Georges Simenon, 'Een misdaad in Holland'

Een klassieke whodunit

Afgaande op wat de gemiddelde thrillerschrijver ons wil doen geloven, moeten detectives geen gemakkelijk leven hebben. De inspecteurs en commissarissen die in boeken en televisieseries ons pad kruisen zijn dan ook vaak onverbeterlijke knorrepotten, met een aangeboren aanleg voor zagen en klagen. Denk maar aan sympathieke personages als Witse, Van In en opperbrombeer Inspector Morse. In ‘Een misdaad in Holland’ laat ook Commissaris Maigret zich vaak van zijn meest opgewekte kant zien.

Uiteraard is ‘Een misdaad in Holland’ geen nieuw werk. Georges Simenon overleed immers op  4 september 1989, 25 jaar geleden. Bij wijze van herdenking van de Luikenaar brengt De Bezige Bij heel wat van de hoogtepunten uit Simenons oeuvre uit. De nieuwe vertalingen en hedendaagse uitgaves zouden heel wat nieuwe lezersharten moeten kunnen veroveren. Dit jaar verscheen, naast 'De blauwe kamer', ‘De Premier’ en ‘De danseres van Le Gai-Moulin’, dus ook ‘Een misdaad in Holland’.

In ‘Een misdaad in Holland’ treffen we Simenon in Nederland, meer bepaald in het Groningse provinciestadje Delfzijl, waar Simenon volgens de overlevering overigens het personage Maigret bedacht heeft. Maigret vertoeft er op vraag van Jean Declos, een professor die verdacht wordt van de moord op Koen Poppinga, een getrouwde voormalige kapitein op de grote vaart die heel wat vrouwenharten op hol heeft doen slaan. Maigret  wordt redelijk onvoorbereid in Nederland gedropt en moet daar trachten te weten te komen wat er werkelijk gespeeld heeft in het schijnbaar vredige dorpje. Dat is geen kattenpis, zeker als je weet dat de taalbarrière Maigrets taak voorwaar niet vergemakkelijkt.

‘Een misdaad in Holland’ kan dus met recht en rede een schoolvoorbeeld van de whodunit genoemd worden. Maigret bijt zich vast in de zaak en trekt genadeloos de gang van zaken op de avond van de moord na. Nochtans is de brommerige commissaris beslist geen wonderboy in de traditie van Sherlock Holmes. Maigret heeft geen zesde zintuig, maar gaat wel uiterst nauwgezet te werk en probeert de psychologische achtergronden van de verschillende personages te doorgronden. Dat alles mondt uit in een enorm spannende slotbijeenkomst, die ons doet terugdenken aan de allerbeste thrillers van Agatha Christie.

Wat meteen opvalt bij het lezen van ‘Een misdaad in Holland’ is dat Maigret nog geen tikkeltje verouderd is. Dat is te wijten aan Simenons vooruitziende blik. Hij treedt in zijn romans niet te zeer in detail. Er zijn bijna geen verwijzingen naar toentertijd moderne objecten. Een auto is een auto en een boot is een boot, maar hoe die vervoersmiddelen er nu juist uitzien kan door de lezer zelf ingevuld worden. Daardoor blijven Simenons romans aangenaam om lezen.

Een minpuntje is wel het feit dat de overige personages, die naast commissaris Maigret opduiken, te weinig diepgang hebben. Het zijn zeer eenzijdige personages die bijna niet uitgewerkt worden. Allicht waren Simenons detectiveromans te kort of schreef hij te veel om al die afzonderlijke personages psychologisch te kunnen duiden.

Wanneer we de sterke en de zwakke punten van deze misdaadroman met elkaar in de weegschaal leggen merken we dat ze in de positieve richting doorslaat. De verhalen over Maigret blijven actueel en zullen hopelijk nog wel een nieuw publiek vinden in het detectivegekke Vlaanderen.

Details Fictie
Originele titel:
Un crime en Hollande
Auteur: Georges Simenon
Vertaler: Anne van der Straaten
Uitgeverij: De Bezige Bij
Jaar:
2014
Aantal pagina's:
190