Margerite Luitwieler, Op hoge hakken de trap op rennend

Gemengd palet: gedichten en tekeningen van Margerite Luitwieler

'Op hoge hakken de trap op rennend' is de eerste bij een erkende uitgeverij uitgegeven bundel van kunstenares Margerite Luitwieler. Luitwieler studeerde in 1986 af aan de kunstacademie in Kampen en timmert sinds een jaar of tien ook met haar woordkunst aan de weg. Haar officiële debuut is een combinatie van beeldend en verbaal werk, maar blijft, wellicht juist daardoor, wat onbestemd.

Het onbestemde is echter niet alleen de benoeming voor ons voorzichtige oordeel, maar ook een thema in de eerste gedichten van de bundel. Luitwieler zoekt er naar 'de achterkant van huizen en gebieden ... het onbedoeld gemaakt gebied'. Ook verderop in de bundel wekken de personages in de gedichten herhaaldelijk de indruk ondanks zichzelf verzeild geraakt te zijn in situaties. Ze voelen zich niet altijd op hun gemak in hun omgeving, zoals in het gedicht over weer adem te kunnen halen bij het zicht op de koeien die zich wél gewoon gedragen zoals ze dat zelf willen: 'geen hond die daar blijkbaar / moeilijk over doet'. Of ze voelen zich tekort schieten, zoals de ik-figuur die zich moet haasten om zichzelf nog op orde te kunnen hebben als een beslissend moment voor de deur staat.

Het tweede gedicht van de bundel ademt ook dit onbestemde, maar lijkt te benadrukken dat dit een manier of zelfs strategie van zijn is: 'nooit alleen / die ene / leer mij mezelf / nooit kennen, ik ben / met zovelen // nooit aleen die ene'. Deze ik-figuur gaat reductie tot eendimensionaliteit tegen, wil in complexiteit bestaan. Die complexiteit - als we de brutale afleiding mogen maken van deze ik-figuur naar de andere figuren in de bundel - neemt de vorm aan van twee soorten wissels in manieren van werken. Ten eerste werkt Luitwieler in sommige gedichten uiterst direct, benoemt ze emoties zonder poespas, terwijl ze in andere de emotie juist toont door nauwkeurige beschrijvingen. Ten tweede is er de afwisseling van haar poëzie en haar beeldend werk.

Die combinatie is echter niet hapklaar. De samenhang tussen beeld en gedicht is soms voelbaar, maar vaak is het tasten in het duister en vergt het te veel fantasie. Misschien begrijpen we het echter verkeerd, en staan de beelden los van de gedichten. Dit is echter ook geen houdbare hypothese, omdat sommige gedichten de letterlijke print zijn van de woorden in het beeld, of het beeld een getekend gedicht bevat. De relatie tussen beeld en poëzie blijft dus, ja, een beetje onbestemd. Dat neemt niet weg dat Luitwielers beeldend werk zeer indrukwekkend is in zijn eenvoud. Toch zou het wellicht beter tot zijn recht komen in een boek met enkel beeldend werk, of in een boek waarin de lezer meer handreikingen worden gedaan om het verhaal achter de samenhang op te pikken.

Het werk op pagina 45 betreft de afbeelding die op de voorkant staat - een prachtige afbeelding, getiteld 'Gebogen naar binnen', die ons doet denken aan een vrouw die zich voorover buigt en een symmetrisch patroon vormt met wat haar spiegelbeeld kan zijn. De op de bladzijde ernaast getekende woorden laten weinig aan de verbeelding over: 'Denken / Ik wil niet meer denken / denken maakt verdrietig / verloren tijd / Ik wil alleen maar / voelen Voelen / kan ik goed'. De woorden vormen een versterking van de indruk die het beeld op zich al wekt. Het laat ons echter op onze honger wat het poëtisch gehalte betreft. Ondanks dat we ons kunnen identificeren met het benoemde gevoel, hadden we liever gezien dat de dichteres de gemoedsgesteldheid van de ik-figuur had beschreven zónder gevangen te zijn in de beknoptheid van uitdrukking van die figuur zelf. Dat de dichteres dit kan, bewijst ze in een aantal andere gedichten.

Te veel gedichten bevinden zich naar onze zin eerder op dit aforistische, dan op het poëtische niveau. Op momenten als deze zijn onze eigen achterliggende opvattingen over poëzie het meest tastbaar. Om die kort samen te vatten met het oog op de bundel van Luitwieler: we hadden de voorgeschotelde emoties liever getoond dan beschreven gekregen. Dat dit tonen van emotie wel tot haar palet behoort, is duidelijk in een aantal van de gedichten. Naast die gedichten maakt het beeldend werk de bundel interessant. De bundel als geheel zetten we met gemengde gevoelens in de kast.

Details Poëzie
Auteur: Margerite Luitwieler
Uitgever: Nijgh & Van Ditmar
Jaar:
2010
Aantal pagina's:
55