Wim Hazeu, 'Lucebert, biografie'

De keizer mag zijn kroon behouden

Na eerder fel geprezen biografieën over Slauerhoff, Achterberg, Vestdijk en Maarten Toonder tekende Wim Hazeu (1940) nu ook het levensverhaal op van dichter-beeldend kunstenaar Lucebert (1924-1994). Een onthullend verhaal over geliefden, vriendschappen en belevenissen in Nederland, Duitsland, Italië en Spanje. 'Lucebert' is een publicatie die in Nederland voor flink wat beroering heeft gezorgd.

Het nieuws sloeg in als een bom: Lucebert, pseudoniem van Bertus Swaanswijk, schreef in de periode 1943-1944 aan zijn vriendin Tiny Koppijn antisemitische brieven. Hij ondertekende ze zelfs met 'Sieg Heil'. Ze werden Hazeu naar verluidt aangereikt door de dochter van de overleden Tiny Koppijn. Een gegeven dat in de Nederlandse media niet onopgemerkt voorbij is gegaan. Elsbeth Etty wijdde er in het weekblad 'De Groene Amstedammerzelfs een kritische column aan. Ze vroeg zich hierin af of Wim Hazeu alleen losse citaten uit de correspondentie naar buiten mocht brengen. En waarom de biograaf zo weinig aandacht had besteed aan Tiny's politieke opvattingen. Blijft uiteraard de hamvraag waarom Lucebert al die tijd deze zwarte bladzijde uit zijn leven heeft verzwegen en of zijn oeuvre voortaan in een andere context moet worden bekeken en gelezen?

Feit is dat de jonge Lucebert altijd uiterst zelfbewust is geweest. Hij vond zichzelf bijzonder en was ervan overtuigd dat hij ooit een grote kunstenaar zou worden. Bovendien aarzelde hij niet herhaaldelijk te verklaren dat hij innerlijke stemmen hoorde die hem als dichter inspireerden. Uit alles wat Hazeu schrijft blijkt dat Luceberts poëzie toonaangevend was bij de Vijftigers. Hij en niemand anders was de onbetwiste keizer. In die mate zelfs dat hij bepalend is geweest voor de ontwikkeling van het dichterschap van Gerrit Kouwenaar.

Jazz en poëzie, ze waren bij Lucebert onlosmakelijk met elkaar verbonden.

"Wat zij, de dichter en de jazzmusicus, maakten, leek vormloos, maar had een door ademgolven aangeblazen structuur. Zoals hij meer dan eens vertelde werden zijn gedichten gevormd door zijn eigen ademhaling, zijn eigen spreekwijze."

Na uitgebreid zijn vriendschap met Karel Appel werd belicht, wordt duidelijk dat Lucebert grote invloed heeft gehad op de Vlaamse dichter Paul Snoek. Een jonge Snoek zocht hem op in zijn woonplaats Bergen en was er zeer te spreken over zijn poëzie en plastisch werk.

"Snoek schreef aanvankelijk klassieke sonnetten, en daar had Lucebert geen affiniteit mee; Nadat Adriaan de Roover aan Snoek bundels te lezen had gegeven van Hans Lodeizen, Remco Campert en Lucebert verlegde hij zijn koers naar de experimentelen, om daarna zijn eigen stijl te ontwikkelen."

Grote aandacht in 'Lucebert' gaat voorts uit naar zijn verblijf in Oost-Berlijn en zijn ontmoeting met Bertolt Brecht.

"Brecht was een idealist maar ook een cynicus. Hij voelde zich oud, had last van zijn hart, hij geloofde misschien nog wel in het communistisch ideaal, maar tegelijkertijd liet hij zijn vrouw Willem II sigaren en goeie boter in West-Berlijn halen."

Tot slot, Wim Hazeu roept met zijn goed gedocumenteerde biografie enkele vragen op, maar die zijn niet van dien aard om het uitgebreide plastische en poëtische oeuvre van Lucebert voortaan in een ander daglicht te bekijken en te lezen. Hij blijft in de eerste plaats een groot dichter, die als geen ander greep kreeg op het Nederlands in al zijn varianten.

 

Details Non-fictie
Uitgeverij: De Bezige Bij
Jaar:
2018
Aantal pagina's:
927