Michaël Olbrechts, 'Het reigersnest'

Met geknipte vleugels

Arend is een jongeman die gezegend is met misschien wel de minst passende naam die zijn ouders hem ooit konden geven. Van het ontzag dat de gelijknamige vogel inboezemt, blijft bij Arend weinig over. Nogal verlegen, wat te dik en vooral erg onzeker is hij het gedroomde doelwit van zijn collega’s op het troosteloze, anonieme kantoor waar hij het grootste deel van zijn dagen slijt. De pesterijen die hij stilzwijgend ondergaat, drijven hem tot het uiterste en uiteindelijk beslist hij een pauze in te lassen bij zijn tante en haar man in een afgelegen dorpje. Daar hoopt hij zijn innerlijke rust terug te vinden, maar dat blijkt niet vanzelf te gaan.

Met ‘Het Reigersnest’ is Michaël Olbrechts niet aan zijn proefstuk toe. Zijn debuut ‘De allerlaatste tijger’ kaapte op het stripfestival van Haarlem in 2014 al meteen de prijs voor beste Nederlandstalige debuut weg en ook opvolger ‘Vierenveertig na Ronny’ werd positief onthaald. Een voorgeschiedenis dus die de lat niet bepaald laag legt.

Wat betreft de tekeningen springt Olbrechts er alvast moeiteloos over. Elke prent opnieuw leeft hij zich uit en schept hij werelden vol detail, liefst met een hoofdrol voor de natuur, en dieren in het bijzonder. Zeker wanneer hij pagina’s reserveert om fauna en flora in beeld te brengen, wordt het een streling voor het oog. Wat echter vooral opvalt aan Olbrechts’ tekenstijl, is hoe vlot die is en hoezeer die daardoor het verhaal verder helpt. Zijn talent om personages bijna als mensen van vlees en bloed neer te zetten, maakt dat je weinig inspanning moet doen om bepaalde daden of gebeurtenissen te begrijpen. Het misprijzen van Arends collega’s annex kwelduivels, de verbetenheid van Anton of Arends eeuwige schaamte: het valt allemaal zonder al te veel moeite af te lezen van hun gezicht.

Voor het verhaal zelf lag de lat wat ons betreft net iets te hoog. Al vanaf de eerste bladzijden heb je door dat Arend met iets zit dat hij eindelijk wil proberen verwerken. Dat hij zich daarvoor afzondert bij familie die in een godvergeten gat woont, biedt de auteur de mogelijkheid alle kanten op te gaan, maar leidt, ondersteund door een aantal flashbacks en dromen, toch tot de onvermijdelijke crisis van het hoofdpersonage.  Uiteraard hoeft dat geen indicatie van een slecht verhaal te zijn, integendeel zelfs, maar wij bleven uiteindelijk achter met het gevoel dat er net iets meer in had kunnen zitten. Sommige elementen bleven wat te vaag of oppervlakkig in vergelijking met andere, zoiets?

Het is mooi dat een simpel (alhoewel) verhaal genoeg stof kan bieden voor een fijne strip als deze, maar het leek er wat op dat Olbrechts liever meer moeite in de tekeningen stak dan in het verhaal. Als dat laatste de volgende keer het niveau haalt van de tekeningen, staan wij op de verschijningsdatum echter als eerste voor de deur van de stripboer.

Details Strips
Auteur: Michaël Olbrechts
uitgeverij: Oogachtend
Jaar:
2019
Aantal pagina's:
96