Jannah Loontjens, ‘Roaring nineties’

Geef ons heden meer nineties

‘We have no great war, no great depression’, zegt Tyler Durden in ‘Fight Club’. Maar terwijl die uitspraak bij hem kadert in een Amerikaans defaitisme, omschrijft Jannah Loontjens in ‘Roaring nineties’ de tijd tussen de Koude Oorlog en 9/11 als een decennium vol vertrouwen. ‘We stevenden af op een geslaagde multiculturele samenleving, daar was geen twijfel over mogelijk.’

Roaring nineties. Of hoe de filosofie mijn leven heeft veranderd’ houdt het midden tussen een filosofische generatiestudie en een literair zelfportret. In 8 essayistische hoofdstukken toetst Loontjens poststructuralistische theorieën van denkers als Derrida, Baudrillard, Butler en Foucault aan haar twintigerleven in de jaren 90. Haar avonden als gogodanser geven aanleiding tot een reflectie op tolerantie, de opkomst van de digitale camera wordt verbonden aan Baudrillards hyperrealiteit en ook haar outsider-status als kind uit een kraakpand wordt bekeken door een filosofische bril. De vreemde eend in de bijt is Heidegger. Zijn metafysica situeert zich enkele decennia eerder, maar wordt erin gesmokkeld vanuit een persoonlijke interesse van de Nederlandse filosofe en schrijfster.

Met haar boek wil Loontjens een brug slaan tussen grote theorieën en kleine anekdotes. In een heldere en luchtige stijl maakt ze abstracte concepten bevattelijk en giet ze de essentie van het poststructuralisme in een praktisch kader. De gewichtige ondertitel ‘Of hoe de filosofie mijn leven heeft veranderd’ suggereert dat ‘Roaring nineties’ naadloos past in het rijtje zelfhulpboeken van deze tijd. Maar wie de sleutel tot een nieuw leven hoopt te vinden in Loontjens boek, zal van een koude kermis thuiskomen. Het is eerder zo dat de filosofie een kader schept om het eigen leven te analyseren. Thema’s als (seksuele) identiteit, normaal gedrag, echt en fake krijgen een abstractere invulling door de koppeling aan de filosofie, die door diezelfde koppeling net meer tastbaarheid krijgt.

Ook wie zelf aan het filosoferen wil gaan, wordt daartoe maar weinig uitgedaagd door ‘Roaring nineties’. In 1996 bespreekt Loontjens het kosmopolitische ‘wij’ met Derrida: kan die nieuwe identiteit bestaan als er slechts een select groepje mensen van het concept op de hoogte is? Daarop vertelt Derrida hoe een cultuur zichzelf kan transformeren en multicultureel wordt door het andere als het eigene te zien. ‘Het zou interessant zijn om de discussie van toen nog eens te kunnen voeren,’ merkt Loontjens op. Maar een aanzet of een nieuwe insteek voor het debat blijft uit. En ook elders gaat ze de vergelijking met de hedendaagse maatschappij eerder uit de weg. Antwoorden vind je in dit boek niet, maar wel een Socratisch bevragen van onze normen.

‘Roaring nineties’ wil niets poneren. Het is een uiterst persoonlijk verslag van iemand die middenin haar onderzoeksveld stond, een introductie tot het poststructuralisme, een menselijk pleidooi voor meer ruimdenkendheid, een nostalgische terugblik en een ode. Zowel aan de filosofie als aan een tijdperk van tolerantie en relativisme. ‘Ik was tweeëntwintig en voelde me vrij en optimistisch, de toekomst lag open en mijn verleden zag ik als een tekst die ik zelf kon duiden.’ Een vlot boek voor nostalgici en nieuwsgierige aagjes. 

Details Non-fictie
Auteur: Jannah Loontjens
Uitgeverij: Ambo|Anthos
Jaar:
2016
Aantal pagina's:
189