Leo Pleysier, 'Heel de tijd'

De tijd proberen te verlammen

Sinds 'Wit is altijd schoon' - inmiddels een klassieker in de Nederlandse letteren - komt Leo Pleysier (1945) om de zoveel jaren met een nieuwe roman of novelle aanzetten. Na 'Familiealbum' (verzamelde romans, 2015) is er nu met 'Heel de tijd' eindelijk weer nieuw werk van zijn hand. Een roman die gelezen kan worden als een poging om de tijd on hold te zetten. De tijd als een schuw vogeltje dat op een stok even stil zit, om vervolgens weer snel weg te vliegen.

Hoe ongrijpbaar en hoe snel verstrijkt de tijd? Het is een gedachte die Pleysier overvalt als hij, bij het binnenkomen van zijn schrijverskamer, oog in oog komt te staan met een groepsfoto van Vlaamse schrijvers. Acht auteurs van De Bezige Bij, waarvan er nog twee leven. Een beeld dat hem terugwerpt in de tijd, waarbij herinneringen worden opgehaald aan zijn schooltijd. Er is de zwartgerokte leraar Staf die zijn opstel voor de hele klas voorleest en het later tot schooldirecteur schopt.

'Soms vraag ik me af of de Staf, op zijn hoge post die hij op het einde bij het bisdom bekleedde, het nieuws nog bereikt heeft toen een roman van mij beloond werd met de Arkprijs van het Vrije Woord. In die tijd, dat wil zeggen het jaar 1984, was die prijs in Vlaanderen de vrijzinnige onderscheiding bij uitstek.' 

Het hele verhaal dat associatief is opgebouwd wordt wonderwel bij elkaar gehouden door de collega's van Pleysier die tussen de diverse hoofdstukken de revue passeren: Gust Gils, Hugo Claus, Eddy van Vliet, Bert Popelier, Freddy de Vree, Leo Geerts en Ivo Michiels. Om enkelen van hen een laatste eer te bewijzen vertrekt hij vanuit zijn schuiloord in Rijkevorsel naar de Antwerpse begraafplaats Schoonselhof, waar hij er zich over verwondert dat de graven van Gils en de Vree zich bevinden op ereperk R, waar zangeres La Esterella, Bob Davidse, acteur Julien Schoenaerts en dichter Herman de Coninck eveneens de eeuwige rust vonden.

Op zijn best is Pleysier wanneer hij zijn jeugdjaren in beeld brengt. Hoe verschilt hij van zijn broers die het op de boerderij best naar hun zin hadden.

'Boerderijwerk deed ik niet graag, en meestal was het dik tegen mijn goesting als ik thuis moest meehelpen. Ook had ik het niet zo begrepen op de met halskettingen vastgebonden melkkoeien in onze stal.' 

'Heel de tijd' is een grotendeels, in een heerlijk parlando geschreven, autobiografische roman waarin Pleysier, met een extra laagje melancholie bovenop, verleden en heden met elkaar weet te verzoenen.

Details Fictie
Uitgeverij: De Bezige Bij
Jaar:
2018
Aantal pagina's:
173