Emma Cline, ‘De meisjes’

Pervers maar mooi debuut

Emma Clines intrede in de letteren is niet onopgemerkt gebleven. ‘De meisjes’ leverde de jonge schrijfster een voorschot van twee miljoen dollar op, bemachtigde meteen een positie in de Amerikaanse bestsellerlijsten en de filmrechten zijn al verkocht. Het onderwerp speelt een grote rol in het succesverhaal: de rebellerende puber die absolute vrijheid bij een commune zoekt, blijft tot de verbeelding spreken. Of zoals een van de personages het zegt: ‘Ik heb het altijd een mooi verhaal gevonden. Pervers maar mooi.’

De plot zelf heeft weinig om het lijf. Evie Boyd, nu een vrouw van middelbare leeftijd, denkt terug aan haar zomer op de ranch in 1969. Samen met een groep meisjes leerde ze er universele liefde en onthechting kennen bij de charismatische Russell, die onvermijdelijk associaties met Charles Manson oproept. Aan de voorvallen die de veertienjarige Evie in de armen van de sekte dreven, is er weinig verrassends: een onbeantwoorde tienerliefde, een moeder die na een scheiding een rist nieuwe partners verslijt en een ontmoeting met de oudere en intrigerende Suzanne – de personificatie van vrijheid.

Deze plot krijgt echter een indrukwekkende rijkdom door het psychologische inzicht dat Cline als schrijfster aan de dag legt. De maturiteit en eerlijkheid van Evies vertelstem slepen je haar herinneringen in. Evie observeert op scherpzinnige, vaak afstandelijke toon. Russell is ‘de man die zijn vingers in me stak. De man die alles voor niks kreeg. De man die Suzanne soms hard neukte en soms zacht.’ Maar even vaak gaan haar woorden gehuld in een zachte mantel van weemoed. Vergoelijkend wordt het nooit. ‘De meisjes’ is een kritische zoektocht en een ontleding, geen apologie.

Clines debuut is evenmin een aanklacht. Dat maakt het gebrek aan een adjectief in de titel meteen duidelijk. ‘De meisjes’ suggereert iets onschuldigs en bovenal generisch. Daarmee impliceert ze niet dat de beestachtigheid waarin het verhaal noodgedwongen uitmondt in elk van ons schuilt. Wel duwt ze de hippiecontext met zachte hand naar de achtergrond en bedt ze Evies verhaal in een universele coming-of-age-setting in. De frêle, maar al te herkenbare psychologie van een opgroeiende tiener legt ze genadeloos bloot.

Ook Clines taalgebruik draagt bij tot de eigen kleur van ‘De meisjes’. Ze kiest voor frisse beelden. Kraaienpootjes rond de ogen worden ‘zorgelijke komma’s’. De ademhaling van een geliefde is als ‘de kralen van een gebedssnoer, elke zucht een geruststelling'. De zomen van maxirokken ‘stotteren door het losgeraakte stiksel’. Haar taal kabbelt, maar barst op gezette tijden los met een verpletterende kracht, die gebald zit in een laatste, schijnbaar onschuldige toevoeging: ‘We dachten dat het belangrijk was om elke verstrijkende seconde te onderzoeken en te beschrijven, om al het verborgene aan de oppervlakte te brengen en het dood te slaan.’

Meer nog dan de psychologie is het de taal die de roman in stand houdt. Want hoewel Cline slaagt in de opzet om een geloofwaardig portret van de meisjes op de ranch te schetsen, zijn haar inzichten weinig vernieuwend. Onzekerheid, de drang om gezien te worden, om je speciaal te voelen: de alledaagse emoties ontlenen hun doordringende tastbaarheid volledig aan Clines trefzekere details.

‘De meisjes’ is niet verstoken van schoonheidsfoutjes. Bij momenten zakt de plot in elkaar of vervalt Cline in stereotiepe gedachten. Dat neemt niet weg dat ze een sterk debuut aflevert waar je dit seizoen moeilijk om heen kunt. Van deze naam horen we nog. 

Details Fictie
De meisjes Emma Cline
Originele titel:
The Girls
Auteur: Emma Cline
Vertaler: Tjadine Stheeman
Uitgeverij: Lebowski Publishers
Jaar:
2016
Aantal pagina's:
313