Peter Terrin, De bewaker

Een ongrijpbare vijand

In zijn nieuwe roman ‘De bewaker' laat Peter Terrin ons binnen treden in de claustrofobische wereld van Harry en Michel, twee bewakers van een duister gebouw met 40 luxeappartementen. Vanuit een ondergrondse parkeergarage houden ze constant de ingang van het complex in de gaten en registreren ze met een onverbiddelijke discipline elk veranderend detail. Om zeker niet verrast te kunnen worden, houden Harry en Michel daarbij voortdurend de trekker van hun dienstwapen in de aanslag.

Alles loopt op wieltjes totdat de superrijke bewoners van de luxeappartementen plotseling vertrekken. De bewakers tasten volledig in het duister over de reden van de massale uittocht, net zoals ze totaal niet weten wat er zich allemaal in de echte wereld buiten hun dystopische parkeergarage afspeelt.

Als lezer beleef je de gebeurtenissen door de ogen van Michel. Deze vertelmethode zorgt ervoor dat de contrasten tussen beide bewakers nog eens extra in de verf worden gezet. Harry is de natuurlijke leider van het duo, terwijl Michel dan weer iemand is die zich graag op sleeptouw laat nemen.

Nadat Harry en Michel op een gegeven moment beslissen om de lichten te doven en voortaan in het donker te surveilleren en er tot overmaat van ramp plotseling ook nog een mysterieuze derde bewaker komt opdagen, is het hek helemaal van de dam. De paranoia begint welig te tieren, en dat zal de derde bewaker - die vanaf het begin als een indringer beschouwd wordt - aan den lijve ondervinden. Wanneer de verwarde wachters uiteindelijk toch hun apocalyptische kelder verlaten om in het gebouw op zoek te gaan naar de laatste bewoner, is de chaos compleet.

De inspiratie voor deze roman haalde Peter Terrin bij zijn herinneringen aan de Koude Oorlog en vooral bij de oorlog in Irak. Naast de militair aandoende bewakersdiscipline en de aandacht die de hoofdrolspelers aan hun dienstwapens besteden, wordt deze oorlogsretoriek onder meer ook gesymboliseerd door de blikken cornedbeef die Harry en Michel tijdens hun dienst verorberen.

Peter Terrin laat in zijn kraakheldere stijl geen enkel detail onbeschreven en hanteert een traag verteltempo. Een schrijftechniek die de onbehaaglijkheidsfactor nog verhoogt, maar die er helaas ook voor zorgt dat deze roman bij momenten een beetje schwung mist. Die weerbarstige spanningsboog wordt echter ruimschoots goedgemaakt door het weerzinwekkende maar tegelijkertijd toch intrigerende - want vaak pijnlijk herkenbare - universum dat Terrin weet te creëren.

De Gentse schrijver kent bovendien zijn klassiekers. Franz Kafka, Ferdinand Bordewijk en Willem Frederik Hermans zijn nooit veraf, en wanneer er in het verhaal op een gegeven moment sprake is van een zekere inspecteur Perec, verwijst Terrin vluchtig naar ‘Het leven, een gebruiksaanwijzing' van Georges Perec. Een roman waarin de Franse schrijver focust op het wedervaren van de bewoners van een Parijs appartementsblok.

Wie het vorige werk van Peter Terrin kon smaken, zal ook van deze nieuwe roman uitgebreid kunnen smullen. ‘De bewaker' wordt naar goede Terrintraditie immers ook weer bevolkt door wereldvreemde personages die geen grip kunnen krijgen op de alles verterende dreiging die hen boven het hoofd hangt, en die daardoor uiteindelijk compleet ontsporen.

Sinds zijn vorige verzamelbundel ‘De bijeneters' is Peter Terrin nog consistenter en verfijnder over zijn typische thema's gaan schrijven, met als resultaat deze bloedstollende roman die in de komende tijd ongetwijfeld op de shortlist van enkele literaire prijzen zal opduiken.

Details Fictie
Auteur: Peter Terrin
Copyright afbeeldingen: De Arbeiderspers
Uitgever: De Arbeiderspers
Jaar:
2009
Aantal pagina's:
219

Nieuwsbrief 7/7