Judith Herzberg en Chr.J. van Geel, 'Brieven 1962-1974'

Corresponderen of er geen telefoon bestond

Is de briefcultuur op sterven na dood? Wie grijpt vandaag nog naar pen en papier als communicatiemiddel? Dichters en schrijvers uit een vorige eeuw. Neem nu dichteres Judith Herzberg (1934) die vanaf 'Zeepost', haar debuut, brieven schreef naar Chris van Geel (1917-1974). Talloze missiven die getuigen van een hechte vriendschap, maar waarin je evenzeer leest hoe poëzie ontstaat of hoe ze zich niet schromen elkaars werk kritisch te benaderen.

Opmerkelijk in dit verband is hoe Herzberg de correspondentie van dichter en beeldend kunstenaar Chris van Geel - hij publiceerde onder de naam Chr. J. van Geel en werd slechts door een kleine kring naar waarde geschat - omschrijft.

'Hij schreef veel over mensen en over hoe hij in de steek gelaten of verkeerd begrepen werd. Ook wel hoe hij erkenning krijgt, maar dan met zo'n verbazing dat ook dat eerder naar een groter misprijzen verwijst.'

De vele brieven van Herzberg, waarvan helaas een groot deel tijdens een brand in de woning van Chris van Geel zijn teloorgegaan, zijn informatief bijzonder interessant. Al was het maar omdat hieruit blijkt hoe beiden een gevoel voor humor, taal en een eigenzinnige blik op mensen en dingen delen. Temeer omdat Herzberg die bepaald niet happig is op interviews zich in het beste geval grotendeels blootgeeft.

'Er was een meneer hier, Dick Bos, nee Ben Bos die me kwam interviewen voor de Linie, maar ik wou niet. Hij heeft toch een middag hier doorgebracht, aanvankelijk tevreden omdat ik ook de zin van het leven niet wist, later dronken, daar toch teleurgesteld over.'

Ontwapenend eerlijk daarentegen is van Geel als hij het onder andere heeft over publiceren en wat voor voorstelling de mensen van hem hebben. De twijfel is groot, soms op het masochistische af.

'Het naar "buiten treden" moet juist voor een zekere compensatie zorgen van het te lang kijken naar de monsters van het innerlijk behang. Maar nog voor je in de boekwinkel ligt walst uitgever en vriend alle plezier uit je drukwerk. Als het aan mij lag, zoals bekend: nooit publiceren.' 

Het is dan ook een niet geringe verdienste van Marsha Keja deze briefwisseling openbaar te hebben gemaakt, al was het maar omdat notoire namen als Jan Emmens, G.A. van Oorschot, Renate Rubinstein en Aad Nuis regelmatig opduiken. Als surplus worden bij de brieven nog de favoriete Herzberggedichten van Chris van Geel gevoegd.

 

Details Non-fictie
Uitgeverij: Bas Lubberhuizen
Jaar:
2018
Aantal pagina's:
204