Peter van Dongen, 'Rampokan, integraal'

Geniaal koloniaal

Hergé heeft een probleem. Hoewel zijn tekeningen tegenwoordig voor astronomische bedragen verkocht worden, groeit de kritiek. Zijn eerste strips, klassiekers als 'Kuifje in Afrika' en 'De blauwe lotus', komen onder vuur te liggen. Ze zouden racistisch zijn - het gevolg van veranderende tijden. Hergé schreef ze toen kolonialisme nog geen vies woord was, toen racisme wel bestond, maar onder een andere definitie. Of 'Kuifje in Afrika' daardoor verboden moet worden, weten we niet, maar een waardige opvolger is gewenst. Een strip met meer subtiliteit, een antwoord op de vragen die Hergé open liet. Die is er nu en wat een geniale strip is het geworden.

'Rampokan' verscheen voor het eerst in 1998. De versie die nu uitkomt is de 'Integrale', waarin alle delen mooi gebundeld worden. Schrijver-scenarist Peter van Dongen vertelt het verhaal van Johan Knevel: een twintiger die in 1946 naar Nederlands-Indië gaat – het Indonesië van net na de oorlog, toen het nog een Nederlandse kolonie was. Knevel groeide daar op maar ging studeren in Nederland, waar hij door de oorlog langer moest blijven dan gepland. Van zodra het kan, keert hij als soldaat terug naar zijn thuisland. In de hoop er het paradijs van zijn jeugd terug te vinden.

Mooie dromen dus, die nergens overeenkomen met de werkelijkheid. Wat Knevel aantreft is een land in revolutie. De lokale bevolking heeft genoeg van al dat koloniale gedoe. Rebellen maken het de Nederlandse 'bezetter' moeilijk, die op zijn beurt de opstandjes met bloed en een onverhuld racisme neerslaat.

Van Dongen bewijst zich hier als meesterverteller. Waar Hergé tekortschoot, excelleert van Dongen. De clash van culturen, het mysterie van de oude gebruiken, persoonlijke drama's, melancholie, militair krachtvertoon. Alles komt aan bod en is perfect gedoseerd. 'Rampokan' is een subtiele analyse van hoe het in 1946 met Nederlands-Indië gesteld was, getoond aan de hand van uiterst persoonlijke verhalen. Knevel komt terecht in een land dat zijn oude logica verloren heeft. Zijn reacties, wat hij denkt en voelt, vertellen het verhaal. Politiek door echte ogen, los van manifesten en hoogdravende woorden.

En spannend! Van Dongen speelt het klaar om boven op de emotionele en politieke basis een achtervolgingsthriller te bouwen. Waardoor 'Rampokan' niet alleen snijdt in oude koloniale wonden, maar ook leest als een ware pageturner. We zeiden het al: hier spreekt een meesterverteller.

Maar Hergé dus. De vergelijking gaat verder in de tekeningen. Ook van Dongen bedient zich van de klare lijn, en doet dat zelfs beter. Wellicht is het fout om tekeningen van nu te vergelijken met die van tachtig jaar geleden, maar toch. Van Dongen beheerst de stijl perfect. Hij excelleert in de gezichten, de uitdrukkingen, de personages. Hij doet de pagina's swingen door mooi doordachte indelingen. Maar boven alles laat hij een land zien. Zijn het de gedetailleerde landschappen, de wuivende bomen of ligt het aan het beperkte kleurenpalet – bruin, wit, grijs, zwart? Wat het ook is, Nederlands-Indië zag er nooit aantrekkelijker uit. Ondanks de politieke waanzin word je verliefd op de geuren, kleuren en klanken van het land. Dit hitte stoomt uit de pagina's, de druppels vallen van de junglebladeren. We begrijpen waarom Knevel aan het land verknocht is.

Beter dan Hergé. Het klinkt als heiligschennis en als je erover nadenkt is het een belachelijke vergelijking. Laten we het de perfecte navolger noemen. Van Dongen als de rechtmatige erfgenaam van Hergé, 'Rampokan' als 'Kuifje' voor de next generation. Hoe dan ook, dit is geweldig.

Details Strips
Auteur: Peter van Dongen
Uitgeverij: Oog & Blik
Jaar:
2013
Aantal pagina's:
158