Alex Boogers, 'Onder een hemel van sproeten'

Vreemde maar boeiende personages

'Onder een hemel van sproeten' is inmiddels al de achtste roman van de in Vlaanderen ten onrechte nauwelijks bekende Nederlandse auteur Alex Boogers (1970). Het verhaal speelt zich af in een volks en behoorlijk rauw milieu. Zou het kunnen dat Boogers om die reden als een volksschrijver door het leven moet gaan?

'Onder een hemel van sproeten' is een roman die grotendeels drijft op improvisaties, alsof Boogers dit schreef met John Coltrane op de achtergrond. Amy, een centraal personage, is bevriend met Harvey. Een buurtjongen die rake klappen moet incasseren en werkelijk alles tegen zich heeft. Een bron van ellende. Na zijn geboorte begon zijn vader met drinken en stopte zijn moeder met lachen. Een ander intrigerend iemand is Jacob, een oudere man en vogelaar die zich in de polder ophoudt. Zijn vrouw Claire dementeert en Jacob zoekt troost bij Muis, zijn trouwe hond en raakt bevriend met Amy. 

Amy, Harvey en Jacob: het zijn drie niet-alledaagse individuen die opvallend levensecht overkomen. Ze laten de aandacht van de lezer geen moment los. Drie verhaallijnen die in elkaar vloeien met als constante dat iedereen op zijn manier probeert te overleven. Jacob die na verloop van tijd zijn zieke vrouw heeft 'toegedekt' - heeft hij haar omgebracht? - maar ooit als zeeman de hele wereld heeft bereisd. 'Op de radio in mijn kajuit hoorde ik klagerige stemmen van Amerikaanse zangers en zangeressen (...) Poorten naar werelden die ik eerst niet begreep, maar die mij meteen in hun greep hadden.' Muziek die schril contrasteert met de stilte in het grijze leven van Claire. Wat rest de man, wiens leven ooit een wild stromende rivier was, uiteindelijk nog?

En dan is er Amy . Ze weigert naar school te gaan en is in een alles behalve warm nest opgegroeid. Wie krijgt haar weer op het juiste spoor? Hoe schrijnend is haar ontmoeting met de arts die haar probeert te genezen. 'Hoe kan een dokter die geen pen kent een antwoord bieden voor de pijn waarmee ik rondloop (...) Wat heb ik eraan? Wat lost het op?', klinkt het in het boek. Twee totaal verschillende werelden - ruig versus mondain - door Borgers treffend in beeld gebracht.

Ten slotte volgt, naar, het einde van het boek toe, een naar de keel grijpende monoloog van Harvey, die op school ooit het verwijt van 'stomme neger' naar het hoofd kreeg geslingerd: 'Maar ik ben geen stomme neger (...) Ik ben geen tuig van de straat. Ik ben niet de achterlijke die ze kunnen blijven negeren. Ik ben geen crimineel, maar als je mij of mijn dierbaren pijn doet, zal ik reageren.'

Alex Boogers is een virtuoos schrijver, die zonder literaire trucs de lezer weet te raken. Het is met andere woorden de hoogste tijd dat zijn romans in Vlaanderen worden gelezen.