Joël Dicker, "De verdwijning van Stephanie Mailer"

Geslaagde nieuwe wijn in oude zakken

Over  thrillers durven recensenten wel eens meewarig doen. Thrillerschrijvers worden zelden au sérieux genomen en de vruchten van hun noeste schrijfarbeid worden dikwijls weggezet als plat amusement. Dat staat in contrast met de reacties van hun schare fans. Zij zijn meer dan eens wild enthousiast en verslinden in een mum van tijd volledige reeksen over hun favoriete inspecteur. Het is dan ook niet verwonderlijk dat, de mening van recensenten ten spijt, thrillerschrijvers vaak in de hoogste regionen van de verkoopscijfers vertoeven en flink meer verkopen dan de doorsnee romancier. Robert Galbraith, Pieter Aspe en Karin Slaughter zijn maar enkele thrillerschrijvers die er in slagen om hun lezers ettelijke uren leesplezier te bezorgen.

Wij van onze kant kunnen het grote publiek goed begrijpen. Een goed geschreven thriller kunnen we immers best smaken. We weten ondertussen dat we daarvoor bij Joël Dicker aan het goede adres zijn. Dicker brak in 2012 definitief door met 'De waarheid over de zaak Harry Quebert'. Na een uitstapje met 'Het boek van de Baltimores', Dickers eerste echte roman, grijpt de Zwitserse schrijver nu terug naar de thriller, het genre dat hem zijn eerste succes gebracht heeft.

In 'De verdwijning van Stephanie Mailer' troont Dicker ons mee naar Orphea, een vredig stadje in de Hamptons. In 1994 wordt het opgeschrikt door een viervoudige moord tijdens de opening van het lokale theaterfestival. Slachtoffers zijn de plaatselijke burgemeester, diens gezin en de toevallige voorbijgangster Meghan Padalin. Het onderzoek wordt in handen gegeven van Jesse Rosenberg en Derek Scott, twee veelbelovende rechercheurs die hun carrière een bliksemstart willen geven. Ze komen uiteindelijk de vermoedelijke moordenaar op het spoor. Het is moeilijk om bewijzen tegen hem te vinden, maar ze slagen er toch in om de zaak rond te krijgen.

Daar zijn Rosenberg en Scott althans van overtuigd. Op het moment waarop Rosenberg zijn pensioen bij de politie gepland heeft, komt hij echter in contact met Stephanie Mailer, een journaliste die hem komt vertellen dat hij 20 jaar terug een grote fout gemaakt heeft en dat de zaak nog niet opgelost is. Rosenberg besluit het dossier te heropenen en raakt overtuigd van haar gelijk, zeker wanneer Mailer zelf spoorloos verdwijnt. Heeft haar verdwijning te maken met de viervoudige moord van 1994? Kunnen Rosenberg en Scott de zaak definitief tot een goed einde brengen? Antwoorden op deze vragen krijg je in de loop van deze kloeke, 636 pagina’s tellende thriller.

Laat de dikte van dit boek je evenwel niet afschrikken: net als Dickers vorige boeken leest het als een trein. Je wordt vanaf het begin meegesleept in het verhaal en het plot zit ingenieus in elkaar. Zo komen we ook te weten wat twintig jaar geleden tussen Scott en Rosenberg is voorgevallen en wat er in het jonge leven van Dakota Eden misgelopen is. Je verveelt je als lezer dus geen moment.

Toch hebben we ons ook een paar keer geërgerd tijdens het lezen. De meeste personages zijn mooi uitgewerkt en we begrijpen hun drijfveren. Een aantal andere personages werken ons echter danig op de heupen. Onder meer literatuurrecensent Meta Ostrovski en voormalig politiecommissaris Kirk Harvey zijn zo over the top dat we hen niet geloven.

Dat is echter maar een kleine smet op het blazoen van Dicker. Wie van 'De waarheid over de zaak Harry Quebert' genoten heeft, zal ook genieten van 'De verdwijning van Stephanie Mailer'. In essentie heeft Dicker immers de ingrediënten van zijn succesroman opnieuw gebruikt.

Details Fictie
Originele titel:
La Disparition de Stephanie Mailer
Auteur: Joël Dicker
Uitgeverij: De Bezige Bij
Jaar:
2019
Aantal pagina's:
636