Anand Giridharadas, 'Waarom De Superrijken De Wereld Niet Zullen Veranderen'

De paradox van de wilde weldoener

In zijn nieuwe boek verzucht Anand Giridharadas dat, ondanks alle vooruitgang, de armen het nog steeds niet beter hebben. Het is een probleem dat de elite zelf het moderne altruïsme 'organiseert'. Vrijgevigheid moet altijd volgens hun eigen voorwaarden, want waarom zouden ze het risico lopen dat echte verandering henzelf schaadt? In het boek volgen we het levenspad van een handvol gedreven altruïsten bij hun dilemma’s. We zien ze vechten tegen dat stemmetje in hun hoofd dat fluistert dat ze deel zijn geworden van het systeem dat ze gingen bestrijden. Dit is een helder en krachtig, soms wat repetitief, boek dat lang blijft nazinderen, een doeltreffende oproep tot verandering.

Vakkundig fileert de auteur de waarden van rijke filantropen. Het win/win-paradigma, de kern van het filantrokapitalisme, komt neer op veranderen zonder iets te veranderen. Het geloof dat de gulle elite niets in de weg mag worden gelegd, zorgt net voor een ongelijkere wereld. Ook de neiging van Silicon Valley om zich als rebel te framen die strijdt tegen de heersende macht, en niet als die macht zelf, komt aan bod. Bij tirades tegen vakbonden en sociale wetgeving wordt niet zelden taal gebruikt die herinnert aan burgerrechtenbewegingen. Het schizofrene karakter van technologie, democratisch én feodaal, creëert zo meer ongelijkheid. Het is beter deze platforms, in het bezit van een handvol rijke investeerders, te democratiseren.

Nieuwe ideeën, verspreid via TED Talks, krijgen de stempel van het grote kapitaal. Zo hoeven structurele problemen niet langer worden aangepakt en moet niemand worden terechtgewezen. Een opinieleider praat liever over hoop en aanpassingsvermogen, dat ligt de elite beter. Verder verkiest de ‘fix it’-mentaliteit uit het bedrijfsleven snelle oplossingen, waardoor deze een verlengstuk van het probleem worden. En ook de overtuiging dat de rijken niet moeten inleveren want dat ze sowieso zullen teruggeven aan de samenleving, via hun foundations, helpt de minderbedeelden niet.

Zelfs wanneer de elite zich dan eindelijk durft af te vragen of het misschien aan hen ligt, is het duidelijk dat deze kosmopolieten hun zaakjes liever regelen zonder democratisch verkozen pottenkijkers. Wat te denken van wereldverbeteraars die publieke problemen het liefst aanpakken in gouden achterkamers, onbereikbaar voor de democratie, en volgens hun eigen voorwaarden? Deze distantiëring van de burger leidt tot wantrouwen, een broeihaard voor populisme en nationalisme. Hier maakt de auteur dus een brug naar het huidige politieke klimaat.

De verhalen in het boek zijn niet zelden meeslepend, van het seksisme waar Amy Cuddy mee te maken krijgt tot de overdosissen van pijnstillers omdat de Sacklers regulering bestrijden om zelf geen miljoenen mis te lopen. De argumenten die de geïnterviewden gebruiken om hun gedrag goed te praten, zijn vaak van een verknipte logica. Bill Clinton promoot tegenwoordig private beslissingen als de enige manier om de wereld te redden, een aparte visie voor een voormalige president. Zijn geval van zelfmisleiding is misschien wel het meest frappante van het boek

Pas op het einde verklapt Giridharadas dat hij eigenlijk een insider-outsider is. Ook hij maakte ooit deel uit van de elitaire fenomenen die hij bekritiseert. Daar is hij op tijd mee gestopt en nu waarschuwt hij de wereld ervoor. Tenslotte is het een morele kwestie. De elite is gefaald in haar poging de wereld te verbeteren. De omwenteling gaat van andere instanties moeten komen. Het is nu aan zijn lezers om ermee aan de slag te gaan.

Details Non-fictie
Originele titel:
Winners Take All: The Elite Charade of Changing the World
:
:
:
Jaar:
2019
Aantal pagina's:
334