Marc Tritsmans, Studie van de schaduw

Steekspel met de schemering

Nu de loftuitingen en het trompetgeschal rond de Herman De Coninck-prijs weer zijn gaan liggen, namen we eens op het gemak Marc Tritsmans' winnende 'Studie van de schaduw' ter hand. Deze dichter (1959) verdiende eerder al zijn sporen met andere bundels, en ook deze bundel mag er zijn.

Tritsmans' jongste telg kent vijf afdelingen. De eerste, vrij geïnterpreteerd, herbergt gedichten over artistieke scheppingskracht. De cyclus 'Uit de berg', die hij schreef na het zien van Bernini's beeldhouwwerken in de Galleria Borghese, volgt de transformatie van een blok marmer met iets 'hevig levend binnenin' tot de prachtige vormen 'van het puurste / marmer en warmer / dan elke werkelijkheid'. Er is de vertwijfeling van de kunstenaar, alsook het moment dat het werk ergens toe leidt en alle onzekerheid doet verbleken.

In de tweede afdeling komen de ontoereikendheid en het falen terug die in de eerste afdeling al doorschemerden als thema. Niet elk gedicht heeft hier dezelfde zeggingskracht ten opzichte van elkaar alsook van de sterke gedichten in de eerste afdeling. Met 'Zwaar volk' geeft hij echter een grappige, maar ook behoorlijk scherpe typering van het Vlaamsche volk 'van zachte zwaarte, van boter, room en eieren', naar een oude menukaart. Ten overstaan van andere, meer daadkrachtigere volken is er maar één tactiek: 'zwelgend en zwanzend wachten wij wel / tot hun weerstand eindelijk is gebroken'.

De vierde en de vijfde afdeling spelen met eindigheid en ontoereikendheid. Hier is Tritsmans op zijn best, hiermee verdiende hij die Herman De Coninck-prijs. 'Vijf uur' is zo'n gedicht waarin hij schetst hoe de belofte van 's ochtends op te staan nooit wordt ingelost: 'er gaat een diepe zucht door onze levens / elke dag zo rond een uur of vijf / nadat we tegen beter weten in // hebben geprobeerd en moeten inzien / dat het ook vandaag niet lukt'. Het geheim van ons bestaan vinden we nooit, 'levenslang laat het ons / verlangend en verongelijkt in / aarzelende schemering achter'. De keuze voor 'schemering', zowel een beschrijving van het daglicht om vijf uur als een inkleuring van ons verongelijkt verlangen, is in zijn ambiguïteit simpel maar o zo doeltreffend.

De derde afdeling steekt bij het erna komende geweld alsook bij de stevige eerste twee afdelingen wat bleekjes af. Ze mist eenzelfde losse eenheid als de andere, en de cyclus die de grootste plaats inneemt, zegt ons niet zoveel. Niettemin ook hier een schot in de roos met 'Eiland': 'hier weet je weer dat grenzen / niet altijd na een zoveelste oorlog / denkbeeldig werden vastgelegd'. De aaneenschakeling van op zich weinig verbonden observaties spreekt over veel meer dan een eiland.

Tijdens het lezen van de bundel grepen we meermaals naar het woordenboek. Ook al kun je het niet altijd de dichter aanrekenen dat die woorden gebruikt die de lezer niet kent, toch kan het storend zijn. Voor woorden, zeker in gedichten, geldt immers ook het adagium 'onbekend maakt onbemind' of zelfs gekunsteld, gezocht of gewild excentriek. Hier ging met onze uitstapjes naar het woordenboek niets van dat gepaard; woorden als 'dagzomen' en 'glottisslagen' waren intuïtief te begrijpen, en met de definitie erbij bleken ze naadloos in het geheel te passen. Dank aan de dichter voor het oprekken van ons vocabulaire! En hulde dat zijn gedichten er niet over struikelen.

Muziek en beeldende kunst staan regelmatig in kleine lettertjes onderaan de gedichten vermeld. Afgezien van het feit dat zo'n keus qua bladspiegel leuk is omdat het je de kans geeft éérst te lezen voor je de verwijzing bekijkt, geldt ook hier dat ons vocabulaire-zij het hier wat breder dan puur lexicaal opgevat-uitgebreid is. Poëzie bij of naar aanleiding van andere kunst kan in een bundel wat steriel overkomen, of afgeleid. Tritsmans' gedichten zijn echter volwaardig en staan op zichzelf recht overeind. Als extraatje houden ze de aansporing in om zijn inspiratiebronnen te (her)ontdekken, waardoor we ons met plezier lieten leiden.

'Studie van de schaduw' bevat aldus de belangrijkste componenten van een goede dichtbundel: een handvol ijzersterke gedichten en de aansporing om verder te lezen, kijken en luisteren.

 

Details Poëzie
Auteur: Marc Tritsmans
Uitgever: Nieuw Amsterdam
Jaar:
2010
Aantal pagina's:
65