Michaël Olbrechts, 'De allerlaatste tijger'

Zomerse melancholie

Een gezin met tien kinderen: het kan niet anders of dat gezin bestond lang geleden. In een andere tijd,  het begin van de vorige eeuw om exact te zijn. Omaatje, Anneke voor de niet-kleinkinderen, is de negende van de tien. Nu is ze oud: zo oud dat haar achterkleinkinderen op bezoek komen, zo oud dat ze de laatste is.

Anneke werd geboren in Java, de Nederlands kolonie die nu Indonesië heet. Haar vader, pa Kloppenburg, was daar rijk en kon zonder problemen een villa bouwen, midden in de jungle, om zijn tien kinderen in onder te brengen. Het was een mooie tijd: idyllisch, zonder problemen. Kinderlijke onschuld: geen tienjarige ter wereld stelt zich vragen bij de inlandse bedienden in de villa. Wat er altijd is geweest, is geen probleem.

Tot later, want dan is Java Java niet meer. Nu, het moment waarop de achterkleinkinderen naar Nederland gaan, naar omaatje, is anders. Tijden evolueren. Politieke onafhankelijk van kolonies doet de wereld veranderen en de mensen die ze bevolken. Brave lieden zien hun wereld verdwijnen en worden tot verandering gedwongen.

Michaël Olbrechts vertelt met 'De allerlaatste tijger' het verhaal van zijn familie. Een autobiografisch verhaal. Hij tekent zichzelf als jonge knul. Hoe hij tijdens een lange zomerse autorit het verhaal van omaatje te horen krijgt. Voor de eerste keer vertelt zijn vader over Java. Olbrechts weeft zo het heden – gesitueerd in 1996 – mooi doorheen het verleden. De melancholie van het verdwenen paradijs wordt getemperd door het naïeve enthousiasme van de jonge Olbrechts, die van heimwee en vergane glorie geen weet heeft. Wellicht zit de kracht van de strip daar in verscholen. In de onschuldige blik. Olbrechts kijkt voor een groot deel doorheen de ogen van kinderen: omaatje als jong meisje, haar broers en zussen, zichzelf. Wat niet makkelijk is: dat naïeve apolitieke moet bewaard worden. Die persoonlijke, volstrekt nieuwe blik op datgene wat voor volwassenen veel te ingewikkeld geworden is.

'De allerlaatste tijger' is daarom, hoewel melancholisch en subtiel politiek, toch een relatief vrolijke strip. Nergens wordt het zwaar, noch deprimerend. Wat door de tekeningen versterkt wordt. Olbrechts tekent ontzettend vlot: losse lijnen, maar vastberaden gezet, met personen die grappig zijn zonder de realiteit te verliezen. Olbrechts etaleert een stijl die met de zo bejubelde Franse generatie stripmakers vergeleken mag worden. Wij dachten aan de Manu Larcenet van 'De dagelijkse beslommeringen': een immens compliment.

Tekeningen, maar ook kleur, zoals zo vaak. Het verhaal speelt zich af in de zon. In een warme auto op een zomerse autostrade, in de tropische jungle. Het zijn de kleuren – fel geel, diep rood, mysterieus groen en wit – die de zomer creëren, het seizoen dat voor kinderen werd uitgevonden. Geleidelijk worden de dingen grijzer. Een subtiele evolutie: subtiel, maar reëel.

'De allerlaatste tijger' is Michaël Olbrechts' debuut. Vorig jaar studeerde hij af aan de stripacademie in Brussel. Het mag duidelijk zijn dat hij zijn entree door de grote poort maakt. Niet dat dit een definitief meesterwerk is: ergens ontbreekt het vernieuwende, die echt eigen stem. Doch, iedereen die ooit een strip wil maken, kan hier enkel van dromen.

Details Strips
Auteur: Michaël Olbrechts
Uitgeverij: Oogachtend
Jaar:
2014
Aantal pagina's:
84