Reinhard Kleist, 'Nick Cave - Mercy on me. De getekende biografie'

Kleist Vs Cave

Op vrijdag de dertiende zagen we Nick Cave in het Antwerpse sportpaleis. Voor twintigduizend mensen zong en schreeuwde hij de demonen uit het lijf. Muziekcritici spraken terecht van een triomftocht. Cave, de zanger, de Australiër, de diepdonker muzikale versie van het Oude Testament, kwam en overwon - zichzelf en iedereen aanwezig.

Nog geen drie uur voor hij het podium betrad, zagen we diezelfde Cave in een kleine kamer, op een halfslachtige duplexverdieping, verborgen in stapels papier, prenten en tekst. Als een bezetene de letters van zijn verweerde typmachine inslaand. Op zoek naar zijn boek. Verloren in een roes van drugs, inkt rechtstreeks in zijn aderen verdwijnend, verdwaald in zichzelf.

Dat appartement stond in het Berlijn van de jaren tachtig. Cave heeft er ooit echt gewoond. Wij zagen het, getekend door Reinhard Kleist, in een strip met de nogal banale ondertitel ‘de getekende biografie’.

Een biografie. Een leven, … Dit is veel meer.

Toegegeven, het heeft iets chronologisch – vertrekkend Down Under, via Londen en Berlijn, naar een podium dat in Antwerpen kan staan. Doch, de feiten zijn niet waar Kleist naar zoekt. Als scenarist wil hij Nick Cave, de mens, zijn angsten, dat wat hem voortstuwt, op papier zetten. Hij zoekt verder, en vertelt, doorheen de chronologie, de verhalen die Cave zelf schreef. Hij kijkt in zijn liedjes, leest het boek dat in Berlijn geschreven werd en zet de personages op papier. Want dat, die inhoud, is Nick Cave. De artiest is wat hij creëert. Feiten en fictie zijn één.

Daardoor rijkt deze ‘getekende biografie’ verder. Braaf is het niet. Het verwart – wie is er eigenlijk aan het woord? Niet alles is duidelijk. De waarheid bevindt zich overal tussen. Tussen de personages, de woorden, de regels en de tekeningen. De indrukwekkende tekeningen.

De donkere lijnen zijn punk als Cave: zwart en anarchistisch. Reinhard Kleist overstijgt zichzelf. Waar hij zich vroeger nog inhield, gaat hij nu all the way. De wildernis van een anarchistisch, verdeeld Berlijn – zwart onder de sneeuw – verkillen je. De muziek – de concerten, de songteksten – schreeuwen. Kleist benadert bij momenten de absolute punk-penner Peter Pontiac. En dat is een compliment.

Kleist is los. Zijn tekeningen hebben zichzelf als een aan de realiteit vastgeklampte apocalyps gevonden. Dit is beter dan alles wat hij ooit deed.

Is dit daarom de ultieme biografie? Verre van, en dat mag het ook niet zijn. Wie Cave zoekt, kijkt en luistert naar alles. Cave is zijn muziek, is zijn boeken, is zijn scenario’s. Cave is '20 000 Days on Earth’ en ‘One more time with feeling’. Maar altijd blijft hij een verhaal. Hij ontsnapt achter een idee. Een eigen realiteit. Enkel daar, in verhalen van en over hem, kan hij gevonden worden.

Kleist is een buitenstaander. Kleist zet zijn Nick Cave op papier, zoals de regisseurs hun Cave in de camera plaatsen. En net als de films lijkt deze strip verwarrend echt. Het benadert wat we denken of willen dat Cave is. Wellicht geeft het zelfs vorm aan de mens.

Deze strip, omdat het zo slim, zo echt en zo mooi is, verdient haar plaats in het Cave-universum. Het is zo veel meer dan een biografie - het is een verhaal de grootmeester waardig.