Thomas Smolders, 'Achter onze schermen'

Vorm boven inhoud

De naam Thomas Smolders deed bij ons al de nodige belletjes rinkelen. Stukken van zijn hand lazen we steeds met grote interesse en ook zijn blogposts wisten ons te amuseren. Dankzij zijn ervaringen bij De Correspondent en Blendle hing hij over de wieg van de nieuwe onlinejournalistiek te turen. Een boek over een nog breder spectrum van digitale ontwikkelingen kon toch niet anders dan razend interessant zijn? Zijn debuut ‘Achter onze schermen’ kabbelt helaas visieloos voort.

Misschien ligt het allemaal aan verlammende keuzestress. In 209 pagina’s wordt haarscherp duidelijk dat Smolders niet kon kiezen tussen semiwetenschappelijke non-fictie en een autobiografische roman. Daarom mengt hij alle elementen door elkaar en zet hij de lezer steevast op het verkeerde been. Het hoofdpersonage leunt extreem dicht bij de auteur zelf aan: de jonge schrijver in het boek werkt immers ook aan een boek rond digitale technologieën – zij het op een iets zelfdestructievere manier.

In één dolle nacht en dag struikelt hij van het ene personage naar het andere. Door een onhebbelijk toeval zijn die allemaal praatgraag én expert in één bepaald aspect van de technologiegolf. Na elk hoofdstuk stapt het personage weg om plaats te maken voor het volgende. Daardoor zijn deze passanten zo plat als een vijg: ze worden misbruikt om informatie over een technologische ontwikkeling aan de man te brengen. De technologische wereld overschaduwt alles – terwijl je veel meer tinten nodig hebt voor personages met diepte. De dialogen zijn bijgevolg redelijk onnatuurlijk en zitten vol semiwetenschappelijk discours. De stem van het hoofdpersonage klinkt bovendien ook te luid: in zijn gedachtestroom vult hij naadloos informatie aan die enkel van het zijpersonage had kunnen komen.

De onderwerpen zelf zijn wel interessant, zeker voor mensen die niet wisten dat zoiets als livestreaming van operaties, fora voor de meest uiteenlopende doelgroepen of datingapps bestaan. Het is een kennismaking op menselijk niveau dankzij de zijpersonages, al duiken die soms te snel te diep in het onderwerp waardoor het onrealistisch wordt. In een ingevoegd hoofdstuk (rechtstreeks uit het dagboek van het hoofdpersonage) verschijnt er opeens wél een goed opgebouwde uitleg – met bronvermelding inbegrepen. Dat was op pagina 62, het exacte moment dat dit boek een nog groter mysterie voor ons werd.

Is dit een roman? Dan toch ééntje waar elk spoor van spanning, opbouw of ontknoping in ontbreekt. We kregen wel meer informatie rond, maar geen antwoord op de Grote Vragen over technologie. Een sluitend antwoord hadden we ook niet verwacht, maar zelfs de ontknoping op persoonlijk vlak (Is dat boek nu af of niet? Lezen we nu opeens ook digitaal overspel tussen de lijnen? Hè?) was vaag en zonder veel voldoening. Is dit dan toch non-fictie? Dan doet de vorm de inhoud te vaak de das om. Jammer, want de auteur (de echte dit keer) beheerst zijn onderwerp wel degelijk. Nu nog de juiste vorm vinden.

Details Fictie
Uitgeverij: Polis
Jaar:
2017
Aantal pagina's:
209