Lydia Davis, 'Het eind van het verhaal'

Aandacht voor het einde dat niet komt

Met ‘Het eind van het verhaal’ schreef Lydia Davis haar eerste roman. Afgezien van de vertalingen van Franse auteurs naar het Engels is Davis vooral gekend en geroemd voor haar verhalenbundels — in 2013 ontving ze de Man Booker oeuvreprijs. Deze eerste roman past prima in dit rijtje van verwezenlijkingen.

De roman vertelt het verhaal van een naamloze vrouw die worstelt met een relatiebreuk. Preciezer gezegd: ze worstelt met het schrijven van een roman over die breuk. Het verhaal begint met het einde: ze vertelt hoe ze de eveneens naamloos blijvende man voor de allerlaatste keer nareist naar een opnieuw naamloze stad. Op het laatste adres dat ze van hem heeft, zoekt ze hem, wat op zich al geen sinecure is, maar ze vindt hem er niet. Het appartement staat leeg. Als ze na de zoektocht een boekhandel binnenstapt en wat water vraagt, is ze zich bewust van wat haar uitstraling moet zijn: ietwat verwilderd, geheel uitgeput. De boekhandelaar geeft haar een kop thee.

De worsteling in het schrijven van de roman zit hem precies in het einde. Hoe moet ze er een eind aanbreien? Davis beschrijft hoe de vrouw beschrijft hoe hun geschiedenis begon en zich ontsponnen heeft. Davis jojoot meesterlijk met de lezer: zo nu en dan verdwijnt niet alleen Davis’ hand maar ook die van de ik-persoon en worden we rechtstreeks in de geschiedenis van de oud-geliefden gedompeld. De woorden worden even meeslepend transparant als wanneer je de gebeurtenissen op een filmscherm voorgeschoteld zou krijgen.

Op andere momenten wijst Davis je de weg naar de gemoedstoestand van de vrouw in het beschrijven van de scenes. Ze wordt gekweld door twijfels en angsten en onzekerheden. Kan ze bestaan zonder zijn aandacht? De liefdesrelatie rustte ook op dat kostbare goed: hoewel ze niet per se erg geniet van zijn aanwezigheid in haar dagen en nachten wordt ze onrustig als zijn gedachten en gedrag niet om haar draaien. In het licht van zijn aandacht lukt het haar om haar leven richting te geven, maar zijn aanwezigheid is een grote tol om daarvoor te betalen.

Als de relatie eenmaal op haar eind loopt, begint het gevecht om aandacht pas goed. De vrouw kan hem niet met rust laten, iets waar hij ook niet geheel onschuldig in is: we leren gaandeweg dat hij een geschiedenis heeft met vrouwen gebruiken voor allerlei praktische noden. Als haar dagelijkse leven het steeds meer zonder hem moet doen, houdt ze niettemin vast aan zijn aanwezigheid in haar hoofd. Hij laat haar niet los, ook omdat zij hem niet loslaten kan. Ze zakt weg in een zware depressie. Davis is akelig accuraat in het opschrijven van de buitelingen van min of meer dwangmatige gedachten en routines, daarmee de innerlijke opsluiting tastbaar makend.

Het einde van het verhaal brengt je opnieuw terug naar de kop thee: ‘aangezien er al die tijd te veel einden aan het verhaal waren geweest, en aangezien die niets beëindigden, maar alleen iets lieten voortduren, iets wat zich niet in enig verhaal liet gieten, had ik een ritueel nodig om een eind aan het verhaal te maken.’ Davis, de hoofdpersoon als schrijfster en de hoofdpersoon als mens vallen hier opvallend maar toch naadloos samen: hoe doet een romanschrijver dat, een eind aan een verhaal breien als die gewoon is van korte verhalen te schrijven in plaats van romans? En hoe moet een fictieve schrijfster dat doen die nog te dicht bij het verhaal staat om haar aandacht te gebruiken om het goed te vertellen en af te ronden?

Oftewel: een roman over aandacht en het gebrek eraan die je aandacht meer dan waard is.

Details Fictie
Auteur: Lydia Davis
Uitgeverij: Atlas Contact
Jaar:
2014
Aantal pagina's:
249