Philipp Blom, 'De opstand van de natuur'

Het verschil tussen weten en denken te weten

Afgelopen weekend verscheen in De Morgen een artikel over de electorale kloof tussen platteland en stad, waarin verwezen werd naar 'Hoe God verdween uit Jorwerd' van Geert Mak. Net zoals Mak schrijft Philipp Blom goed gedocumenteerde en uiterst toegankelijke boeken die de lezer toelaten met een andere, misschien ruimere blik de actualiteit te benaderen.

Nu we de laatste decennia eindelijk lijken te beseffen dat er een verband bestaat tussen mens en klimaat, levert dat nogal wat ideologische discussies op over punten en komma's. Een enkeling daar gelaten, twijfelt niemand aan de naakte en harde cijfers die de wetenschap ons aanleverde. Maar hoe reageerde de maatschappij tijdens de kleine ijstijd in de zestiende eeuw? In een periode waarin wetenschap in de kinderschoenen stond en mensen leefden van oogst tot oogst? Het is over dat tijdsgewricht dat Blom een compact boek schreef waarin hij er toch in slaagt een wereld in beeld te brengen die aanvoelt als een embryonale versie van onze samenleving.

Graanprijzen, bijvoorbeeld, stegen tussen 1560 en 1600 met 500 %. Logisch dan dat een mens op zoek gaat naar verklaringen. Die werden gezocht in de religie: officiële interpretatie van natuurverschijnselen lag in de handen van theologen. Terwijl men heksen beschuldigde van grote muizenplagen die het graan vernielden, schreef Montaigne zijn essays in Bordeaux en ontpopte Carolus Clusius zich in Leiden als de grootste botanische expert van zijn tijd. Alle twee schraagden ze hun bevindingen op observaties, niet op eventuele bovennatuurlijke oorzaken.

De sterkte van dit werk is terug te vinden in de onwrikbare logica waarmee Blom zijn verhaal opbouwt. Via het verhaal van botanicus Clusius bekomt de lezer een portret van de universiteitsstad Leiden in volle expansie, waarin ene Rembrandt rondwandelt als zoon van een molenaar. Een aantal hoofdstukken later zie je hoe de kennis uit Leiden aangewend wordt door prins Maurits van Oranje om nieuwe vuurwapens te produceren, waarmee hij het verloop van de Dertigjarige Oorlog beslist. Waarna de financiering van oorlogen het meest urgente probleem van elke regering werd en de staten vervelden tot de kapitaalmachines die we nu kennen.

Wanneer je dergelijke complexe materie terug kunt brengen tot een behapbaar en vlot leesbaar boek, heb je je werk goed gedaan.