Nam Le, De boot

Spelen met afkomst

Het klinkt echt heel erg verkeerd, maar laat ons maar met de deur in huis vallen: wij hebben het niet zo voor ‘etnische literatuur’. Je weet wel, schrijvers van vreemde origine die boeken schrijven over hun land van herkomst en hun identiteit in hun nieuwe thuisland. Een aantal auteurs leveren er belangrijke en gelaagde boeken over af, maar veel vaker vraag je je af ‘of de stijl sober is omdat de schrijver het zo wilde, of omdat hij niet meer woorden kende’. Deze laatste quote hebben we trouwens niet zelf bedacht. Hij komt uit ‘De boot’ het indrukwekkende debuut van Nam Le.

De roots van Nam Le zijn zelf erg complex. In 1978 werd hij in Vietnam geboren, hij groeide op en studeerde in Australië en verhuisde daarna naar Iowa in de Verenigde Staten om een schrijverscursus te volgen. Zijn verhalen verschenen in prestigieuze bladen als ‘Zoetrope’ en de ‘Harvard review’. ‘De boot’, dat bekroond werd met de ‘Dylan Thomas book price’, verzamelt zeven van zijn kortverhalen.

In deze mooie bundel speelt Le met het concept ‘afkomst’. ‘De boot’ opent met een verhaal waarin het hoofdpersonage verdacht veel op de auteur lijkt. Hij volgt namelijk ook een schrijversworkshop in Iowa en worstelt met een deadline om een verhaal in te leveren. Een writer's block speelt hem parten en uiteindelijk kiest hij er dan maar voor om het verhaal van zijn vader te vertellen. Die overleefde de horror van My Lai, het bekendste Vietnamese dorpje waar de Verenigde Staten tijdens de oorlog vrouwen en kinderen op beestachtige manier afslachtten. Uiteindelijk kan de hoofdpersoon het verhaal niet tijdig inleveren. Zijn vader heeft het verbrand, omdat hij het niet waarheidsgetrouw vond.

Als lezer verwacht je dat ook het tweede verhaal een Vietnamese insteek heeft. Maar Nam Le heeft lak aan verwachtingen. Hij schotelt je de belevenissen van een 15-jarige Colombiaanse huurmoordenaar uit Medellin voor. Daarna leidt hij je onder andere naar het Japan van tijdens de Tweede Wereldoorlog, naar Iran met zijn totalitair regime, maar ook naar een gewoon Australisch dorpje waar een gewone puberjongen met grote en kleine puberproblemen kampt.

Niet alle verhalen zijn even sterk, maar het opzet van deze coherente bundel is prima uitgekiemd. Nam Le wil niet in een hokje gestopt worden. Hij laat zien dat hij meer is dan ‘een etnische schrijver’. Een meisje in ‘Hier Teheran’, wat ons betreft het sterkste verhaal in deze bundel, drukt het zo uit: ‘ik wilde niet dat mijn afkomst me zou gaan karakteriseren. De exotische vriendin met het traumatische verleden.’

Het moet wel gezegd dat Le geen schrik heeft van zijn eigen verleden. ‘De boot’ sluit af met een aangrijpend verhaal over een Vietnamese bootvluchtelinge die met enkele tientallen lotgenoten in een gammele sloep de oversteek naar Australië waagt. Als lezer kan je hier niet onbewogen bij blijven, maar de voorgaande verhalen hebben je geleerd afstand te nemen. Je gaat er niet meer automatisch van uit dat de tekst een autobiografische insteek heeft. Verhalen hoeven dus niet ‘waar gebeurd’ te zijn om oprecht te ontroeren.

Een bundel die je zo’n complex gegeven op een schijnbaar achteloze manier kan bijbrengen, daar zijn wij van onder de indruk. We gaan er dan ook geen doekjes om winden. Wij vonden ‘De boot’ het meest verfrissende boek dat we in lange tijd gelezen hebben. Dat het hier om een debuut gaat maakt het allemaal alleen maar spannender.

Details Fictie
Originele titel:
Boat
Auteur: Nam Le
Vertaler: Paul Witte
Copyright afbeeldingen: De Bezige Bij
Uitgever: De Bezige Bij
Jaar:
2008
Aantal pagina's:
281