Herman Brusselmans, 'Bloed spuwen naar de hematoloog'

Leuke foto's van een overleden schrijver?

Met 'Bloed spuwen naar de hematoloog' trekt Herman Brusselmans (1957) het register van een psychologische roman open op zijn immer vakkundig gestemd taalorgel. Het boek speelt zich af zowel op een boerenerf, het platteland, de stad en in een ziekenhuis.

Hoezeer hij door sommigen wordt verguisd - lezen ze zijn boeken nog wel? - kan het niet worden ontkend dat hij na meer dan tachtig romans als auteur blijft verrassen. Geen hond of kat, laat staan God weet waar hij zijn ideeën voor nieuw werk vandaan blijft halen. Neem nu 'Bloed spuwen naar de hematoloog', een psychologische roman waarin hij fel gekleurde personages, gevangen in hun eigen universum, laat opdraven. Zowel de allochtoon Achmed, schoolmeester Ronny, verpleegster Layla en anderen zorgen voor heerlijke leesmomenten.

Na de val van een paard is Brusselmans in een coma beland. Dat verhindert niet dat hij naar de achtergrond verdwijnt. Het tegendeel is waar: hij houdt de touwtjes stevig in handen, Dit keer in het trouwe gezelschap van Coco, zijn nieuwe geliefde, die de hele tijd prominent aanwezig is. Opvallend hierbij is dat hij tussen de met humor gekruide fragmenten in dit boek vrij uitgebreid aan zijn afkomst en jeugd in Hamme refereert. Zit er dan toch, in de lijn van de verwachtingen, een autobiografische roman onder de titel 'Theet 77' aan te komen?

Een herinnering aan een winterwandeling - 11 januari 1962  - in gezelschap van Gust en Lea, zijn ouders, smaakt alvast naar meer. 'Ze waren met mij een wandeling in de sneeuw gaan maken, omdat ik die avond de slaap niet kon vatten. En omdat ze zelf nog wel even naar buiten wilden, in Hamme, in de sneeuw aan het begin van de jaren zestig. We kwamen met dampende adem thuis.'

Ook zijn debuut aan de zijde van Gloria, zijn toenmalige echtgenote, wordt eveneens in herinnering gebracht. 'In een paar jaar werd ik aldus schrijver en drinker. Op 1 januari 1987 waagde ik de sprong; ik gaf m'n baan op, en in de flat die m'n vrouw Gloria en ik bewoonden op de Sint-Kwintensberg in Gent, ging ik voltijds aan de slag als Vlaams auteur. Ik verkocht verhaaltjes en columns aan om het even welke bladen, ik hield literaire lezingen, ik verscheen wel eens betaald op radio en tv, en ik schreef uiteraard vele romans. Van Jupiler-bier was ik overgeschakeld naar J&B-whisky, en van Belga-sigaretten naar L&M-sigaretten.'

Sindsdien heeft hij een indrukwekkend literair parcours - altijd in het gezelschap van enkele geliefden die intussen geen stille dood zijn gestorven - afgelegd. Het toont aan hoe fictie en realiteit bij Brusselmans niet strikt van elkaar te scheiden vallen. Wie hem aandachtig leest weet best wanneer en hoe hij in zijn oeuvre een loopje neemt met de waarheid en waar hij zijn ware gelaat laat zien.

In dit opzicht is 'Bloed spuwen naar de hematoloog' alweer een knap gecomponeerde roman met enkele opmerkelijke kanttekeningen. Zo is hij op zijn best als hij bijvoorbeeld de media, die over zijn zogenaamd verblijf in het ziekenhuis, op een tegelijk lachwekkende en kritische manier tegen het licht houdt. 'Mogen we op bezoek bij Brusselmans? vroeg een dikke kaffer van Story. Voor foto's. Een paar leuke foto's van Brusselmans op z'n doodsbed. Het is z'n doodsbed niet sukkel, zei dokter Graenwijk. Als hij zinnens is om te sterven leggen we hem wel in een ander bed. En dit was het dan.'

Conclusie: het is een feest om dankzij 'Bloed spuwen naar de hematoloog' talloze leesuren in het gezelschap van Herman Brusselmans te mogen vertoeven. Wie zei daar ook alweer dat achter elke grap in dit boek een waarheid als een vooralsnog te knuffelen koe schuilt?