dat de lezer zich niettemin snel betrokken voelt.
De twee andere stillevens in deze bundel, ‘Laatste middag' en ‘Eind september', overtuigen minder. Nooteboom is namelijk zo'n schrijver die zijn vak serieus neemt en het bijschaven tot een kunstvorm verheven heeft. Het resultaat is een behoorlijk literair aandoende stijl die af is en nergens minder dan knap te noemen valt maar die ook wel eens zwaar op de hand dreigt te worden. 'Tegenwoordig willen lezers vooral anekdotes. Ze willen geamuseerd worden. Nou, dat lever ik per definitie niet', zegt hij hier zelf over in een interview.
Nochtans hebben wij wél heel erg genoten van ‘Onweer', waarin Nooteboom op enkele bladzijden tijd enkele afgelijnde personages neerzet én een verhaal vertelt. Ook het langste verhaal, ‘Heinz', bevat een soort intrige en opent met een stukje fictie in de fictie: de schrijver bekijkt een foto en beeldt zich in dat hij niet weet wie de geportretteerden zijn. Langzaamaan krijgt de lezer een vermoeden van de tragedie die de ooit zo flamboyante Heinz ten gronde richt.
Telkens weer in deze verhalenbundel zijn het de doden die over de grens van leven en dood heen het gevoelsleven van hun nabestaanden overhoop halen. In het opmerkelijke ‘Paula II' neemt zelfs een dode vrouw het woord. Dat lijkt haast op spielerei, maar uiteindelijk doet Nooteboom hier hetzelfde als in de andere verhalen: hij legt bloot hoe allesbepalend een gemis kan zijn. Al situeert dat gemis zich in ‘Paula II' bij de overledene, die reddeloos ronddwarrelt in het niets: ‘Hier is een chemie aan de orde, die ik niet beheers.' Het deed ons wat terugdenken aan Nootebooms roman ‘Het volgende verhaal' uit 1991.
De verhalen in ''s Nachts komen de vossen' zijn soms wat te weinig ambitieus (‘Laatste middag', ‘September'), soms intrigerend (‘Paula II') en drie keer ook uitmuntend (‘Gondels', ‘Onweer', ‘Heinz'). De schrijver Nooteboom, die geen amusement zegt te leveren maar koppig zijn eigen thema's blijft bespelen (dood, leven, de psyche), lijkt alsmaar meer op dat personage uit het openingsverhaal ‘Gondels': 'Ze liet zich strelen met een afgewend gezicht en viel dan indrukwekkend in slaap met de afwezigheid van een dier waarvoor de wereld niet meer bestaat.' Indrukwekkend mooi is dat en het is ook dat soort zinnen en bespiegelingen dat deze bundel het lezen waard maakt.
Daan Wouters
© Cutting Edge -- 21 Apr 2009
images © De Bezige Bij
Reageer
Details // Boek
FOTO * FOTO * VIDEO * FOTO * VIDEO * FOTO * VIDEO * FOTO
Meer Foto's »» | Meer Video's »»

