Karel van het Reve, 'Voor gevorderden'

Duister schrijven was hem vreemd

Weinigen kunnen in dit taalgebied zo toegankelijk schrijven over de meest uiteenlopende onderwerpen als Karel van het Reve (1921-1999). 'Karel van het Reve voor gevorderden' is in alle opzichten een uitstekende kennismaking met het oeuvre van het indertijd intellectuele geweten van Nederland.

Er is nauwelijks maar iets denkbaar of van het Reve laat er zijn kritisch licht over schijnen: van de Russische literatuur, over Lenin, het gelijk van rechts, Leiden tot het raadsel der onleesbaarheid enzovoort. Het zijn maar enkele onderwerpen die grondig en met kennis van zaken worden behandeld.

Hoe hij in 1970 met zijn beruchte Huizinga-lezing de vloer aanveegde met literatuurwetenschappers en zo talloze tijdgenoten choqueerde. Het lukt hem maar niet met die wetenschappers kennis te maken. Er is meer; hij vindt ze niet alleen pretentieus, bovendien verdiepen ze zich in kwesties die niet relevant zijn. Als grootste bezwaar voert hij aan dat literatuurwetenschap niets beweert of anders gezegd, dat ze niets verbiedt. Om zijn lezing te besluiten met: 'Daarom geloof ik ook dat deze voordracht volstrekt nutteloos is, maar er moet nu eenmaal af en toe iemand zijn die iets zegt.'

Van een totaal andere orde is 'Siberisch dagboek' waarin hij met literair vakmanschap over zijn reis door Siberië rapporteert. Niets wordt tijdens deze lange trip met de trans-Siberische trein over het hoofd gezien. Irkoetsk, een van de eerste haltes, is een stad die hem duidelijk in de smaak valt: 'Het is alsof er in 1962 een enorme inzameling is gehouden in Amsterdam en het resultaat in Irkoetsk uitgedeeld: men ziet mensen die niet van Amsterdammers te onderscheiden zijn, kinderen met basketbalschoenen, in spijkerbroek en windjack.'

Zo beschrijft hij ad rem nog heel wat andere plaatsen waar iets te beleven valt dat het midden houdt tussen cultuur en alledaagse dingen en voorvallen.

Dichter bij huis is zijn bezoek aan Antwerpen, waar hij tevergeefs op zoek gaat naar de sporen van Willem Elsschot. Hem echt terugvinden doe je volgens hem pas in het Archief voor het Vlaamse Cultuurleven, het huidige Letterenhuis. Wat van het Reve bij hem vooral opvalt is dat Elsschot Antwerps sprak, maar het Nederlands van Multatuli en de Statenbijbel schreef: 'Hij deed geen moeite om met Vlaamse woorden gerechten en landschappen effect te sorteren bij de Noord-Nederlandse lezer. Hij gebruikte geen woorden als goesting of hesp.'

In 'Gaat het Nederlands teloor?' ontpopt hij zich als een visionair nu de discussie volop wordt gevoerd over hoe vervaarlijk het Nederlands door Engelse termen en uitdrukkingen wordt aangetast. Besluit Karel van het Reve: 'Misschien is het juist de voortdurende, onredelijke, met valse redeneringen ondersteunde, door ondeugdelijke argumenten geschraagde angst voor het teloorgang van het Nederlands, die dat Nederlands in stand houdt.'  

Conclusie: er is nauwelijks iemand die zo geestig, scherp en helder over literatuur, psychoanalyse, Rusland en religie kan schrijven als Karel van het Reve. Hem lezen en herlezen blijft een verademing.

Details Non-fictie
Uitgeverij: Uitgeverij Van Oorschot
Jaar:
2019
Aantal pagina's:
483