Dimitri Verhulst, 'De laatkomer'

Ongeïnspireerde vingeroefening

Alsof het een genre op zich is geworden, leverden prominente auteurs als Tom Lanoye, Erwin Mortier en Y.M. Dangre de laatste jaren een roman af die de menselijke aftakeling in het vizier haalde. Dimitri Verhulst schaart zich met ‘De laatkomer’ in dat rijtje, al omarmt hij met het dunne boek de tegendraadsheid en is de hommage aan het leven, die vooral Lanoye en Mortier bezielde, veraf.

Een nieuwe Verhulst zorgt altijd voor commotie. Het is een genietbare animositeit waarvan de opmerkelijke trailer - de schrijver openbaart zich als zanger én pianist - illustreert dat hij die schalks weet te orkestreren. Het aanzien dat hij met ‘De helaasheid der dingen’ opbouwde en waarmee hij zijn stilistische eigenzinnigheid etaleerde, verkruimelde door eerder middelmatige romans als ‘Godverdomse dagen op een godverdomse bol’ en zeker ‘De intrede van Christus in Brussel’, een futloos verhaal dat hij recent terecht afserveerde als gemakzuchtig en onvoldoende uitgediept.

De vrolijke misantropie waar Verhulst een patent op heeft, stuwt ook ‘De laatkomer’ vooruit. In de avonduren van zijn bestaan wil de gepensioneerde bibliothecaris Désiré Cordier de naargeestige dans ontspringen die hem is opgelegd door zijn bedilzieke echtgenote Moniek De Petter. Verhulst boetseert haar alsof zij een choreografe van sadistisch allooi is. Dat het veinzen van dementie - Verhulst tekent met "versimpelen" voor een heerlijk ontwapenend eufemisme - zijn enige uitweg is, kenmerkt Cordiers aardse passage, die hij zelf als "grotendeels mislukt" beschouwt.

Als vanouds trekt Verhulst fel van leer tegen de kleinburgerlijkheid van de goegemeente, die geamuseerd toekijkt wanneer Désiré na een verdwaalde middag wordt teruggebracht door een politiecombi. 'De sensatiezuchtigen wrijven zich in de handen, het leven lijkt te zijn geplukt uit de teevee, hoezee.' Vooral in de beschrijvingen van Désiré die zijn plan ontvouwt om het leven als 74-jarige eindelijk naar zich toe te trekken, is de roman op niveau. Met zijn sardonische humor verdoezelt Verhulst de tragiek van het menselijke bestaan niet, integendeel, hij lijkt bovenal te suggereren dat er immer een vluchtroute aan de horizon gloort, die we mits enige verbetenheid tot een goed einde kunnen brengen.

Gaandeweg verliest het verhaal zijn zinderende intensiteit. Moeizaam stapelt de schrijver de anekdotes op om zijn verhaal overeind te houden: de petomane revelaties mogen dan best vermakelijk zijn, hij jaagt met die aardigheidjes tevergeefs het verhaal aan. De soms bedenkelijke metaforen - 'Chateau migraine' voor slechte wijn, 'tandpastareclameglimlach' voor een ongeloofwaardige welwillendheid - nopen tot de conclusie dat 'De laatkomer' geen grand cru Verhulst is. Hij neemt genoegen met een periodieke stilistische vingeroefening, en laat ons wachten op de grote roman die hij aan zijn stand verplicht is. Had Stefan Brijs Dimitri Verhulst in gedachten wanneer hij tijdens een interview opwierp dat hij niet zomaar eventjes een boekje van 150 bladzijden wilde maken, 'zoals andere auteurs doen'?

 

Details Fictie
Auteur: Dimitri Verhulst
Uitgeverij: Atlas Contact
Jaar:
2013
Aantal pagina's:
139