Claire Castillon, 'Luchtbellen'

Onversneden leed

Het is altijd wat met de mens. De relaties die we aanknopen - of ondergaan, zoals nagenoeg altijd het geval is in de bundel 'Luchtbellen' van Claire Castillon - verlopen zelden zoals verhoopt. Op het punt aangekomen van een onafwendbaar einde blijven we tegen beter weten in argumenten opdissen waardoor we alsnog lijken te geloven dat alles goed komt, zo verkondigt de Franse auteur nuchter en tegelijkertijd snedig.

Achtentwintig korte verhalen lang - de titel ervan is telkens een naam, slechts zelden die van de verteller - houdt Castillon ons een spiegel voor. Ze toont aan hoe dikwijls we ons genoodzaakt zien onszelf iets voor te liegen. Het resultaat is rauw en weinig opbeurend. 'Op aanraden van een arts die gespecialiseerd is in lichte depressiviteit, heb ik besloten sadistisch te worden. Het gaat om de pikorde. Het is vreten of gevreten worden, zei de dokter.' De auteur heeft geen boodschap aan hartverwarmende vertelsels, de bundel ademt nergens hoop uit.

Ieder verhaal volgt geruisloos op het vorige, de inhoudelijke eenheid die daar het gevolg van is, voelt aan als een regelrechte mokerslag. 'Luchtbellen' leest daardoor meer als een roman dan een verzameling van verhalen. Zo mogelijk nog meer overtuigt de auteur door telkens opnieuw die onversneden gevoelens in te kapselen in verhalen van met moeite een drietal pagina's, slechts een kiem van een verhaal. Die miniatuurtjes volgen elkaar in ijl tempo op, evenzo met de onderhuidse tragedie die zich onvermijdelijk voltrekt in het leven van elk van de personages. Je leeft alleen, je sterft alleen.

Ondanks die standvastige, monotone teneur van volslagen vertwijfeling weet ze ook te verrassen. In 'Pier' wikkelt ze haar gortdroge cynisme in een voor deze bundel behoorlijk abstracte vertelling. 'Zo bekeek de beminde vrouw gegeneerd en zwijgend de voortgang van de stoet wormen die uit de dierenvacht van haar minnaar kwam en naar het einde, naar het vuur, kroop, als een orgasme.' Finaal grijpt ze terug naar haar visie dat het meestal verkeerd uitdraait wanneer twee mensen één willen worden.

Glashelder schrijft ze de meest uiteenlopende emoties neer. In 'Quentin' geeft de verteller vorm aan haar relatie met een gelijknamige man. Vooral de minimalistische invulling ervan trekt de aandacht. 'Samen is achterlijk. Wij verzetten ons tegen het bijwoord, tegen de afkorting, tegen iets wat wij als een bedreiging beschouwen.' Maakt de verteller zich wijs dat er echt sprake is van een relatie of is de betekenis die zij eraan geeft wederzijds? De auteur zet onze stereotiepe invulling van verbondenheid op de helling, minstens daagt ze uit tot een beraad over deze kwestie die meestal als vanzelfsprekend wordt afgedaan.

In 'Luchtbellen' lijkt het wel alsof Castillon weinig op heeft met de capaciteiten van de mens om een relatie tot een goed einde te brengen. 'Hebben jullie het gevoel dat jullie alleen samen compleet zijn?' De verhalen zijn monologen, hoogstens denkbeeldige dialogen die er eigenlijk al lang niet meer toe doen. De schade valt niet te herstellen, de hoop is uit het leven gevloeid. Met resultaat hanteert Castillon het vaak gedebiteerde 'minder is meer'. Haar stijl is uitgebeend, ontdaan van verhaallijnen die nergens heen leiden. In een literaire razernij voltrekt zich over de bladzijden van dit boek het menselijk drama.

Details Fictie
Originele titel:
Les bulles
Auteur: Claire Castillon
Uitgeverij: Ambo|Anthos
Jaar:
2012
Aantal pagina's:
169

Nieuwsbrief 7/7