Thomas Harding, 'Het huis aan het meer'

Een meesterlijke geschiedenisles

In het bos daar staat een huisje, ik keek eens door het vensterraam.’ Het is niet alleen het begin van een bekend kinderwijsje, het kan ook dienen als premisse voor Thomas Hardings nieuwste boek. Het huis waar Harding over vertelt staat weliswaar niet in het bos, maar langs een meer in Berlijn.  En de schrijver? Die keek en kroop letterlijk door het vensterraam.

Het huis uit het boek is uiteraard niet zomaar een huis. Het behoorde ooit toe aan de familie van de schrijver. Diens overgrootvader Alfred Alexander, een welstellende joods arts, bouwde het huis begin twintigste eeuw, maar hij en zijn familie werden door de opgang van de nazi’s verplicht te vluchten naar de UK. Harding, die zijn hele leven verhalen te horen kreeg over de magische plaats, keert in 2013 terug naar Duitsland om te kijken wat er nog rest van het mythische huis aan het meer.

Harding vindt het in staat van ontbinding en besluit het te bewaren. Eerst en vooral in woorden. Hij doet het verhaal van het huis en bij uitbreiding dat van Duitsland gedurende de vorige eeuw. Landadel, een joodse familie, een componist met nazi-sympathieën, een weduwe en haar kinderen, een informant van de Stasi, krakers, ratten en muizen, allen zullen ze het huis doorheen de jaren bewonen. Uiteraard wordt er ook stilgestaan bij beide wereldoorlogen. Maar ook de Berlijnse muur die op enkele meters van het huis wordt neergepoot, speelt een belangrijke rol in de geschiedenis van het huis.

Eens Harding beseft wat de historische waarde is van het huis, gaat hij nog een stap verder: het huis zal ook worden gered van totale vernietiging. De gemeente Potsdam draagt het huis over aan de Alexander-Hausstichting en er wordt werk gemaakt van de renovatie van de idylle aan het meer. Ondertussen is het huis een beschermd monument.

Hoewel non-fictie, leest het boek als een ware thriller. Dat ligt vooral aan Hardings schrijftalent. Hij blijkt een rasverteller die met rake observaties en veelzeggende details de bewoners, familie, vrienden en bezoekers ontzettend goed typeert. Wat droge historische kost zou kunnen zijn, brengt Harding met sprekend gemak tot leven. Bijna achteloos laat hij daarnaast de grote geschiedenis doorheen ramen, deuren, kieren en spleten het huis binnendringen. De verhalen van de Alexanders en alle latere bewoners smelten zo mooi samen met dat van de twintigste eeuw tot één allesomvattend verhaal. De research van Harding is indrukwekkend, de details kloppen, het boek is compleet. Als extra zijn er foto’s en grondplannetjes van het huis te vinden in het boek. Het beeldmateriaal geeft een mooi beeld van de evolutie van huis doorheen een eeuw van bewogen Duitse geschiedenis en zorgt ervoor dat je je als lezer een duidelijk beeld vormt van het huis door de jaren heen.

Wat Harding doet is dus een waar huzarenstukje: hij verweeft de kleine en grote verhalen tot een meesterlijk boek. Het is familiekroniek én geschiedenisles in één. Of je je dus interesseert in het Duitsland van vorige eeuw of je zoekt eerder een boeiend verhaal over de mensen die zich langs de lijnen van de tijd begeven: je vindt beiden in dit keine meesterwerk.

 

Wil je nog meer weten over het huis? Bezoek dan zeker de webiste https://alexanderhaus.org eens. Daar vind je alle info en extra beeldmateriaal over het huis.

Details Non-fictie
Originele titel:
The House by the Lake
Auteur: Thomas Harding
Vertaald Door: Mechtild Claessens
Uitgeverij: De Arbeiderspers
Jaar:
2017
Aantal pagina's:
443