Dominicus Lampsonius, 'Portretten van bekende schilders uit de lage landen'

Meer dan Van Eyck

Nu het Van Eyck-jaar met de nodige aandacht werd ingezet, kunnen we ons verwachten aan een golf van krantenartikelen en nieuwsitems over de Vlaamse primitieven. Het feit dat Van Eyck uit Maastricht kwam, Rogier Van der Weydens wortels in Doornik te vinden waren of Joachim Patiner vooral schilderde in de buurt van Dinant wordt daarbij gemakkelijkheidshalve 'vergeten'. Maar goed, enkel een would-be kunstcriticus met vintage lorgnet op de neus gepriemd ergert zich daaraan.

Belangrijker is het gegeven dat ons rijk schildersverleden alweer wordt afgestoft en doorgegeven wordt aan een nieuwe generatie van kijkers. Een goed gemaakt schilderij blijft altijd goed gemaakt. Of het werk uit de vijftiende eeuw stamt is op zich irrelevant, wel relevant is de kijkervaring. Paul Claes vertaalde dit standaardwerk van Dominicus Lampsonius, Leen Huet bedacht het met een beknopt voorwoord. Wat vooral in het oog springt zijn de prachtige gegraveerde portretten van de hand van Hieronymus Cock. Cock was de man die ene Pieter Brueghel de Oude in dienst nam in zijn Antwerps atelier.

Lampsonius' teksten lezen uitermate makkelijk weg en laten zich kenmerken door een vlotte pen. Wie kunstenaarsbiografieën steevast associeert met eeuwig doordreinende zinnen, zal in dit handige boekje het tegendeel vinden. De teksten zijn uitermate kort en voorzien van vooral biografische details. Logisch, aangezien dit werk werd uitgegeven in het tijdperk van de illustere Giorgio Vasari. Giorgio wie? Vasari zorgde via zijn publicatie 'Vite' (1550) ervoor dat we nog steeds in drommen trekken naar Rome om er het werk van Michelangelo te bekijken. Lampsonius' werk moet destijds een soortgelijk effect bereikt hebben in onze gewesten.

Los van de historische relevantie is het gewoon erg fijn grasduinen door dit boekje. Niets leuker om op verloren momenten het internet af te zoeken naar afbeeldingen van de schilderijen van William Key, Frans Floris of Joos van Cleve. Net iets minder grote namen dan Jan Van Eyck, maar dankzij dit kleinood kunnen we ze opnieuw leren appreciëren. 

Details Non-fictie
Uitgeverij: Polis
Jaar:
2020
Aantal pagina's:
165