Claudio Magris, ‘Momentopnamen’

knappe reeks snapshots

De in de Italiaanse havenstad Triëst geboren Claudio Magris is een éminence grise in de Italiaanse letteren. Grote bekendheid verwierf de veelgelauwerde schrijver en cultuurfilosoof onder meer met 'Donau', een inmiddels dertig jaar oud boek waarin de wereldbefaamde rivier een sleutelrol speelt, en met romans als 'Blindelings', 'Het Museum Van Oorlog' of het met een Premio Strega opgeluisterde 'Microcosmi'. Deze maken duidelijk dat Magris op bijzonder veel waardering van zowel pers als publiek kan rekenen.

Zoals de kraakheldere titel 'Momentopnamen' weergeeft, gaat het hier om een bundeling van snapshots. Korte, fragmentarische stukjes die zelden meerdere pagina's beslaan. Het is een fraaie bundeling van krantenstukjes die Magris, die naast zijn activiteiten als docent, schrijver en vertaler ook essays, recensies en columns pent, in de periode 1999 tot en met 2016 voor de Italiaanse krant Corriera della Sera schreef.

Zijn vertrekpunt is thuisbasis Triëst, al verbreedt de erudiete schrijver maar al te graag zijn horizon. Zo vinden we zelfs al bij een van de allereerste stukjes een beschouwing rondom de in kunstenaarskringen bijzonder vermaarde en gekende Leo Castelli, een stukje waarin ook Magris' enkele jaren geleden overleden vrouw even figureert. Het geeft goed aan hoe Magris scherp inzet op het persoonlijke. Daarnaast word je ook gewaar dat hij nog steeds erg inzet op een brede mix van Europese cultuurgeschiedenis, politiek, kunst en filosofie. Zo laat Magris zich, als gezwinde tachtiger, nog steeds graag leiden door zowel slimme en kundige observatie als bedachtzame reflectie. Aangevuld met een portie subtiele en geestige, ironische humor.

De onderwerpen zijn vaak triviaal, zoals bijvoorbeeld een uitnodiging voor een congres. Elders, zoals onder meer met “Zijn met of gaan met?” voel je prominent Magris' sensibiliteit voor (ver)taalkundige vraagstukken (“Onvertaalbaar”). De Italiaan graaft soms diep in het geheugen om specifieke herinneringen op te roepen en weet zijn lezers een heel erg breed palet aan onderwerpen te serveren (o.a. “het menu van de revolutie”). Bovendien brengt hij een zowel delicate als erg precieze schrijfstijl aan die de lezer ongetwijfeld zal bekoren.

 Al lezend besef je dat het niet zozeer gaat om de specifieke vorm, dan wel om de bredere samenhang tussen de vaak luchtige(re) snapshots. Zo word je gewaar dat Magris zich onder meer druk maakt om de commercialisering en flexibilisering van de academische wereld. Hoe hij zich buigt over de sporen van de bankencrisis, de inzet (en tirannie) van sociale media en dergelijke meer. Magris maakt zich duidelijk ook zorgen om de teloorgang van de Europese beschaving. Zo opent hij deze bundel met een vrouwenbeeld, symbool voor het grootse Italië, om vervolgens de lens te verschuiven naar enkele duiven die overgebleven restjes oppeuzelen.

De lengte van de stukjes maakt dat deze bundel bijzonder vlot wegleest. Al dient daarbij zeker gezegd dat niet alle stukjes even memorabel of sterk zijn. Wel zorgt Magris ervoor dat zijn snapshots uiterst persoonlijk en daardoor ook vaak erg poëtisch-aandoenlijk zijn. Daar ligt deels ook de sterkte van deze lichte en fijne bundel, die zich zoals de cover ook duidelijk maakt, graag laat lezen aan een strand. Trek erop uit en geniet van alle rijkdom die het leven te bieden heeft, zo lijkt de Italiaan hiermee te zeggen.

Details Fictie
Jaar:
2019
Aantal pagina's:
320