A.F.Th. van der Heijden, Mim

Oedipus met voetbal, porno en bitterballen

Vorige zomer blies Harry Mulisch tachtig kaarsjes uit. Om de ijdelheid van Nederlands meest gevierde auteur extra te prikkelen, vroeg De Bezige Bij zes auteurs, onder wie A.F.Th. van der Heijden, om een hommage te schrijven. Listig als hij is, liet Adri dit kaderen in zijn ‘Homo duplex'-cyclus. Iedereen content. Hij liet zich daarbij inspireren door Mulisch' kortverhaal ‘Quauhquauh-tichan in den vreemde' uit 1957, situeerde het in 1999 - MIM voor de Romeinen onder ons - en kneedde het tot een apocalyptische variant van de Oedipus-mythe.

De postmoderne Oedipus leeft in een wereld van voetbal, seks en frituurvet. Het decor van het verhaal is de beslissende voetbalwedstrijd annex rellen tussen de aartsrivalen Amsterdam en Rotterdam. Het kan allemaal niet beter beginnen voor de protagonist Movo: de aanvoerder van de Erdamse supporters ziet zijn ploeg winnen op vijandig Amsterdams gebied. Euforie alom. Minder goed nieuws is dat zijn vrouw Zora hem uitgerekend diezelfde hoogdag en op weinig subtiele wijze confronteert met zijn ‘bovenmenselijke waarheid'...

Zo schakelt de auteur over van een bijna onschuldig inleidend gedeelte naar de hitsige slaapkamergedachten van Movo en vrouwlief. Met verdacht veel kennis van zaken beschrijft de verlekkerde A.F.Th. de erotische relatie van de notoire liefhebbers van pornofilms, en hoe moeilijk het wel is om Zora te laten klaarkomen. Nu, dat is zíjn probleem, mompelen we verveeld na het doorbladeren van tal van onbevredigde pagina's. On with the story en iets meer to the point graag. Denken we volledig onterecht, want hoe verder de oude pornofilm wordt afgedraaid en het hoofdstuk vordert, des te meer ontrafelt zich de verrassende en confronterende waarheid achter de hele scène... En dan gaat de bal pas definitief aan het rollen.

Ziedaar de kracht van ‘Mim' en, laten we eerlijk zijn, van het overgrote deel van het oeuvre van Van der Heijden. Adri is een geboren verteller en weet ook nu weer als een doorgewinterd romanarchitect ijzersterke verhaallijnen op te bouwen. In de korte, uiterst leesbare hoofdstukjes geeft de plot zich maar moeizaam, stukje bij beetje bloot zodat de aandacht zelfs de kans niet krijgt om ook maar even te verslappen. Steeds komen uit verschillende onverwachte hoeken puzzelstukjes samen die leiden tot een zinderend apocalyptisch slot.

Dat ‘Mim' daadwerkelijk een hommage is aan Mulisch, is wat overdreven. Vormelijk, inhoudelijk noch stilistisch heeft de roman raakvlakken met het universum van de éminence grise en echt vrolijk word je er niet van. Toegegeven, Mulisch' kortverhaal ‘Quauhquauhtichan in den vreemde' zit erin verwerkt. Maar veel opvallender is de verwerking van een hedendaagse variant van de Oedipus-mythe die het verhaal een mooie dubbele laag meegeeft. En omdat de auteur zo leep is geweest ‘Mim' te laten kaderen in zijn ‘Movo duplex'-cyclus, krijgt het verhaal er gratis en voor niks nog een extra dimensie en een pak achtergrondinformatie bovenop zonder al te veel aan autonomie te moeten inboeten.

En toch. Als verhaal zelf is dit niet meteen het allerorigineelste dat we ooit al van A.F.Th. hebben gelezen. Maar verhaaltechnisch, visueel, stilistisch en zelfs psychologisch zit ‘Mim' wel degelijk meer dan snor. Een mooi, subtiel geschreven en krachtig boekje, het doet ons reikhalzend uitkijken naar de volgende telg van de ‘Movo duplex'-familie!

Details Fictie
Originele titel:
Mim
Auteur: A.F.Th. van der Heijden
Uitgever: De Bezige Bij
Jaar:
2007
Aantal pagina's:
191