Charlotte Mutsaers, 'Dooier op drift'

'Ingmar Bergman, kom maar op…'

Ze vierde een paar weken geleden haar zeventigste verjaardag, maar dat betekent niet dat met het oeuvre van de in Oostende woonachtige Nederlandse Charlotte Mutsaers inmiddels een hele boekenkast kan worden gevuld. Ze brak immers pas twintig jaar geleden definitief door met het aangenaam-bizarre ‘Rachels rokje’, en is in de tussentijd ook actief gebleven als beeldend kunstenaar. Schilderen doet ze tegenwoordig met de iPad en wanneer ze er met haar echtgenoot twee weken op uit trekt naar de Zwitserse Alpen om daar dagelijks 20 kilometer te stappen, voelt ze zich weer een twintiger. Toch is de dood in haar laatste bundel ‘Dooier op drift’ nadrukkelijk aanwezig, hoewel er ook aardig op los geleefd, geschreeuwd en zelfs gedanst wordt. Welkom in een poëtisch universum waarin zowel gelachen en gehuid kan worden: twee affecten die overigens maar een witregel afstand dulden.

Zelf past Mutsaers de term ‘skatsjok’ toe op wat ze schrijft. Dat is een woord ontleend aan de Russische volksmuziek, waarmee een onverwachte en opvallende sprong wordt aangeduid van een majeur naar mineur toonaard of omgekeerd. Kortom is het de plotsklapse gemoedswisseling die woorden kunnen teweegbrengen, die de dichteres interesseert. Toch is dat kenmerk niet het enige waartoe haar bundel helemaal valt te herleiden. Bepaalde gedichten lijken zich een weg te banen richting betekenis, terwijl andere dan weer meteen toegankelijk zijn. Daarnaast houdt Mutsaers van een speelse, ironische toets, die als zoete koek de appetijt spijst tussen de meer gewichtige happen door.

‘Dooier op drift’ is het resultaat van een totaal ongedwongen omgaan met poëzie. In 2009 verscheen bij uitgeverij Druksel in Gent Mutsaers dichtdebuut ‘Slagboom in bloei’ in een oplage van 126 exemplaren. De vraag was meteen groter dan het aanbod en drie jaar later is er een nieuwe bundel, die de vorige bevat samen met een aantal nieuwe creaties. Mutsaers zelf getuigt dat haar poëzie veelal niet ontstaat aan de werktafel. Zo kan ze op een wandeling ineens verschillende ideeën krijgen die ze onderweg nog uitwerkt. ‘Dooier op drift’ leest dan ook niet als de meest hermetische bundel die de laatste jaren het licht zag: hoewel Mutsaers de grote thema’s niet uit de weg gaat, zorgen kleine, humoristische vernuftige ingrepen ervoor dat de bundel op geen enkel moment verdrinkt of verzandt in ambitieuze bedoelingen.

Mutsaers raakt in ‘Dooier op drift’ aan het actuele, maar ook aan het tijdloze. Waar anders dan in het land van Dutroux kon ‘Animal triste’ geschreven zijn? In ‘Big band tot troost’ klinkt dan weer een meer moralistische veroordeling van hoe we onze vleesconsumptie botvieren op onschuldige dieren. Er zit ook angst in de bundel: niet alleen voor spookrijders, maar ook voor woorden en wat ze kunnen doen. Nog maar een paar bladzijden ver, in ‘Lexicaal bedreigd’, waarschuwt de dichteres: ‘Words words / onderschat ze niet / taaier dan draadjesvlees / scherper dan scheermessen / vachtloze voorbodes van / v e r d r i e t.’ Seksualiteit houdt Mutsaers dan weer bezig in de tweede passage van het titelgedicht, terwijl er over ruim 70 bladzijden heen ook ruimte is voor verwijzingen naar James Ensor, Roger Raveel, Franz Kafka en Ingmar Bergman. Inderdaad van mineur naar majeur en weer terug, met veel humor, maar niet om de essenties heen. ‘Dooier op drift’ is een ontroerende, associatieve bundel van een auteur die poëzie en ideeën naar de werkelijkheid brengt. Een droefgeestig en tegelijk plezierig houvast in een verpieterende wereld.

Details Poëzie
Met volle goesting over de weemoed van het leven...
Auteur: Charlotte Mutsaers
Uitgeverij: De Bezige Bij
Jaar:
2012
Aantal pagina's:
80