Rouffa, 'Berlin Avenue'

Het zit hem in de details

De bloemen blijven bij. Rode in de modder of gele in het veld. Bloemen van honderd jaar geleden – stille, vreemd-vrolijke getuigen van wat de laatste aller oorlogen moest worden.

Het veld waarin de gele krokussen bloeien, beeft onder een mortieraanval – of iets anders wat ontploft. Een obus? Die vinden ze toch nog geregeld terug, daar, in Flanders Fields? Niet?

De rode bloemen in het niemandsland – dat deel waar de eerste wereldoorlog gestreden werd. Waar noch Duitster, noch Vlaming, Fransman of Engelsman regeerde. Waar enkel dode jongens drijven. Vergezeld door de bloemen.

Net als Marcel Rouffa, auteur van deze strip, zijn we gefascineerd door the Great War. Omdat die anders is – de laatste der loopgraven. Maar voornamelijk: omdat ze zo mysterieus zwijgt. Geen duizenden docu's, weinig Hollywood-interpretaties, amper namen: wie zijn de helden? Wat resteert is een landschap, wind over een grafveld dat zichzelf niet kenbaar maakt.

Rouffa vertelt met 'Berlin Avenue' het relaas van de Engelse tweede luitenant Blunt. In 1915 begint zijn oorlog. Hij verbergt zich in de loopgraven, begeeft zich in no man's land, dringt zelfs door tot de – vreemd propere – trenches van den Duits. Het is een verhaal dat we eerder lazen, in strips als 'Ypres Memoires' en, uiteraard, in het werk van Tardi. Ontzettend verrassend is het niet.

Rouffa geeft in zijn nawoord aan dat hij met zijn stript mikt op “laconieke humor, undertatements en cynische, morbide opmerkingen” om “alles te relativeren”. We moeten toegeven dat die ambities ons niet opvielen. We begrijpen wel waar Rouffa naar toe wil, we zien het in de zingende soldaten en de gedichten die de tekeningen vergezellen, maar voelen deden we het niet. We zien het omdat hij er ons op wijst.

Wellicht zocht Rouffa een evenwicht tussen het reëel weerzingwekkende en een diep-tragisch, poetisch positivisme. Nu zien we dat, achteraf. Tijdens het lezen voelden we afstand. Omdat we het allemaal eerder zagen, omdat de oorlog bij momenten stijf en emotieloos op papier staat.

Doch, er zijn van die uitzonderingen - enkele pagina's en prenten waarvan we nu pas weten waarom ze ons bijblijven. Omdat net deze dat evenwicht vinden. Omdat we daarin de pure horror vermengd zien met de drang niet in nihilisme af te glijden. Je raadt het al, in die prenten staan bloemen centraal.